Wet werkelijk rendement box 3
Wet werkelijk rendement box 3
statement · 19 jan 2026 · Tweede Kamer
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ik vraag dus naar het budgettaire verschil tussen aanwas, hybride en winst, want dan heb je volgens mij een goed debat. Ik vraag dit ook, omdat heel veel partijen dit al jarenlang boven de markt laten hangen. Ik vind dat als wij als Kamer, als politiek het vertrouwen willen vergroten, we ook eerlijk moeten zijn. Als wij met elkaar niet bereid zijn dat geld uit te trekken — dat geldt voor mijn partij — dan moeten we gewoon de eerlijke conclusie trekken dat het geen vermogenswinst wordt. Als partijen het wel willen, mag dat ook, maar zeg dan hoe je het gaat betalen. Maar dat heb ik nog niet een partij hier horen doen in de afgelopen jaren. Voorzitter. Behalve over de budgettaire verschillen tussen die varianten heb ik ook nog een aantal vragen over de budgettaire raming bij dit wetsvoorstel. In het basispad daalt de opbrengst van het oude stelsel van zo'n 9 miljard naar 7 miljard in 2060. Hoe komt dat nou precies, vraag ik de staatssecretaris. Ik lees in de toelichting dat het komt doordat de hoge waardestijgingen uit het recente verleden niet onbeperkt kunnen worden volgehouden in de toekomst. Is er een nadere onderbouwing van waarom dat de afgelopen jaren wel zo was, maar over 30 jaar niet? Ik ben benieuwd hoe dat zit. Als het inderdaad klopt, zou ik verwachten dat ook bij deze nieuwe wet de opbrengst moet afnemen in de komende jaren. Als het forfaitaire rendement afneemt, zou je denken dat er ook iets gaat gebeuren met het werkelijke rendement. Ik ben benieuwd hoe dat zit. Tot nu toe is dat voor mij een raadsel. Een ander pijnpunt bij het voorstel heeft betrekking op de uitvoering. Daarover is al veel gezegd door mijn collega's. Van deze uitvoeringstoets wordt niemand hier vrolijk, denk ik. Er zijn vier rode vlaggen en één gele vlag, en er is structureel 900 fte nodig voor dit wetsvoorstel. De Belastingdienst erkent zelf al: het gaat de komende jaren niet lukken om al deze mensen te werven. Dit leidt tot verslechterde dienstverlening en een achterblijvend niveau van toezicht. Volgens mij krijgen alle partijen hier buikpijn van zo'n uitvoeringstoets. Als zo'n toets voorbijkomt, moet je normaal gesproken als Kamer zeggen: zo'n wet sturen we terug. Maar het lastige is: wat is het alternatief? De huidige situatie is namelijk ook een drama qua uitvoering en over de oude situatie wordt gezegd dat dat juridisch niet meer mag. Eigenlijk lijkt het er dus op dat we als Kamer heel weinig keuze hebben. Ik doe nog één laatste poging bij de staatssecretaris. Is er echt alles aan gedaan om deze uitvoeringstoets minder slecht te maken? Zijn er nog manieren over waardoor wij als Kamer de komende — hoelang hebben we nog? — twee maanden kunnen bijsturen om deze wet beter uitvoerbaar te maken? Ik vind het eerlijk gezegd echt zonde van onze broodnodige mensen dat hier 900 fte aan gaat werken. Als we niet kunnen bijsturen, wat gaat er in de komende jaren dan gebeuren als dat aantal mensen niet kan worden aangenomen? Denk bijvoorbeeld aan het aantal waarderingsexperts, want daarvan zegt de staatssecretaris: dat gaat waarschijnlijk niet lukken; ik ga het oplossen met extra data. Wat betekent dat precies? Voorzitter. Een ander risico bij dit voorstel, en eigenlijk bij belasting in het algemeen, is belastingontwijking of zelfs -ontduiking. Daarom vraag ik: heeft de staatssecretaris alle potentiële constructies scherp op het netvlies? Hoe gaat de Belastingdienst bijvoorbeeld onderscheid maken tussen beleggen in kunst, dat wel belast is, en kunst voor eigen gebruik, die niet belast is? Ik ben zelf geen kunstbelegger of liefhebber, maar dat klinkt alsof er een heleboel grensgevallen mogelijk zijn. Ik hoor graag hoe de staatssecretaris dit uitvoerbaar maakt, ook voor mensen zelf. Dan de hypotheekrenteaftrek.
Versie 8282b178d0e74c4df56d581b4f1bb53a3194d521d2aa4ba0f91a61634d44ee64 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Wet werkelijk rendement box 3
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.