KamerkringInloggen
← Verkenner

Uitspraak · 11 dec 2024 · Tweede Kamer

Mbo

Brontekst

Minister Bruins: Dan kom ik bij het Fries, voorzitter! Dus nou maar hopen dat het antwoord voldoende is. Naar aanleiding van de motie van het Kamerlid Vedder verkent mijn collega van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op dit moment welke extra artikelen van het Europees Handvest geratificeerd kunnen worden. Ik ben, net als mijn ambtsvoorganger, in ieder geval positief over het ratificeren van artikel 8.1.d, onderdeel iii van het Europees Handvest — ik kan het niet zo mooi in het Fries uitspreken als de heer Soepboer — zoals ook het adviesorgaan DINGtiid mijn voorganger begin dit jaar heeft geadviseerd. Sorry dat ik dat een beetje met een Nedersaksisch accent zeg. Dit artikel roept op het technisch onderwijs en beroepsonderwijs te voorzien in het onderwijzen van de desbetreffende regionale talen of talen van minderheden, als integrerend deel van het leerplan. Dat is in het mbo via het keuzedeel Fries inmiddels mogelijk. Begin 2025 is de verkenning van de minister van BZK klaar. Dan ontvangt de Kamer het besluit van de minister van BZK en kan het ratificatieproces in gang gezet worden, meneer de voorzitter. Dan kom ik bij mijn laatste blokje, overig. Daarin zal ik nog iets zeggen over de bezuinigingen, leerbudgetten en de werkagenda. Ten eerste over de bezuinigingen. Daar werd over gesproken door onder anderen mevrouw Rooderkerk. Dit kabinet heeft structureel 1,9 miljard bezuinigd op de OCW-begroting. Hiervan raakt structureel 95 miljoen het mbo. Ik heb daarbij het woordje "slechts" weggekrast, want 95 miljoen is best veel. Maar 95 miljoen op 1,9 miljard laat wel zien dat ik het mbo heel erg belangrijk vind. Ik ben blij dat de Kamer mij in die opstelling ook warme steun geeft. Maar het blijft 95 miljoen en dat is toch een bezuiniging. Die komt voort uit de subsidietaakstelling. Ik heb ervoor gekozen om een korting te doen op het Regionaal investeringsfonds mbo. Dat is gestart in 2014. Bij afschaffing heeft het dus een looptijd van veertien jaar gehad. Dat was altijd bedoeld als aanjager om samenwerkingen te starten. Ik vind het redelijk om te verwachten dat na deze lange looptijd, deze samenwerking ook zonder subsidie zou moeten kunnen worden voortgezet. Een tweede taakstelling betreft de doorstroom in de beroepskolom. Daarin resteert nog een bedrag van circa 25 miljoen vanaf 2026. Ik wil meer focus aanbrengen om met een beperkt budget toch impact te blijven hebben, onder andere op de huidige arbeidsmarktkrapte. Volgend jaar zal ik de Tweede Kamer verder informeren over hoe ik deze regeling dan wel zal vormgeven. Het derde punt is de subsidietaakstelling vmbo naar havo/mbo. Uit de evaluatie van deze subsidieregeling is gebleken dat er geen aanknopingspunten zijn en dat de regeling direct effect heeft gehad op de onderwijsresultaten van doorgestroomde havoleerlingen of mbo-studenten. De verantwoordelijkheid voor deze begeleiding blijft wel onverminderd een kerntaak van scholen. Veel van de activiteiten die voorheen onder deze regeling vielen, kunnen daarbij gefinancierd worden vanuit de reguliere lumpsumbekostiging van vo en mbo. Daarmee is het mbo relatief ontzien. Maar ik begrijp natuurlijk ook de zorgen, omdat een bezuiniging gewoon toch pijnlijk is. Er werd nog iets gevraagd over een krabbel die ik had gemaakt op een nota: in de lumpsum kieperen met een efficiëntiekorting. Ik heb dat de afgelopen vijf maanden heel vaak op nota's gekrabbeld. Er zijn binnen mijn ministerie best wel heel veel regels, en daarmee heel veel potjes. Dat gaat soms ook gepaard met verantwoordingslasten en administratieve druk. Ik heb de komende jaren ook te maken met een apparaatskorting; er zullen minder ambtenaren op mijn ministerie werken. Maar ik zie ook dat instellingen druk zijn met administratieve lasten en verantwoordingsdruk. Eigenlijk stel ik overal waar ik losse potjes zie de vragen: kan het schot ertussenuit, kan het in de lumpsum en kunnen we dan voor minder geld hetzelfde blijven doen? Zeker in tijden van bezuinigingen, denk ik dat je als minister overal waar je meerdere regels op een begroting ziet staan, verplicht bent de vraag te stellen of het simpeler kan. Kan het met minder beleidsmedewerkers? Kan het met minder administratieve last? Kunnen we hetzelfde geld naar het primaire proces blijven sturen als we ergens een schot tussenuit trekken? Ik schrijf dat dus vaak op nota's. Ik doe dat zodat ik een gesprek kan hebben met ambtenaren over de specifieke plek waar we misschien weer een schot tussenuit kunnen trekken om te kijken of dat nog simpeler kan. Zo ben ik de hele begroting van OCW aan het doorwerken om te kijken: kan het simpeler en kunnen we die instellingen alsjeblieft met minder administratieve druk opzadelen en het gewoon simpeler voor hen organiseren? Dat is goed voor het onderwijs, dat is goed voor een kleinere overheid en daarmee is het goed voor het land. Dus ik schrijf dat vaak op en u zult het nog wel af en toe op nota's zien langskomen. Voorzitter. Het laatste punt in het blokje overig gaat over de leerbudgetten. Dat is een vraag van D66. Ik heb dat vroeger als Kamerlid ook wel "leerrechten" genoemd. Ieder kind heeft vanaf de wieg evenveel recht op leerjaren, en het klopt dat de totale studieduur van studenten in mbo, hbo en wo verschillen. Daarmee verschillen ook de totale uitgaven per student. Ook binnen het verdeelmodel van de rijksbijdrage zitten weer verschillen. Zo gaan er meer middelen naar entreestudenten dan naar niveau 3- en niveau 4-studenten, omdat ze meer begeleiding nodig hebben. Dat is deels zo gegroeid, maar deels zitten er goede gedachten achter en is het ook wel uitlegbaar en rechtvaardig. Wat mij betreft is het geen doel op zich om de uitgaven per student in alle onderwijssectoren precies gelijk te maken, maar wel dat iedere student de opleiding, of een onderdeel daarvan, volgt die het beste past bij zijn of haar leervraag. Een leerbudget kan de drempel voor om- en bijscholing van volwassenen verlagen. Dus als je met name na het initiële onderwijs nog een aantal jaren leerrecht over hebt om tijdens je carrière gewoon weer bekostigd naar school te kunnen gaan ... Dat is een heel mooi onderwerp, waar al sinds de jaren zeventig over na wordt gedacht. Er wordt ook al sinds de jaren zeventig berekend wat dit macro-economisch oplevert, want uiteindelijk ben je dan bij OCW wel meer geld kwijt, want je moet dan meer geld in onderwijs stoppen. Maar uiteindelijk win je dat terug door gezonde, blije werknemers die minder vaak ziek zijn. Dus je krijgt minder uitkeringen en waarschijnlijk meer belastinginkomsten en meer economische groei. Dat langetermijnrendement is moeilijk uitrekenbaar, maar daar zijn wel rekenmodellen voor sinds de jaren zeventig en tachtig. Dit raakt eigenlijk de hele rijksoverheid, niet alleen OCW, maar ook SZW en Economische Zaken. Daarbij speelt dan ook nog dat het bedrijfsleven natuurlijk de grootste financier voor om- en bijscholing tijdens de carrière is, met het verstrekken van ontwikkelbudgetten, al dan niet via de O&O-fondsen. Kortom, dit is een publiek-private monsteroperatie, waar ik als Kamerlid destijds al toe opriep, maar die niet makkelijk is. Ik denk dat dit toch moet beginnen bij het bedrijfsleven en bij de O&O-fondsen, omdat de publieke middelen voor een Leven Lang Ontwikkelen vele malen, een ordegrootte, kleiner zijn dan wat er in de private sector omgaat. Die rol behoort mijns inziens dus primair de werkgevers toe, maar als we er bijvoorbeeld vanuit het ministerie van Sociale Zaken aan kunnen bijdragen om zo'n omwenteling in gang te zetten, dan denk ik dat dit hele mooie gesprekken kan opleveren. De politiek is er ook voor bedoeld om dit soort vergezichten te schetsen, want dit is denk ik ook goed voor de toekomst van ons land. Voorzitter. Dit waren mijn blokjes.

Versie 345526124a4cf63f46223df996415e7753c9a9631d924c5f238cf109c2d493af · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 8174b39ff2c8e158

13 okt 2026 · dc5823cb6a67615b

Gegevens

Officiële bron
Tweede Kamer ↗

Gerelateerde bronnen

Onderdeel van dit debat · Officiële koppeling

Mbo

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.