KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 19 jan 2026 · Tweede Kamer

Wet werkelijk rendement box 3

Brontekst

Mevrouw Van Eijk (VVD): Oké. Dan specifiek op dit punt. Ik snap dat we naar eenvoud streven. Ik zou het liefst ook eenzelfde definitie hebben in zowel de Wet op de Loonheffing voor de medewerkersparticipatie als in de Wet werkelijk rendement box 3 wat betreft de aandelen in startende ondernemingen. De vraag is echter of dat juridisch houdbaar is, omdat het doel van de uitzondering in de Wet werkelijk rendement een andere is dan de stimuleringsmaatregel rond de medewerkersparticipatie in de Wet op de Loonheffing. Ik vraag mij af of we niet in in allerlei andere discussies terechtkomen als we zo aan die definitie gaan sleutelen dat die niet meer helemaal aansluit bij het doel van de uitzondering in de Wet werkelijk rendement. Volgens mij werd het maken van die uitzondering vooral gedreven door het feit dat het een illiquide karakter heeft. Ik vraag mij af of die dan niet kwetsbaarder wordt. Met andere woorden: ik volg de lijn van eenduidigheid, eenvoud en dezelfde definitie, maar ik denk wel dat we scherp moeten blijven op het eventueel verder inkaderen als het gaat om de Wet werkelijk rendement box 3 om die daar ook juridisch houdbaar te houden en geen discussies te krijgen over aandelen in familiebedrijven, aandelen in mkb's en aandelen in andere bedrijven. Ik maak mij daar zorgen over. Misschien kan de staatssecretaris daar nog iets over zeggen.

Versie 8282b178d0e74c4df56d581b4f1bb53a3194d521d2aa4ba0f91a61634d44ee64 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.