KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 30 sep 2026 · Tweede Kamer

Jeugdbeleid

Brontekst

De heer Van Houwelingen (FVD): Dank u, voorzitter. Eerder heb ik de minister nog gecomplimenteerd, omdat er na signalen uit de Kamer eindelijk beweging leek te komen in het specialistisch ziekenvervoer, ook voor jongeren; veel jongeren maken daar gebruik van. De nadere uitwerking daarvan blijkt echter een forse tegenvaller, kreeg ik gisteren te horen. De vervoerders krijgen over de tweede helft van 2026 tijdelijk 2% extra vanwege de hele hoge dieselprijzen. Ze hebben hele spannende marges; de helft draait om het verlies. Datzelfde bedrag wordt in 2027 weer verrekend. Kortom, nu 2% erbij — dat is het aanbod — en later gaat hetzelfde bedrag er weer af. Per saldo is dat dus geen structurele compensatie, maar een soort kasvoorschot, een lening. Wat vindt de minister hiervan? Dit betekent eigenlijk dat er niks extra wordt gecompenseerd. Er wordt eigenlijk een lening verstrekt. Waarom kan er door zorgverzekeraars niet worden gewerkt met brandstofclausules die dat snel compenseren? Dat is bij Van Gend & Loos, in het bedrijfsleven, heel gebruikelijk. Die sector zit dus nog steeds in de problemen. Dat is het eerste wat ik even wilde opmerken. Het tweede onderwerp is het incident in Friesland dat naar buiten is gekomen. Ik heb het over dat gezinshuis waar misbruik plaatsvond. Ik las dat — dat is natuurlijk een droevig geval — en dacht: daar hebben we weer een voorbeeld. Er is geen controle. De gecertificeerde instellingen hebben daar sowieso niet de capaciteit voor, vanwege te weinig betekenisvolle contacturen; dat is al een paar keer genoemd. De inspectie is toezichthouder. Stel dat ze hadden aangebeld en de kinderen hadden gesproken, los van de ouders die daar zaten. Dan waren ze er misschien achter gekomen. Maar dat doen ze dus niet, want de inspectie komt alleen maar op het bureau van de zorginstellingen om een kop koffie te drinken. Dit is weer een voorbeeld waarbij ik denk: waarom gebeurt dat niet? Dat gebeurt dus niet. Wij willen graag dat het gebeurt. In het onderwijs hebben we het als Kamer voor elkaar gekregen. De Kamer heeft daarbovenop gezeten. De onderwijsinspectie moet niet alleen naar de schoolbesturen, maar moet ook naar schoollocaties toe. Ik denk dat dat een goede zaak is. Waarom lukt dat maar niet in de zorg? In de brief van de minister lees ik: daar ga ik niet over; we hebben het zo geregeld dat de inspectie daarover gaat. De inspectie is een soort vrijstaat, die zelf bepaalt hoe die haar werk inricht; daar gaan wij als regering, als Kamer, als Nederlandse bevolking niet meer over. Dat kan toch niet zo zijn? Moeten we er niet heel snel voor zorgen — ik hoop dat de Kamer het daarmee eens is — dat wij als Kamer dit soort aanwijzingen kunnen geven? Het kan niet zo zijn dat de inspectie denkt: nou … Het gaat nu niet goed. We moeten iets doen. De inspectie doet niets; dat weten we in ieder geval zeker. Dan de plaatsing in het buitenland; daar is ook al wat over gezegd. We hebben daar een debat over gehad. De minister maakt zich daar gelukkig ook zorgen over. Maar het kan toch niet zo zijn dat onze jongeren in het buitenland worden geplaatst zonder dat we daar toezicht op kunnen houden? Dan kan dan niet, want de inspectie is niet bevoegd in Frankrijk of in Spanje. Dat is hetzelfde als dat je de treinen laat rijden terwijl je weet dat de seinen niet werken. Dan stopt de NS ook met rijden. Dat kan toch niet? Het is eigenlijk een principevraag. Is dat niet voldoende reden om daarmee te stoppen? Ook daar maken we ons heel veel zorgen over.

Versie faccfeef9791f786376bdfb5b50dd4f656d4e231b2c6c631f47bf4825383b782 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 352e0f8223b5dcaa

12 okt 2026 · cd6cd805a93f0714

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van dit debat · Officiële koppeling

Jeugdbeleid

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.