KamerkringInloggen
← Verkenner

Uitspraak · 6 sep 2023 · Tweede Kamer

Vliegveiligheid

Brontekst

Minister Harbers: Dat is destijds toegezegd in de commissie Defensie. De heer Eppink en ook andere sprekers hadden een aantal vragen over de veiligheidscultuur op een luchthaven als Schiphol, in relatie tot de vermeende tekorten aan ervaren personeel. Het stilleggen van de grondafhandeling is de allerlaatste stap die genomen zal worden door de ILT en de Arbeidsinspectie, de NLA. Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het aannemen en behouden van personeel, en voor het borgen van de veiligheidscultuur. Vanuit IenW hebben wij, in overleg met Schiphol, een belangrijke stap genomen. Door het beperken van het aantal grondafhandelingsbedrijven en het aanscherpen van de license to operate, die Schiphol heeft om de veiligheidscultuur te verbeteren, krijgen we een stelselmatige verbetering. Tegelijkertijd is alle handhaving en toezicht die we op Schiphol hebben, bijvoorbeeld vanuit de ILT, natuurlijk ook gericht op veiligheid, veilige omstandigheden en het te allen tijde waarborgen van de vliegveiligheid. Die signalen komen ook binnen bij het ministerie. Die krijgen we door van de ILT als dit gebeurt. We zijn ook nauw betrokken bij het aanscherpen van de license to operate. In de aangescherpte versie zullen afspraken staan die gericht zijn op het verder verbeteren van de veiligheidscultuur. Naar verwachting zal die in november klaar zijn en ingaan op 1 januari. De heer Eppink vroeg wat wij vanuit het ministerie doen om ervoor te zorgen dat er voldoende ervaren personeel voor het onderhoud van vliegtuigen beschikbaar blijft. Hij zal begrijpen dat in de eerste plaats de luchtvaartsector zelf met deze uitdaging aan de slag moet. Het aantrekken van ervaren personeel is op dit moment voor meerdere, zo niet alle branches in Nederland een uitdaging. De luchtvaartsector neemt ook initiatieven om luchtvaarttechnici aan zich te binden. IenW staat open voor verdere initiatieven en denkt hier graag over mee. Zo is er een netwerkdag luchtvaartveiligheid georganiseerd om ervaringen en ideeën uit te wisselen over het aantrekken en behouden van personeel. Daarnaast is in het Nederlands Actieplan voor Luchtvaartveiligheid het aantrekken van gekwalificeerd personeel als veiligheidsinitiatief voor de komende jaren opgenomen. Aan de andere kant hebben we de ILT, die nauw contact houdt met de sector. Zij volgt als inspecteur de ontwikkelingen op de voet en is zich natuurlijk ook zeer bewust van het risico dat een tekort aan personeel gevolgen zou kunnen hebben voor de vliegveiligheid. Dat moet te allen tijde voorkomen worden. Op dit moment heeft de ILT echter geen signalen dat een tekort aan personeel gevolgen zou hebben voor de vliegveiligheid. In het verlengde daarvan kom ik op de werkdruk bij het grondpersoneel. We hebben heel regelmatig overleg met Schiphol, waarin de werkdruk bij het grondpersoneel wordt besproken. We delen het standpunt dat die werkdruk verbeterd moet worden. Dat was natuurlijk ook de essentie van bijvoorbeeld de afspraken die vorig jaar zomer zijn gemaakt. Periodiek hebben we overleg met Schiphol en IenW, waarbij ook de minister van SZW en de FNV aanwezig zijn. Toevallig hadden we dat overleg gisteren nog. Daarin bespreken we dit soort zaken zeer uitgebreid, zeker in het licht van het beperken van het aantal grondafhandelaren en het aanscherpen van de license to operate, die in zichzelf natuurlijk weer aan elkaar verbonden zijn. Schiphol heeft ons geïnformeerd dat daarin met name aandacht zal zijn voor de personeelsinzet bij grondafhandelaren en dat daar niet op bezuinigd wordt, om te voorkomen dat er weer andere risico's worden binnengesleept. Hoe er een en ander er precies uitziet, wordt medio november duidelijk in de aangescherpte license to operate. Een ander aspect van de omstandigheden op Schiphol en de eventuele gevolgen voor de veiligheid betreft vermoeidheid bij piloten. De heer De Hoop vroeg hier aandacht voor. Hij vroeg ook of we statistieken hebben over hoe het hiermee staat bij de Nederlandse luchthavens. De ILT onderkent dat vermoeidheid een mogelijk gevaar is en dat het mede kan leiden tot een risico. Dat is natuurlijk een ongewenste situatie. Alle luchtvaartvoorvallen, onder andere naar aanleiding van vermoeidheid, moeten gemeld worden aan de ILT. De ILT heeft geen reden om aan te nemen dat het risico in algemene zin toeneemt. De precieze vraag van de heer De Hoop was: hebben we daar statistische gegevens over? In deze korte tijd heb ik die niet bij elkaar kunnen zoeken, maar we zullen het nog even nagaan. Ik laat het antwoord dan later aan de Kamer toekomen. Verder inzoomend op de rol en taken van de ILT vroeg de heer De Hoop naar de formatie en de bezetting bij de ILT, ook in relatie tot hoe het in buurlanden geregeld is. Laten we het eerst maar even van buiten naar binnen bezien, van internationaal naar nationaal. Zoals al eerder genoemd in het debat, is de ILT net als andere Europese toezichthouders gebonden aan de internationale luchtvaartverplichtingen van EASA en ICAO. Deze twee organisaties houden daar toezicht op. Het is niet bekend hoe toezichthouders in andere landen hun capaciteit inrichten, behalve dat deze natuurlijk gewoon moeten voldoen aan de voorwaarden en eisen die de beide internationale organisaties stellen. De ILT heeft voor het complete toezichtsveld gekozen voor een risicogebaseerd toezicht. De kern hiervan is dat het toezicht met name daar plaatsvindt waar het risico en de maatschappelijke impact het grootst zijn. Dit laat onverlet dat wij en ILT natuurlijk ook moeten voldoen aan de internationale verplichtingen voor de luchtvaart. We willen daar een tandje verder in gaan. In het kader van de versterking van de Nederlandse Luchtvaart Autoriteit zijn middelen beschikbaar gesteld en ingezet voor toezichthouders. Het doel is het vervullen van een sterkere rol in de luchtvaartsector, opdat we blijven voldoen aan de internationale eisen, we het risicogestuurd toezicht kunnen intensiveren en we daarnaast een gezamenlijk expertisecentrum kunnen inrichten waarmee we weer kunnen inspelen op innovaties in de markt en die snel kunnen beoordelen op eventuele risico's. Daarbij ontwikkelen we een objectieve tool om op basis van de omvang en de complexiteit van de Nederlandse luchtvaartsector objectief te kunnen bepalen hoeveel inspecteurs er nodig zijn, zodat dat ook transparant wordt. Daar zijn we op dit moment mee bezig. De heer De Hoop stelde dat de ILT ook toezicht houdt op de vertraagde uitvoering van de afspraken en vroeg welke doorzettingsmacht daarbij zou gelden. De ILT heeft ons aangegeven dat met name de invoering van een paar maatregelen bij de grondafhandeling is uitgesteld. Daar laten we het niet bij. De ILT heeft Schiphol om een verbeterplan gevraagd. Men zit er bovenop om dat te toetsen. De ILT is sowieso wekelijks op Schiphol om toe te zien op de voortgang van het verbeterplan en kan, wanneer er te weinig voortgang is, sancties opleggen. Zij toetst of Schiphol de acties uit het verbeterplan ook echt opvolgt. Een van de onderdelen van het verbeterplan is het uitbreiden door Schiphol van het eigen toezicht. Dit doen ze in verhoogd tempo, waardoor ze eind dit jaar zelf een staf hebben van 90 fte voor toezicht en handhaving op hun eigen platforms. Schiphol gaat ook ruimte maken op de vliegtuigopstelplaatsen om materieel beter op te kunnen stellen en op te kunnen slaan, en om daar eigenlijk gewoon tot logischere werkstromen te komen. Ik denk dat ik het qua beantwoording van de vragen van de heer De Hoop hierbij kan laten. Ik ga over naar de vragen van de heer Boucke over waterstof.

Versie 4e45c64e0e12a8c03339a160e43a25f89b52539a7ae70cb9a766d386d8245354 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.