statement · 3 jun 2026 · Tweede Kamer
Materieel
Brontekst
De heer Boon (PVV): Dank u wel. De oorlog in Oekraïne heeft laten zien dat een sterke krijgsmacht draait om productiecapaciteit en innovatievermogen. De krijgsmacht die het snelst leert en zich het snelst aanpast, heeft vaak een beslissend voordeel op het slagveld. De PVV wil dat er meer Defensiegeld terechtkomt bij Nederlandse bedrijven. Nederlandse bedrijven geven aan dat zij willen bijdragen aan de opbouw van onze defensie-industrie maar nog te vaak naast opdrachten grijpen, terwijl er miljarden naar het buitenland verdwijnen. Hoe zorgt de staatssecretaris ervoor dat Nederlandse bedrijven beter in positie komen bij defensieopdrachten? Hoe geeft hij Nederlandse bedrijven voldoende zekerheid om te investeren in extra productiecapaciteit, personeel en innovatie? Voorzitter. Uiteindelijk gaat het niet om hoeveel geld Defensie uitgeeft, maar om hoeveel gevechtskracht Nederland daarvoor terugkrijgt. Juist daarom maak ik mij sterk zorgen over de stijgende prijs van defensiematerieel. Hoe voorkomt de staatssecretaris dat deze prijsstijgingen de extra investeringen grotendeels opeten? Voorzitter. Ik sprak recent met onderofficieren van de infanterie. Het viel mij op dat zij aangaven dat de ontwikkeling en aanschaf van nieuw materieel vaak veel en veel te langzaam gaat. Als voorbeeld noemden zij de quads, die op het moderne slagveld steeds vaker worden ingezet. Hun boodschap was eigenlijk heel simpel: geef ons die middelen, zodat we ermee kunnen trainen en ervaring mee kunnen opdoen. Koop desnoods morgen een aantal quads bij een reguliere leverancier, spuit ze groen en begin met oefenen. Het is misschien niet direct het perfecte eindproduct, maar militairen doen wel ervaring op, ontwikkelen tactieken en leren wat wel en wat niet werkt. Nu wachten ze jarenlang, terwijl de oorlogsvoering ondertussen alweer verder is. De vraag is wat de staatssecretaris concreet gaat doen om te zorgen dat eenheden sneller kunnen experimenteren, kunnen oefenen en ervaring kunnen opdoen met nieuwe middelen. Is hij bereid meer ruimte te geven voor tijdelijke aankopen, proefprojecten en experimenten vanuit de werkvloer, zodat militairen niet jarenlang hoeven te wachten voordat zij met nieuwe capaciteiten aan de slag kunnen? Heel specifiek heb ik de vraag: is de staatssecretaris bereid om de wens van de militairen die ik heb gesproken serieus te bekijken en te onderzoeken of er op korte termijn een aantal quads kunnen worden aangeschaft, zodat zij direct daarmee kunnen trainen en ervaring kunnen opdoen? De verf ligt al klaar. Voorzitter. Defensie investeert terecht in veel en nieuw materieel, maar onderhoud bepaalt uiteindelijk of dat materieel ook inzetbaar blijft. Worden onderhoudsbehoeften, reserveonderdelen en onderhoudscapaciteit vanaf de aanschaf voldoende meegewogen of lopen we het risico dat we straks nieuwe systemen hebben aangeschaft maar vervolgens tegen tekorten aanlopen wat betreft onderdelen, monteurs of onderhoudscapaciteit? Verder maakt de PVV zich zorgen over GrIT. We zien opnieuw een groot en complex IT-project met enorme financiële belangen. Nederland heeft inmiddels een lange geschiedenis met ontspoorde overheids-ICT. Waarom is de staatssecretaris ervan overtuigd dat het met dit project niet dezelfde kant op gaat? Kan hij daarnaast aangeven welke onderdelen van GrIT momenteel de grootste risico's vormen en hoe wordt voorkomen dat de operationele inzetbaarheid van de krijgsmacht in gevaar komt wanneer de nieuwe IT niet op tijd wordt geleverd? Afsluitend. De vraag is uiteindelijk niet hoeveel geld we uitgeven. De vraag is hoeveel extra gevechtskracht Nederland daarvoor terugkrijgt. Voorzitter, tot zover.
Versie 274e29b1a8c3ba4738efade50af1ac50cf99066bd9ba10d025227e0dd2106536 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.