kst-29544-417ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2012Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2012–2013 29 544Arbeidsmarktbeleid Nr. 417 MOTIE VAN HET LID VAN VLIET Voorgesteld 29 november 2012 De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat cao’s voordelen en nadelen kunnen hebben voor werkgevers en werknemers; overwegende dat het overgrote merendeel van de werknemers niet betrokken is bij de cao-onderhandelingen en daarbij ook niet vertegen-woordigd worden; concluderende dat cao’s desondanks meestal algemeen verbindend zijn; concluderende dat werkgevers en werknemers daarom maximale dispensatiemogelijkheden moeten hebben om in goed onderling overleg afspraken te kunnen maken; verzoekt de regering, de algemeen verbindendheid van cao’s niet langer als uitgangspunt te hanteren, en gaat over tot de orde van de dag. Van VlietTweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 29 544, nr. 417