KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Funderend onderwijs

30 sep 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9791c40aff5305e2 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Staatssecretaris Becking: Er staat ook geen jaartal bij, dus hier kom ik goed weg! We zijn nog in gesprek met verschillende partijen, maar laat ik duidelijk zijn dat ik het doel van de motie ondersteun. Wel zijn we nog bezig met de uitwerking. Ik nodig in algemene zin mannen uit om vooral leraar te worden en voor de klas te staan. Mevrouw de voorzitter. Het lid Rooderkerk sprak over kleinere klassen en vroeg of ik de opvatting deel dat het ideale aantal leerlingen in de klas 21 is en of ik bereid ben om dat streefgetal te hanteren. In algemene zin wil ik daarover zeggen dat de indeling van leerlingen over klassen moet passen bij de pedagogische visie, de onderwijsvisie van de school. Ik wil de scholen wel de vrijheid geven om daar ook zelf keuzes in te maken en dat ze die ruimte ook gewoon houden, omdat we anders weer iets vanuit Den Haag gaan voorschrijven. Kleinere klassen kunnen natuurlijk wel helpen om het werken in het onderwijs aantrekkelijker te maken, maar dat kan bijvoorbeeld ook door de inzet van meer personeel, meer divers personeel. Klassenassistenten en multidisciplinaire teams bieden ruimte en expertise om leraren te ondersteunen en te ontlasten. Er is dus geen ideaal aantal leerlingen. Ik vind het daarom niet logisch om een vast streefgetal te hanteren. Daar komt bij — dat kwam ook al in het debatje voorbij — dat voor kleinere klassen veel extra leraren nodig zijn. Daar heb ik wel wat cijfers over. Een indicatie: om op gemiddeld 21 leerlingen uit te komen op basisscholen met een achterstandsscore, dus alleen op basisscholen met een achterstandsscore, kom je op 1.500 fte's aan extra leerkrachten. Dat is nog veel meer als we dit op alle scholen in het p.o. en het vo zouden willen. Het is 267 miljoen voor scholen met een achterstandsscore en 1,3 miljard voor het hele p.o. Het gaat dus wel echt over gigantische bedragen wanneer we die norm echt gaan hanteren. Dan kom ik bij mevrouw Rooderkerk en mevrouw Beckerman, die vroegen of ik weet hoe groot de klassen nu zijn in het basis- en voortgezet onderwijs. Uit cijfers van 2020 blijkt dat in het basisonderwijs de gemiddelde groepsgrootte 22,9 is, maar er is wel een grote variatie tussen scholen, om de redenen die ik net noemde. Er zijn geen recente cijfers beschikbaar over groepsgroottes in het voortgezet onderwijs, omdat het eigenlijk te ingewikkeld is om te komen tot een gemiddelde groepsgrootte vanwege alle verschillende onderwijssoorten en -methoden en vakken. Ook is het hanteren van een maximale groepsgrootte voor een specifieke schoolsoort ingewikkeld vanwege de brede brugklassen. Voorzitter. Dan kom ik bij mijn derde blokje.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · de512739f176751b

13 okt 2026 · 7710808a6083824f

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.