KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 14 mei 2025 · Tweede Kamer

Mentale gezondheid scholieren en studenten

Brontekst

De heer Uppelschoten (PVV): Dank u wel, meneer de voorzitter. Het is verontrustend dat blijkt dat in ieder geval in het mbo 17% van de studenten worstelt met mentale problemen. Dat speelt ook in het hbo en het wo. Het percentage jonge vrouwen dat met psychische problemen kampt, is in minder dan tien jaar tijd verdubbeld. Bij jonge mannen heeft er zelfs een verdrievoudiging plaatsgevonden. Er lijkt wel iets bijzonders aan de hand. Het is voor de hand liggend om te verwijzen naar het excessieve gebruik van sociale media, de toegenomen stress, de examendruk, de prestatiedruk, de vele verplichtingen die studenten hebben, of zouden hebben, de controle van aanwezigheid van de studenten en de resultaten in geautomatiseerde systemen waardoor er voortdurend zware druk ervaren wordt. De beleidsbrief van de minister was daarom erg welkom. Maar de inhoud was helaas in lijn met de oppervlakkige analyses van zijn voorganger. Is de opeenstapeling van verantwoordelijkheden en werklast de afgelopen jaren wel zo toegenomen? Is de begeleiding van docenten zoveel verminderd? Zijn de financiële zorgen wel zo toegenomen? De studies op basis waarvan de aanbevelingen worden gedaan in de brief van de minister zijn weinig tot niet objectief, maar vooral gebaseerd op de beleving van de student. Het gaat om vragenlijsten, diepte-interviews, enquêtes en ga zo maar door, maar er wordt met geen woord gesproken over objectieve maatstaven. Zijn de curricula nou zoveel zwaarder geworden? Wordt er veel meer getoetst? Is er sprake van een constante beoordeling? Kan de minister hierop reageren? De constatering is evenwel dat in het mbo in ieder geval 80% van de studenten geen mentale problemen lijkt te hebben. Over welke studenten hebben we het als we het hebben over de 17% met mentale problemen? Over welke niveaus en welke opleidingen? In het mbo leeft al veel langer het gevoel dat studenten zich minder gewaardeerd voelen. Dat is maatschappelijk ook zo. Maar hun toekomstperspectief is de afgelopen jaren alleen maar beter geworden, want vakman of vakvrouw zijn of worden, is heel aantrekkelijk. Voorzitter. Vorig jaar sprak de PVV in ditzelfde debat over een betuttelende cultuur. Die blijkt uit alle zorgen over het welbevinden. Daarmee wil ik niet zeggen dat welbevinden niet belangrijk is, maar het gaat met name over de betuttelcultuur. Hoe zal de student reageren op zo veel medeleven en de constante stroom van sympathie voor zijn gevoelens? Willen we de student niet liever een objectieve maatstaf geven waaraan hij zich kan optrekken, in plaats van te buigen voor ieder gevoel van mentale onvrede? Kan het probleem misschien ook begrepen worden als een gevolg van de betuttelcultuur, waarin men liever aardig wil zijn in plaats van hoge standaarden te stellen waaraan jongeren zich kunnen optrekken? Is emancipatie, verheffing en kwalificeren niet het doel van onderwijs? Hoe kijkt de minister hiertegen aan? De PVV heeft met veel interesse de beleidsbrief van de minister gelezen. De toon en de inhoud zijn erg begripvol. Het lijkt alsof het probleem zo opgelost kan worden. Dat is volgens de PVV echter niet het geval. Er zal met name veel meer preventief gehandeld moeten worden. Dit houdt in ieder geval het volgende in. De registratie van het gevolgde onderwijs moet in orde zijn, want je moet kunnen vaststellen hoe aantrekkelijk het genoten onderwijs was. Als leerlingen vaak afwezig zijn, om wat voor reden dan ook, nemen we maar aan dat het ook iets te maken heeft met het genieten van het onderwijs. De begeleiding door docenten moet alerter zijn. De gevallen van suïcide mogen de betrokkenen niet meer verrassen. Dat geldt ook voor het pesten. Er moet aandacht komen voor de financiële zorgen van de studenten. Ze moeten leren omgaan met geld. Ik noem de discussie over de stagevergoeding. Er moet aandacht komen voor een programma om studenten te leren om met obstakels om te gaan, niet alleen tijdens de studie, maar ook in het leven. Je moet kennis krijgen van mentale gezondheid en hoe om te gaan met prestatiedruk, want prestatiedruk hoort bij het leven. Als dit wordt gezien als een obstakel dat je niet kan overwinnen, dan wordt het heel moeilijk. Dit vraagt om het volgende. Dit vraagt om voldoende aandacht voor vroegsignalering op school. Er moet een gevoel van urgentie zijn: dit moeten we zien en dit moeten we weten. Denk ook aan de verspreiding van kansrijke preventieve initiatieven. STORM is al genoemd, maar er zijn meer goede initiatieven. Wij denken dat er een structurele samenwerking zou moeten komen tussen VWS en OCW. Het probleem van de mentale gezondheid is namelijk groter dan alleen het onderwijs. We denken ook aan een betere directe samenwerking tussen de onderwijsinstellingen en de ggz. Dat is niet in de specialistische sfeer, maar dat zit meer op kennis delen door de ggz, waarbij scholen die kennis krijgen. Daar zijn ook goede voorbeelden van. Er kan dan op scholen al veel meer gedaan worden. Dan hoeft er niet zo veel verwezen te worden naar de ggz. Dat was mijn bijdrage.

Versie e5e8b0b6030185e0f366321043ec6d9568da81a546243d22c730106ab31634a3 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.