KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Burgerschap en participatieve democratie

1 okt 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie afd80f90f4c941fb · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Minister Heerma: Ik verwijs naar een uitspraak van de Hoge Raad in een rechtszaak die destijds tegen de Staat is aangespannen en die de Staat ook verloren heeft. Daar ging de brief van mijn voorganger over. Ik heb daar zojuist over gezegd dat ik dat nu aan het bestuderen ben en dat ik voor het einde van het jaar met een brief kom. De heer Clemminck vraagt mij of de discussie daarmee klaar is. Dat is een vraag die ik niet kan beantwoorden, omdat die in de Kamer, maar ook bij de rechterlijke macht kan spelen. Daarnaast geldt dat diverse fracties in andere debatten al hebben aangekondigd deze discussie actief te willen voeren bij het debat over de Wet op de politieke partijen. Ik kan de heer Clemminck met alle wil van de wereld nu niet zeggen dat een brief die ik ga sturen het einde van een discussie is. Er is een toezegging door mijn voorganger gedaan in een brief. Ik ben daar serieus naar aan het kijken. Ik verwijs net naar de uitspraak van de Hoge Raad. Ik zal daar voor het einde van het jaar een brief over sturen. De fractie van D66 hield een pleidooi voor de stem van toekomstige generaties — ik weet niet of ik het correct samenvat — en vroeg mij of ik zou willen overwegen een ombudsman voor toekomstige generaties in te stellen. Ik ben het ermee eens dat beleid rekening moet houden met de langere termijn en dat we de belangen van toekomstige generaties goed moeten meewegen. Maar een ombudsman voor toekomstige generaties is wat mij betreft nu niet aan de orde. We borgen de aandacht voor toekomstige generaties al op allerlei manieren, via bijvoorbeeld het Beleidskompas. Het Beleidskompas is dé werkwijze voor het ontwikkelen van beleid bij de Rijksoverheid. In het Beleidskompas is de Leidraad Toekomstgericht Beleid opgenomen. Die leidraad helpt beleidsmakers om gevolgen op de lange termijn en voor toekomstige generaties expliciet mee te nemen. Volgens mij is er in de debatten in beide Kamers heel veel aandacht voor toekomstige generaties. Ik ben niet voornemens, zeg ik naar aanleiding van de vragen van mevrouw Huizenga, om een ombudsman voor toekomstige generaties in te stellen. Mevrouw Kröger vroeg specifiek over het burgerberaad of ik in kan gaan op de hoeveelheid aanbevelingen die overgenomen zijn en hoe ik daarop reflecteer. Omdat het ook heel erg over de inhoud van het burgerberaad gaat, zou ik willen voorstellen om dat te betrekken bij het plenaire debat, zoals dat is geweest, in plaats van dat ik daar nu specifiek op inga. Naar het amendement-Dassen werd volgens mij ook gevraagd. Dat ging over een onderzoek door een derde partij naar hoe burgerberaden een onderdeel kunnen zijn van een representatieve democratie. Hoe staat het met dat onderzoek? Het onderzoek dat vanochtend gepresenteerd is, is ook een antwoord op het amendement-Dassen. Ik zie mevrouw Kröger zuinig kijken, maar volgens mij wordt in dat onderzoek op allerlei vragen ingegaan. Dat kan dus ook betrokken worden bij het debat dat nog gaat komen. Nu kom ik bij de door mevrouw Kröger langverwachte reflectie op het right to challenge. Zij noemde ook het "right to cooperate". Ontwikkelingen zoals het right to cooperate, het right to challenge, ook wel het uitdaagrecht genoemd, en het right to bid zijn allemaal heel interessant. In het kader van de Wet versterking participatie op decentraal niveau, waar ik al iets over gezegd heb en die in 2025 is aangenomen, werken op dit moment gemeenten, waterschappen en provincies aan hun participatieverordeningen. Specifiek het uitdaagrecht is daarin verankerd. De toevoeging van een wettelijk kader zou wat mij betreft op dit moment niet aan de orde zijn, omdat we in de overgangsfase zitten naar het ingaan van deze participatieverordeningen per 1 januari 2027. Tegelijkertijd hebben decentrale overheden volop de ruimte om zelf invulling te geven aan de wijze waarop zij samenwerken met de samenleving. Ze kunnen daarbij ook andere vormen, instrumenten en rechten betrekken. Omdat de participatieverordeningen op 1 januari 2027 ingaan, zou ik voor begin 2027 een brief willen toezeggen om te reflecteren op de overgangsfase die ik zojuist noemde en op hoe het staat met de participatieverordeningen. Daarbij wil ik ook ingaan op zaken die ik zelf ook heel interessant vind, bijvoorbeeld dat right to cooperate. Naar aanleiding van die brief en de gemaakte ervaringen kunnen we de lessen uit de overgangsfase, waar we nu in zitten, naar de participatieverordeningen en ook de bredere, op eigenaarschap gerichte ideeën waar mevrouw Kröger naar verwees, betrekken bij een volgend debat.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · b5c0df48c7591848

12 okt 2026 · 7d8e3b373c217305

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.