Verzamelbrief circulaire economie
Brontekst
Versie ac26fa502242b3e9 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202532 852GrondstoffenvoorzieningszekerheidNr. 324 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 12 december 2024Met deze brief ontvangt de Tweede Kamer informatie over de volgendeonderwerpen op het gebied van circulaire economie:1.Stand van zaken gespreksbegeleider VNG en Verpact;2.Publicatie onderzoeksrapport «Plastic in de bouw»;3.Subsidieregeling circulair implementeren en opschalen;4.Handreiking einde-afval pyrolyseolie;5.Publicatie onderzoek persistente organische verontreinigendestoffen in assen en roeten uit houtkachels;6.Start inspraak Circulair Materialenplan (CMP);7.Stand van zaken evaluaties statiegeldregelgeving en recycling- enhergebruikdoelstellingen;8.Verkenning mogelijkheden voor huisvesten circulaire activiteiten inleegstaande winkels;9.Werkprogramma 2024 -2026 Speciaal RegeringsvertegenwoordigerCirculaire Economie;10.Publicatie uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV)vistuig;11.Stand van zaken terugdringen sigarettenfilters in het zwerfafval;12.Opvolging ILT-rapport «Used vehicles exported to Africa».Stand van zaken gespreksbegeleider VNG en VerpactOp 25 september jl. is de Tweede Kamer geïnformeerd dat de Verenigingvan Nederlandse Gemeenten (VNG), de Nederlandse vereniging voorafval- en reinigingsdiensten (NVRD) en de producentenorganisatie voorverpakkingen Verpact onder begeleiding van dhr. Dick Benschop zijngestart met de gesprekken om te komen tot nieuwe afspraken over deinzameling van PMD-afval.1 De partijen zijn nog steeds met elkaar ingesprek. Het doel is om zo snel mogelijk tot nieuwe afspraken te komen.De partijen zijn overeengekomen om de bestaande afspraken met een jaar1Kamerstuk 32 852, nr. 318 kst-32852-324ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3241 te verlengen, zodat zij voldoende tijd hebben om te komen tot nieuweafspraken en vervolgens ook tijd hebben voor implementatie. Op ditmoment kan ik nog geen verdere informatie delen over de vorm eninhoud. De Kamer zal na afronding van het proces worden geïnformeerdover de resultaten.Publicatie onderzoeksrapport «Plastic in de bouw»Vanuit de ambitie om de kunststofketen in 2050 te sluiten, is plastic in debouw geïdentificeerd als een prioritaire productgroep binnen hetNationaal Programma Circulaire Economie (NPCE). In het NPCE iseveneens aangekondigd dat er een verkenning gedaan zal worden naartoepassing van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) voorplastic in de bouw per 2025. In opdracht van IenW heeft FFACT hieronderzoek naar gedaan. Het bijgevoegde rapport «Plastics in de bouw»verkent de mogelijkheden om het instrument uitgebreide producentenver-antwoordelijkheid (UPV) in te zetten voor plastics in de (woning)bouw engaat uit van zes specifieke plastic productgroepen (leidingen, gevelele-menten, isolatie, dakbedekking, lichtkoepels en vloeren) die samen hetovergrote deel vormen van het toegepaste gewicht in de (woning)bouw-sector.Het onderzoek toont aan dat er sprake is van een heterogene markt metlang-cyclische producten (gebruik van 50 tot 100 jaar), waarbij desamenstelling van oude en nieuwe plastics verschilt. Vanuit de zesproductgroepen hebben verschillende brancheorganisaties systemenopgericht voor inzameling en recycling en wordt circa 30 procent van hetplastic binnen de productgroepen na gebruik gescheiden ingezameld, deresterende 70 procent belandt in gemengde afvalstromen. Het gaat hierom vrijwillige initiatieven die niet wettelijk handhaafbaar zijn.Het rapport bevat een aantal aanbevelingen. IenW bestudeert dezeaanbevelingen en betrekt hierbij het Ministerie van Volkshuisvesting enRuimtelijke Ordening. Hierbij kijken we ook naar de samenhang metlopende beleidsinitiatieven op het vlak van circulair bouwen, zoals hetAkkoord Circulaire Geveleconomie en het Bouwmaterialenakkoord, encirculaire projecten in de bouwsector die lopen met financiering van hetVersnellingshuis Nederland Circulair!. In het eerste kwartaal van 2025wordt u hierover verder geïnformeerd.Subsidieregeling circulair implementeren en opschalenIn het NPCE2 is een stimuleringsprogramma ter ontwikkeling enopschaling van recycling en hergebruik aangekondigd. Dit stimulerings-programma is gerealiseerd in de vorm van een subsidieregeling voorcirculair implementeren en opschalen3 binnen de subsidieregelingcirculaire economie. Met deze subsidie kunnen bedrijven nieuweinnoverende circulaire projecten implementeren of succesvolle circulaireprojecten opschalen. Op deze manier worden bedrijven gestimuleerd voorcirculaire in plaats van lineaire activiteiten te kiezen en worden circulairekoplopers beloond door deze succesvolle ondernemers te helpen met hetopschalen van hun bedrijf.De subsidie kan worden ingezet voor hergebruik, voorbereiding voorhergebruik, reparatie, opknappen, herproductie en/of het faciliteren vanhoogwaardiger recycling. De in aanmerking komende productgroepen zijn2Kamerstuk 32 852, nr. 2253Staatscourant 2024, 38228 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen(officielebekendmakingen.nl)Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3242 elektrische en elektronische apparatuur, textiel, luier- en incontinentiema-teriaal, herbruikbare bekers en maaltijdverpakkingen en meubilair. Desubsidieregeling is in lijn met de in 2023 aangepaste EU regels voorstaatssteun en is ontworpen om maximale toegevoegde waarde tehebben met bestaande financieringsinstrumenten zoals de DemonstratieEnergie- en Klimaatinnovatie (DEI+) en de Versnelde klimaatinvesteringenindustrie VEKI. Uit de internetconsultatie4 van de ontwerp-subsidie-regeling bleek de behoefte aan een dergelijke ondersteuning uit de zeerpositieve reacties van bedrijven, brancheverenigingen, publiek-privategeldverstrekkers en burgers. De subsidieregeling zal op 30 januari 2025worden opengesteld voor aanvragers.Handreiking einde-afval pyrolyse-olieOp verzoek van de sector heeft het Ministerie van IenW een concepthandreiking opgesteld voor de einde-afvalstatus voor pyrolyseolie. Deze isbesproken met de sector en na het verwerken van de laatste wijzigingenwordt de handreiking naar verwachting eind dit jaar gepubliceerd.Handreikingen hebben gezaghebbende waarde, maar zijn niet juridischbindend. Een handreiking geeft in detail uitleg over het toepassen van deafvalstoffenwet- en regelgeving voor een bepaald materiaal, inclusief devereisten voor het behalen van de einde-afvalstatus.In dit geval beschrijft de handreiking onder welke omstandigheden depyrolyseolie de einde-afvalstatus heeft bereikt. Materialen met deeinde-afvalstatus vallen niet langer onder de afvalstoffenwetgeving, maaronder de stoffen- en productwetgeving die op dat materiaal vantoepassing is. Deze handreiking helpt bedrijven om sneller de beoordelingte doorlopen om te bepalen of pyrolyseolie in hun geval de einde-afvalstatus heeft bereikt. Ook helpt de handreiking het bevoegd gezag bijeen uniforme beoordeling van de einde-afvalstatus van pyrolyseolie.Publicatie onderzoek persistente organische verontreinigendestoffen in assen en roeten uit houtkachelsVanaf 1 januari 2025 treedt een wijziging in werking in de EuropeseVerordening betreffende persistente organische verontreinigende stoffen(POP’s)5, die betrekking heeft op de concentratiegrenswaarde van tweezeer zorgwekkende stoffen. Voor huishoudelijke assen en roeten vanhoutstook gaat dan een concentratiegrenswaarde gelden van 5 micro-gram per kilogram voor de som van polychoor dibenzo-p-dioxinen-furanen (PCDD/F’s) en dioxine-achtige polychloorbifenylen (dl-PCB’s).Boven deze concentratiegrenswaarde worden deze assen en roeten alseen gevaarlijke afvalstof gekwalificeerd.Om te onderzoeken of dit het geval is voor Nederlandse huishoudensheeft IenW een onderzoek laten uitvoeren door ingenieursbureau Tauw.De hoofdconclusie van het bijgevoegde rapport is dat de PCCD/F’s endl-PCB’s concentraties in vrijwel alle monsters ver onder de nieuweconcentratiegrenswaarde zaten. Er zijn dan ook geen aanpassingen nodigvoor de afvalverwerking van huishoudelijke assen en roeten als gevolgvan de beschreven wijziging van de POP-verordening. Het is welbelangrijk te benadrukken dat PCDD/F’s en dl-PCB’s chemische stoffen zijndie nauwelijks afbreken in het milieu. Daarom blijft het advies om assenen roeten uit houtkachels weg te gooien bij het restafval.4Overheid.nl | Consultatie Subsidieregeling circulair implementeren en opschalen(internetconsultatie.nl)5Verordening (EU) 2019/1021Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3243 Start inspraak Circulair Materialenplan (CMP)In de Kamerbrief «Stand van zaken uitwerking Circulair Materialenplan»6van 19 december 2023 is aangegeven dat het CMP in het najaar van 2024in de inspraak zou worden gebracht. De ontwikkeling van hetontwerp-CMP is inmiddels afgerond en daarmee is ook de planning voorde inzage geconcretiseerd. In de uitwerking van de te doorlopen stappenis duidelijk geworden dat de inspraakperiode van zes weken deels samenzou vallen met het Kerstreces. Betrokken stakeholders zoals bedrijven enbevoegde gezagen hebben aangegeven dit zeer onwenselijk te vinden.Het beperkt de mogelijkheid om het omvangrijke ontwerpplan goed tebestuderen en met leden en brancheverenigingen af te stemmen om tekomen tot een gedegen zienswijze. Het is belangrijk dat hier voldoendetijd voor beschikbaar is. De inzage van het ontwerp-CMP zal daaromstarten op 8 januari 2025. Deze verschuiving van de inspraakperiode heeftgeen gevolgen voor de inwerkingstredingsdatum van het CMP, dievoorzien is voor eind 2025. Wanneer de inspraakperiode start, zal hetontwerp-CMP ook met de Kamer worden gedeeld.Stand van zaken evaluaties statiegeldregelgeving en recycling- enhergebruikdoelstellingenZoals in de verzamelbrief circulaire economie van 25 september 20247 isaangegeven, worden dit jaar zowel de statiegeldregelgeving als derecycling-en hergebruikdoelstellingen voor verpakkingsmateriaalgeëvalueerd.8 Deze evaluaties lopen op dit moment. De afronding wasvoorzien voor eind 2024, maar er blijkt meer tijd nodig te zijn om deevaluaties zorgvuldig uit te voeren. Het streven is dat beide evaluaties zosnel mogelijk en zorgvuldig worden afgerond. In het voorjaar van 2025wordt de Kamer geïnformeerd over de evaluaties, met hierbij een eerstereactie over hoe opvolging zal worden gegeven aan de uitkomsten.Verkenning mogelijkheden voor huisvesten circulaire activiteitenin leegstaande winkelsNaar aanleiding van het debat in de Eerste Kamer over de begroting heeftIenW een toezegging9 uitgevoerd door aan de Minister van EconomischeZaken de suggestie door te geven dat de leegstand van winkels mogelijkkan worden verminderd door circulaire activiteiten (zoals reparatiewerk-zaamheden) in deze panden te huisvesten. Aan het ministerie is gesugge-reerd deze mogelijkheden mee te nemen in de initiatieven die de Ministervan Economische Zaken ontwikkelt in het kader van «ruimte voorbedrijvigheid».Werkprogramma 2024 – 2026 Speciaal Regeringsvertegenwoor-diger Circulaire EconomiePer 1 juli 2024 is Steven van Eijck gestart als Speciaal Regeringsvertegen-woordiger Circulaire Economie (SRCE). De functie van SRCE is eerderaangekondigd in het Nationaal Programma Circulaire Economie2023–2030. De SRCE heeft als taak een versnelling in de transitie naar eencirculaire economie te realiseren, in samenwerking met overheden,6Kamerstuk 30 872, nr. 2967Kamerstuk 32 852, nr. 3188Dit is bepaald in artikel 16 van het Besluit Beheer Verpakkingen. Hierin staat dat de artikelen 5a,6, 6a en 12 uit dit Besluit worden geëvalueerd op doeltreffendheid en effecten. Deze artikelengaan over statiegeld en jaarlijkse doelstellingen voor recycling en hergebruik voor de materi-aalstromen glas, papier en karton, plastic, ferrometaal, aluminium en hout.9Toezegging T03862Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3244 bedrijven en (maatschappelijke) organisaties. Hierbij zend ik uw Kamerhet werkprogramma 2024–2026 van de SRCE, dat is opgebouwd langs devolgende lijnen:1.Forceren van inhoudelijke doorbraken;2.Concretiseren van de CE-doelen voor 2030 en bijdragen aan dedoorontwikkeling van de governance;3.Mobiliseren van de inkoopkracht van overheden;4.Bijdragen aan en uitdragen van een vernieuwd narratief;5.Aansluiten bij CE-ontwikkelingen in Europa.Het werkplan is een dynamisch document.Publicatie uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV)vistuigDe Europese Single-Use Plastics (SUP)-richtlijn10 schrijft voor dat lidstatenuiterlijk 31 december 2024 een UPV voor kunststofhoudend vistuigmoeten hebben geïmplementeerd om zo producenten financieel enorganisatorisch verantwoordelijk te maken voor het vistuig wanneer het inde afvalfase komt.Met de vaststelling van het Besluit kunststofverpakkingen voor eenmaliggebruik11 (hierna: Besluit) op 3 juli 2021 zijn hiervoor de eerste bepalingenten aanzien van een jaarlijks minimum inzamelpercentage in werkinggetreden, vastgelegd in artikel 6. Op 7 november 2024 is de Regelinguitgebreide producentenverantwoordelijkheid vistuig (hierna: Regeling)gepubliceerd in de Staatscourant12. Met de publicatie van de Regelingworden de meldings- en verslagleggingformulieren voor producentengepubliceerd, wordt de inwerkingtreding van artikel 7 van het Besluitgeregeld en wordt het implementatietraject van de UPV vistuig afgerond.Stand van zaken terugdringen sigarettenfilters in het zwerfafvalOp 19 april 2023 ontving de Kamer de brief over beleidsopties voor hetterugdringen van sigarettenfilters in zwerfafval13. Hierin werd een aantalvervolgstappen benoemd. Ik wil u graag kort meenemen in de stand vanzaken.Het kabinet heeft aangekondigd een onderzoek te zullen doen naar de(on)mogelijkheden van een nationaal verbod op sigarettenfilters. Ditonderzoek heeft vertraging opgelopen omdat de zoektocht naar de juisteopdrachtnemer meer tijd vraagt dan verwacht. Het streven is om u deuitkomsten van het onderzoek in de loop van 2025 te doen toekomen.Daarnaast is onderzoek toegezegd naar het draagvlak bij gemeenten vooreen rookverbod op stranden. Het onderzoekrapport is inmiddelsopgeleverd en vindt u als bijlage bij deze brief. In de loop van 2025 zal deKamer worden geïnformeerd over de opvolging van dit onderzoek.Ten slotte bent u al eerder geïnformeerd over de communicatietoolboxbewustmakingsmaatregelen sigarettenfilters14. Momenteel wordt detoolbox verspreid onder de beoogde doelgroepen. Zo is er tijdens hetzwerfafvalcongres voor gebiedsbeheerders op 20 november jl. eendeelsessie aan gewijd en wordt de toolbox de komende periode actiefonder de aandacht gebracht bij alle relevante sectoren.10Directive (EU) 2019/90411https://wetten.overheid.nl/BWBR0045257/2023-04-0512https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-34970.html13Kamerstuk 32 872, nr. 29114Kamerstuk 32 852, nr. 315Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3245 Opvolging ILT-rapport «Used vehicles exported to Africa»In oktober 2020 heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) hetrapport «Used vehicles exported to Africa» gepubliceerd15. Hieruit bleekdat een groot deel van de ca. 80.000 oudere auto’s met een lage emissie-standaard die jaarlijks uit Nederland worden geëxporteerd, naar landenbuiten de EU gaan. Hiervan wordt een kwart naar Afrika geëxporteerd. Deeigenschappen van deze auto’s komen sterk overeen met de ruim 200.000auto’s die jaarlijks in Nederland worden gesloopt. Deze voertuigen hebbeneen negatief effect op het milieu, de gezondheid en veiligheid op de wegin importerende landen. De praktijk was dat de ILT alleen de export vanzulke voertuigen tegenhield op grond van de Europese VerordeningOverbrenging Afvalstoffen (EVOA) als het om evidente wrakken ging. Inhet rapport werd voorgesteld om in het vervolg in zulke gevallen strikternaar de rijwaardigheid (veiligheid en milieueisen) van de auto te kijken enom door middel van criteria scherper het onderscheid tussen afval(autowrak) en product (nog te gebruiken auto) te kunnen maken.Met de Kamerbrief van 30 november 202016 is het ILT-rapport aan deKamer aangeboden. Daarbij is tevens de toezegging17 gedaan om deEuropese Commissie op te roepen om met een EU-aanpak te komen voorverbeterde en gecoördineerde controle op de export van voertuigen eneen verkenning door de ILT naar de mogelijke minimale kwaliteitseisendie gesteld kunnen worden aan exportvoertuigen. Doel van beide acties isdat vanuit Nederland alleen voertuigen worden geëxporteerd die geschiktzijn voor gebruik in het land van bestemming en dat de resterendevoertuigen beschikbaar blijven voor hoogwaardige recycling inNederland. Mede namens de ILT breng ik u met deze brief op de hoogtevan de stand van zaken en wordt de genoemde toezegging gestandgedaan.Europese Verordening Circulaire VoertuigenNaar schatting worden in de EU jaarlijks 10 miljoen auto’s uit circulatiegehaald: 60% daarvan wordt gesloopt, 10% wordt geëxporteerd en 30%heeft een onbekende bestemming. Zoals toegezegd heeft Nederland inBrussel gepleit voor betere, gecoördineerde controle op de export vangebruikte voertuigen. De Europese Commissie heeft aan deze oproepgehoor gegeven. In het voorstel voor een Verordening betreffendecirculariteitseisen voor voertuigontwerp en het beheer van afgedanktevoertuigen (Verordening Circulaire Voertuigen), dat in juli 2023 isgepresenteerd, is een apart hoofdstuk opgenomen over de export vangebruikte voertuigen18. Dit hoofdstuk voorziet in het benoemen vancriteria om het onderscheid tussen een gebruikt voertuig en een autowrakduidelijk te maken. Ook bevat het voorstel een verplichting voor eengeautomatiseerde controle met bestaande voertuigdatabestanden bijexport, evenals bepalingen over welke informatie aan de douane moetworden verstrekt om een efficiënte controle mogelijk te maken. Dedouane krijgt dus een belangrijke rol toebedeeld. Ook kent het voorsteleen apart hoofdstuk over handhaving, inclusief de verplichting voorhandhaving op export van gebruikte voertuigen. In Nederland bestaat aleen convenant tussen het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat ende douane die voorziet in controletaken door de douane op (mogelijke)afvalexportzendingen.15https://www.ilent.nl/documenten/leefomgeving-en-wonen/stoffen-en-producten/chemische-stoffen-en-mengsels/rapporten/used-vehicles-exported-to-africa16Kamerstuk 35 570 VII, nr. 8717Toezegging 1367418COM (2019) 640.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3246 Verenigde NatiesNaast de stappen die worden gezet op Europees niveau speelt Nederlandook een actieve rol in VN-verband. Ook bij de ontvangende Afrikaanselanden leven namelijk zorgen over voertuigen die worden geïmporteerdterwijl het eigenlijk geen rijwaardige voertuigen zijn. Het United NationsEnvironment Programme (UNEP), het milieuprogramma van de VerenigdeNaties, werkt via het Partnership for Cleaner Fuels and Vehicles en hetprogramma «Safer and Cleaner Used Vehicles for Africa19» nauw samenmet Afrikaanse landen om regelgeving, normen en processen te ontwik-kelen die ervoor zorgen dat alleen gebruikte voertuigen van beterekwaliteit in Afrika worden geïmporteerd. Dit zal grote voordelen opleverenvoor de verkeersveiligheid, het milieu en de economie van deze landen.Daarnaast is er een werkgroep opgericht onder de United NationsEconomic Commission for Europe (UNECE) voor veiligere en schoneregebruikte en nieuwe voertuigen. Deze werkgroep stelt eisen op voorvoertuigen (op het gebied van veiligheid en milieu) en ontwikkeltinspectiemethodes om de naleving te waarborgen. Zuid-Afrika isvoorzitter van deze werkgroep en Nederland, de VS en Kenia zijnco-voorzitters. Daarnaast werd op 29 en 30 November 2022 tijdens de«UNEP high-level African petroleum Ministers meeting on cleaner fuels»in Nairobi door 21 Afrikaanse Ministers en UNEP opgeroepen totstrengere kwaliteitsnormen voor brandstoffen en gebruikte voertuigen.Verkenning ILT naar minimale kwaliteitseisen voor exportvoertuigenZoals toegezegd heeft de ILT, op basis van de genoemde verkenning en inovereenstemming met het voorstel voor de Verordening CirculaireVoertuigen, een aantal criteria benoemd waarop zij voertuigen bij deexport gaat controleren. Hiervoor heeft de ILT een handreiking opgesteld.In 2023 en 2024 heeft de ILT de inhoud van deze handreiking onder deaandacht gebracht van de grootste exporteurs van gebruikte voertuigenen ook online gezet20. Hoewel veel gebruikte voertuigen vanuit Nederlandde EU verlaten, worden er vanuit de Antwerpse haven nog veel meergebruikte voertuigen geëxporteerd. Het belang om samen met België opte trekken is dus evident. Daarom heeft de ILT het initiatief genomen omvoor zowel brandstoffen als voor gebruikte voertuigen in Benelux-verbandtot gezamenlijke criteria te komen die gelden voor de uitvoer vanbrandstoffen en gebruikte voertuigen. Hiervoor is «the Benelux workinggroup on promoting export of cleaner fuels and used vehicles» opgericht.Deze criteria worden momenteel afgestemd met buurlanden. De planningis om deze criteria vanaf begin 2025 toe te passen bij de handhaving. Opmaandag 18 november 2024 is al wel een Benelux-aanbeveling onder-tekend door de relevante Ministers waarin wordt opgeroepen totsamenwerking, ook met landen van bestemming, ten aanzien van deexport van voertuigen21.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,C.A. Jansen19https://www.unep.org/explore-topics/transport/used-vehicles-and-environment/safer-and-cleaner-used-vehicles20https://www.ilent.nl/onderwerpen/producentenverantwoordelijkheid/documenten/leefomgeving-en-wonen/afval/afvaltransport-evoa/factsheets/onderscheid-tweedehands-auto-en-autowrak-afvalstof21M20244-NLsigned-1.pdf https://www.benelux.int/wp-content/uploads/2024/11/M20244-NLsigned-1.pdfTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3247
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.