Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2014–2015 29 477Geneesmiddelenbeleid Nr. 321 MOTIE VAN HET LID VAN GERVEN Voorgesteld 29 april 2015 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat tussen de 50.000 en 133.000 mensen om financiële redenen afzien van het gebruik van door de arts om preventieve redenen voorgeschreven maagzuurremmers, hetgeen een risico vormt voor een toename van het aantal maagbloedingen door medicijngebruik; constaterende dat de conclusie van het NIVEL-onderzoek naar de effecten van de pakketbeperking voor maagzuurremmers vanaf 2012 ruimte laat voor verschillende interpretaties en in tegenspraak is met onderzoek van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik; van mening dat een stijging van het aantal maagzweren en maagbloe-dingen als gevolg van het niet langer vergoeden van maagzuurremmers ongewenst is; verzoekt de regering, het IVM en het Zorginstituut Nederland te vragen het betreffende onderzoek te beoordelen en de Kamer hier tijdig voor de pakketdiscussie in juni 2015 over te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. Van Gerven kst-29477-321ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2015Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 29 477, nr. 321