Versterking decentraal bestuur (CD d.d. 09/09)
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
Pieter Heerma
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Minister Heerma: Voorzitter. Een drietal moties en nog een enkele vraag. Ik begin bij de motie op stuk nr. 47, van de D66-fractie, in het kader van de afzonderlijke kwalificatie van decentrale politieke ambtsdragers. Ik begrijp de achtergrond van deze motie. Het is belangrijk dat aangiftes van lokale bestuurders en volksvertegenwoordigers voortvarend worden opgepakt. Waar de motie toe oproept, een afzonderlijke beroepenlijst voor lokale bestuurders ten behoeve van politie en OM, valt echter onder de portefeuille van de minister van Justitie en Veiligheid. Ik zou het verzoek willen doen om deze motie aan te houden. Ik zal dan de minister van Justitie en Veiligheid vragen om hier schriftelijk op te reageren en om op de motie in te gaan.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Het verzoek is om de motie aan te houden.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Nee, tot aan het moment dat de brief van de minister van Justitie en Veiligheid. Ik kan nu niet zeggen of die er dan al is.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Dat heb ik op dit moment, in die zeven minuten schorsing, niet kunnen doen, maar die valt onder de minister van Justitie en Veiligheid. Het verzoek is om 'm aan te houden, zodat hij er schriftelijk op in kan gaan.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: De motie op stuk nr. 48, van de heer Vermeer, gaat over de waterschapbestuurders. Daar is in het commissiedebat ook over gesproken. Deze zou ik het oordeel "ontijdig" willen geven. Ik ben hierover in overleg met de minister IenW. Sommige verenigingen bieden al mogelijkheden aan waterschapsbestuurders om deel te nemen aan opleidingen. De minister van IenW is in gesprek met beroeps- en belangenverenigingen om dit mogelijk te maken.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Dan de motie op stuk nr. 49 van de heer Clemminck. Iets over de overweging, en dan over het dictum. Ik wil wel duidelijk aan verwachtingsmanagement doen. Wat mij betreft is het onwenselijk dat één deel van de deelnemers uit een gemeenschappelijke regeling eenzijdig een begroting zal kunnen blokkeren of aanpassen, omdat dat de continuïteit van dienstverlening en taakuitvoering in gevaar kan brengen. Tegelijkertijd vraagt de motie mij om hier aandacht aan te besteden in de gesprekken en in de brief die ik heb toegezegd rondom regionalisering. Met dit verwachtingsmanagement en nu ik heb aangegeven wat ik niet zou willen, zou ik de motie wel oordeel Kamer willen geven, met de volgende toelichting over de spanning die de motie legt tussen de gemeenschappelijke regeling en het budgetrecht van de raad. De WGR regelt de voorwaarden waaronder decentrale overheden samenwerken. Daarin wordt vanuit de WGR een balans gezocht tussen democratische controle en de realisatiekracht voor maatschappelijke opgaven. Ik zal het vraagstuk dat deze motie aansnijdt, betrekken bij de brief die ik voor het einde van het jaar heb toegezegd over de positie van de regio in het bestuurlijke stelsel. Dit element zal ook meegenomen worden in de evaluatie van de WGR, die ik medio volgend jaar verwacht. Indien deze motie wordt aangenomen, zal ik dit in beide meenemen. Maar ik vind ook — volgens mij hebben we het daar in het commissiedebat ook over gehad — dat er wel degelijk een vraagstuk is over waarom er regels zijn bij gemeentelijke en gemeenschappelijke regelingen. Ik ben niet voornemens om dat zomaar eenzijdig op te heffen.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Ik heb de caveat gemaakt die ik gemaakt heb. Tegelijkertijd wil ik het, als deze motie wordt aangenomen, wel meenemen in de brief die ik voor het einde van het jaar stuur en ook in de evaluatie van de WGR, die volgend jaar komt. Daarom geef ik 'm ook oordeel Kamer.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Daarin is hier ook uitgebreid over gesproken.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: De heer Vermeer vroeg nog iets over het NPVR. Ik heb toegezegd dat ik hierop in zal gaan in de eerstvolgende brief over het NPVR, die ik begin 2027 ga sturen. We zijn op dit moment met elf regio's werk aan het maken van uitvoeringsagenda's. Die zijn mede gebaseerd op de plannen voor de regio's waaraan wordt gewerkt. Ik zeg dus toe dat we hier verder op ingaan in de brief die ik begin 2027 zal sturen en dat ik daarmee ook invulling zal geven aan de min of meer gelijkluidende moties van de heer Vermeer en mevrouw Bikker.
Bron, video en gesprek →Minister Heerma: Ik zal even moeten kijken waar ik over ga en waar ik niet over ga, maar er zat ook een link met het gemeenschapsfonds. Over het gemeenschapsfonds heb ik net een brief gestuurd, waarin ik ook verwijs naar de NPVR-regio's. Ik zal er, via die kant van de vraag van de heer Vermeer, aandacht aan besteden.
Bron, video en gesprek →