Materieel
Brontekst
Versie 274e29b1a8c3ba47 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenStaatssecretaris Boswijk: Dank u wel, voorzitter. "Wie de volgende oorlog vecht zoals de laatste, zal 'm verliezen" is een bekende uitspraak. Omwille van de tijd zal ik heel veel historische anekdotes, waar ik altijd van hou en zoals een aantal van jullie hebben gedeeld, even achterwege laten. Dus ja, we moeten een nieuwe krijgsmacht opbouwen en die moet natuurlijk de lessen implementeren die in Oekraïne worden geleerd. Dat doen we ook, zeg ik er ook meteen maar bij. Daar zal ik zo meteen iets inhoudelijker op terugkomen. Voorzitter. Mijn grootste opdracht als staatssecretaris is het opbouwen van onze krijgsmacht. Minstens zo groot is het verbreden en versterken van het draagvlak voor onze krijgsmacht. In de Kamer werd al een aantal vragen gesteld over vertrouwelijkheid versus versnelling enzovoort. Ik denk dat het allemaal legitieme vragen zijn. Ik hoop daar vandaag wat helderheid en duidelijkheid in te scheppen. Dat gaan we aan de hand van vijf blokjes doen. Allereerst is er dus het blokje vertrouwelijkheid van informatie. Het tweede blokje is inkopen bij Defensie. Het derde blokje is het afbouwen van afhankelijkheden. Het vierde blokje is industrie en innovatie. Ten slotte is er het blokje materieel met wat specifieke vragen over materieelprojecten. Ik begin even met het blokje vertrouwelijkheid van informatie. Allereerst dank voor alle vragen en opmerkingen die zijn gesteld en gemaakt. Ik zeg er wel al eerlijk bij dat de boodschap vanuit de Kamer niet altijd helemaal dezelfde is. Signalen zijn wel verschillend, van "versnellen, versnellen, versnellen; koop zo snel mogelijk quads en schilder ze groen" tot "je moet alle lijstjes afwerken, want we moeten hier op een nauwkeurige manier omgaan met belastinggeld." Allebei zijn ze waar. Ja, we moeten versnellen. Ja, we moeten pragmatisch blijven. Tegelijkertijd hebben we het hier wel over belastinggeld. Daar moeten we op een nauwkeurige manier mee omgaan. Voorzitter. Er werd een beetje het beeld geschetst dat wij minder informatie zouden delen met uw Kamer. Dat is echt niet het geval. Wij delen nog steeds heel veel informatie. We zijn wel meer informatie vertrouwelijk gaan delen, omdat we gewoon niet naïef moeten zijn. Waar we vroeger openlijk communiceerden over welke systemen we waar hadden gekocht, hoeveel, tegen welke prijs en wanneer ze werden geleverd, leven we nu gewoon in een tijd waarin dat niet meer verantwoord is. We zitten in een overgangsfase. Ik zal een voorbeeld noemen. Ik heb in de paar maanden dat ik er nu zit al een aantal keer bepaalde aankopen mogen doen. We communiceren dan niet wat het totaalaantal systemen is. Mensen gaan dan googelen en zeggen: ja, maar vroeger publiceerden jullie dat, dat en dat, en op basis van dit kan ik zeggen dat jullie nu zoveel systemen in huis moeten hebben. Dat is een beetje een gekke situatie. Ik kan dat niet bevestigen en niet ontkennen. In de toekomst zullen we er hopelijk in slagen om de tegenpartijen, de partijen die ons niet altijd goed gezind zijn, iets minder wijs te maken. Daarom doen we dit. Dat doen we dus niet voor de lol. Dus ja, ik vind het ook heel frustrerend, want voor het behoud van draagvlak voor onze krijgsmacht en de investeringen die we doen, is het van essentieel belang dat we de samenleving en u, als volksvertegenwoordiging, zo ver als mogelijk mee kunnen nemen. Ik snap het dilemma dat u als Kamerlid heeft met bepaalde vertrouwelijke briefings, die wij overigens in grote hoeveelheid aanbieden en waar gelukkig ook gebruik van wordt gemaakt, heel goed. Dat is namelijk informatie waar u publiekelijk niks mee kunt. Dat is als volksvertegenwoordiger hartstikke frustrerend. Dat snap ik heel goed. Tegelijkertijd hoop ik dat u ook begrip krijgt voor onze positie door het schetsen van het dilemma. Dan ga ik naar het blokje inkopen bij Defensie. Er zijn in het verlengde hiervan inderdaad eigenlijk al best wel wat opmerkingen gemaakt over het rapport van de Rekenkamer en de opmerkingen en aanbevelingen die daarin zijn gemaakt. Laat ik allereerst zeggen dat wij standaard het DMP-proces hebben. Dat zijn de verschillende te nemen stappen vanaf het moment dat wij denken een bepaalde capaciteit nodig te hebben en een aantal bedrijven te hebben die zouden kunnen leveren tot het moment dat we denken: we gaan het deze partij gunnen. U bent bekend met de procedure. Wij informeren de Kamer over al die stappen, soms vertrouwelijk en soms ook openbaar. Als we dan uiteindelijk overgaan tot de aankoop, is dat altijd met een vierogenprincipe. Er zit dus niet iemand op een zolderkamertje dingen te bestellen. Er zijn altijd meerdere mensen bij betrokken. Bij aankopen kijkt de Auditdienst Rijk ook altijd mee. Dat is ook belangrijk omdat we, ook op verzoek van de Kamer, steeds vaker geen aanbestedingen doen maar gewoon één partij gunnen. Het is omwille van de tijd of omdat we bepaalde bedrijven uit bepaalde landen willen hebben, of juist niet, dat we van deze mogelijkheid gebruikmaken. Dat doen we gewoon conform de Europese regels. Wij zijn van mening dat dat op een goede, ordentelijke manier gaat. De Auditdienst Rijk kijkt ook mee: zijn de bedragen die worden geoffreerd schappelijk? Enzovoort. Tegelijkertijd ligt ook het Rekenkamerrapport er. Wij zijn in goed overleg met de Rekenkamer om te kijken hoe we de procedures beter kunnen doen en die zorgen weg kunnen nemen. Dat zijn dus gesprekken die op dit moment plaatsvinden.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.