statement · 2 jul 2025 · Tweede Kamer
Herstel Groningen
Brontekst
Staatssecretaris Van Marum: Dank u wel, voorzitter. Het herstel van schade, het versterken en verduurzamen van woningen en het bieden van een nieuw toekomstperspectief voor Groningen en Noord-Drenthe. Daarvoor stond ik in de afgelopen maanden aan de lat en daar zal ik mij tot een nieuw kabinet aantreedt onverminderd voor blijven inzetten. Dat doe ik niet met grote beleidswijzigingen, maar door nog meer samen te werken, met uw Kamer, maar vooral met de regio, de uitvoering, de bewoners en de maatschappelijke organisaties. Het is goed om uw aandacht en betrokkenheid ook vandaag weer te zien in de Kamer. Ook een hartelijk welkom aan alle mensen die op de tribune zitten, als schademelder of als iemand die er last van heeft, maar ook als bestuurder en vertegenwoordiger van de bewoners. Voorzitter. De bereikte resultaten zullen niet altijd direct te merken zijn voor de bewoners die al te lang in deze ellende hebben gezeten. Maar ik zie dat we wel belangrijke stappen zetten, met als doel een bloeiende regio, waar je fijn kunt wonen, werken en opgroeien en gezond oud kunt worden. Dan ga ik nu over tot de blokjes: versterken, perspectief en sociaal-economische agenda, schadeherstel en overig/agenda voor herstel. Ik begin met het blokje versterken, met uw goedvinden. De afgelopen periode laat zien dat er nog steeds problemen zijn in de versterking die opgelost kunnen en moeten worden. Daar blijf ik volop aan werken, ook in deze demissionaire periode. Proactief, doelmatig en rechtmatig werken is een van mijn vier principes voor deze versterkingsoperatie. Of het nu gaat om mensen die twijfelen over hun beoordelingsrapport, mensen die te lang wachten op een oplossing of mensen van wie het huis versterkt is maar dat nog boordevol bouwfouten zit: ik wil dat er naar deze mensen geluisterd wordt en dat er ook gehandeld wordt als dat nodig is. Ik probeer er ook voor te zorgen dat we daarbij niemand vergeten, zeker de zwaarst getroffen bewoners en bewoners met de complexe situaties niet. Dit betekent dat er ook voor de 88 woningen van Groninger Huis eindelijk duidelijkheid is gekomen. Die komen in aanmerking voor sloop-nieuwbouw. Een groot deel van deze huizen was al versterkt en daarbij zijn fouten gemaakt. Bewoners hadden onder andere last van vocht, schimmel en slechte ventilatie in de woning, met als gevolg ernstige gezondheidsproblemen. Deze bewoners hebben jarenlang het gevoel gehad niet te worden gehoord, met stress en gezondheidsklachten tot gevolg. Mijn medewerkers en ik hebben naar hen geluisterd en daarnaar gehandeld, ook met dank aan de SP, die deze woningen in het zwartboek over Marenland hadden opgenomen. In het najaar bespreek ik dit met de Tweede Kamer en Eerste Kamer. Nadat die hiermee ingestemd hebben, is de oplossing definitief. Ik zal u daar te zijner tijd uiteraard weer over informeren. Ik werd hier net een beetje uitgedaagd omdat er werd gezegd dat ik voor elk huizenblok naar de Kamers moet. Dat is niet waar. Dit was een zodanig complex gebeuren dat hier apart dekking voor gevonden moest worden. Ik doe dat ook met aandacht voor de veiligheid. Daarbij is snelheid niet leidend, maar ik probeer die in balans te brengen met de kwaliteit. Het gaat erom dat ik voor deze bijzondere situatie naar de Eerste en Tweede Kamer moet vanwege het budgetrecht. Dat staat in artikel 105 van de Grondwet. Ik weet zeker dat de twee insprekers, mevrouw Beckerman en de heer Bushoff, mij daarom gevraagd hadden als ik dat niet gedaan had. Ik wil de Kamer daarin niet schofferen. Dit is dus een uitzonderlijke situatie die ook om een uitzonderlijke oplossing vroeg. Die heb ik hiermee gevonden en vanwege het budgetrecht dat jullie hebben, komt die dus weer terug in de Kamer. Snelheid is niet altijd leidend. Maar ik probeer snelheid wel in balans te brengen met de kwaliteit, bijvoorbeeld door mijn keuze om de combinatie van lichte versterking en isolatiemaatregelen mogelijk te maken. Ik heb in dit debat twee onderwerpen gehoord waar ik echt even uitgebreider bij stil wil staan, namelijk de beoordelingsrapporten en de langlopende zaken. Voor ik daarop inga: deze onderwerpen hebben te maken met de kwaliteit van de versterkingsprocessen. In mijn brief heb ik stilgestaan bij hoe de NCG dit gaat verbeteren, bijvoorbeeld door extern toezicht te organiseren in iedere fase van het versterkingsproces. Dit moet leiden tot meer consistentie in de geleverde kwaliteit binnen de gehele versterkingsoperatie, onder andere door een continu leer- en verbeterproces. Dan begin ik nu over de kwaliteit van beoordelingsrapporten. Daarmee geef ik ook antwoord op de vragen van de leden Beckerman, Bushoff en Bamenga. Op 23 juni heb ik uw Kamer een brief gestuurd over het eerste resultaat van een onderzoek door het ACVG naar de kwaliteit van de beoordelingsrapporten. Hieruit blijkt dat er slordigheden zitten in de beoordelingsrapporten en dat de werkwijze en communicatie beter moeten. Wat betreft de beoordelingen die zijn gedaan, met de Praktijkaanpak 2.0, constateert het ACVG dat de berekeningsrapporten in het merendeel van de gevallen ontbreken bij de NCG, doordat die door ingenieursbureaus niet tot een rapport worden uitgewerkt. Dat trek ik me aan. Ik zal eraan werken, want voor mij is één ding gewoon helder: bij elk dossier dat er ligt, geldt dat het volledige pakket van berekeningen en de hele zaak in één dossier aanwezig moeten zijn. Dat heb ik de NCG ook opgedragen. Het goede nieuws is dat het ACVG geen aanwijzingen ziet dat er fouten gemaakt zijn die betrekking hebben op het veiligheidsoordeel. Dat vind ik heel belangrijk. Deze gebouwen zijn dus niet ten onrechte op norm verklaard. Dit stelt mij enigszins gerust. Ik snap namelijk als geen ander dat fouten in de rapporten, zoals een niet-bestaande schoorsteen, als gevolg hebben dat mensen gaan twijfelen over de kwaliteit van de beoordelingsrapporten. Maar nogmaals, deze fouten hebben geen betrekking op het veiligheidsoordeel. Dat oordeel is juist. De kwaliteit van de communicatie over de beoordelingsrapporten laat echter wel te wensen over. Naar aanleiding van de eerste bevindingen van het ACVG heb ik met de NCG afgesproken dat hij alle beoordelingen met de praktijkaanpak gaat reviewen in plaats van risicogerichte reviews uit te voeren, dat hij te allen tijde zorgt voor complete dossiers, ook bij de praktijkaanpak, en dat van de nazorg een standaardonderdeel van het versterkingsproces gemaakt wordt, bijvoorbeeld via een afsluitend gesprek, ook als huizen op norm worden verklaard. Ik heb met het ACVG afgesproken dat het tot het najaar 2025 doorwerkt aan de afronding van de eerste fase van het onderzoek. Daarmee wil ik bereiken dat bewoners meer zekerheid wordt geboden door het ACVG ook te laten doorrekenen en steekproeven in de praktijk te doen. Dan het tweede en laatste punt: langlopende zaken. Langlopende zaken zijn voor mij een van de belangrijkste zaken waar ik aan wil trekken. Ik vind het namelijk echt onbestaanbaar dat mensen zeven, acht jaar of nog langer in de ellende zitten. Ik kan hier heel kort over zijn: dit moet gewoon beter. De NCG heeft daarom op mijn verzoek alle langlopende en complexe zaken in beeld gebracht. Dat zijn er tussen de 200 en 300. De NCG neemt met al deze bewoners uiterlijk voor het eind van het jaar contact op. De bewoners wordt dan een passende oplossing geboden, zodat die weer perspectief hebben en problemen worden opgelost. Ik volg dat ook. Ik heb maandelijks gesprekken met de NCG en ik wil gewoon voortgang zien in die dossiers. De individuele casussen die vanavond genoemd zijn, ontvang ik graag. Die breng ik dan ook onder de aandacht van de NCG. Dat betekent niet dat ik die op het bordje van de NCG gooi. Ik ga die met mijn mensen die ik hier in Den Haag heb, onder de aandacht van de NCG brengen en dan gaan we samen kijken wat er aan de hand is en hoe die opgelost kunnen worden. Ik wil daarbij ook zeggen dat het niet altijd onwil is van de NCG. Het is soms ook de complexiteit van de hele stapel van wat er allemaal geleverd is. Maar door er soms met wat nieuwe mensen met een frisse blik naar te kijken, kun je toch weer beweging in die zaken krijgen. Mevrouw Beckerman stelde een vraag over de Aak in Uithuizen. Daar zitten mensen in onzekerheid. Haar vraag ging specifiek over de mensen uit twee blokken. Zij geeft aan dat maatregel 10, 11, 12 en 16 niet worden nagekomen bij deze bewoners. Ze krijgen bijvoorbeeld geen €2.500 voor het lange wachten, terwijl veel andere mensen die wel krijgen. De Aak is een bijzondere situatie. Het besluit is genomen om daar alsnog voor sloop-nieuwbouw te kiezen voor mensen die eerst een besluit op norm hebben ontvangen. Dat doen we samen met de regio, omdat we verschillen willen dempen. Ik wil ruimhartig zijn met de vergoeding en ik kom hier kort na de zomer bij u op terug. Dan vroegen mevrouw Beckerman en de heer Bushoff waarom niet iedereen uit batch 1588 een vergoeding krijgt. Zoals ik aangaf in mijn beantwoording op Kamervragen van 13 juni van de leden Beckerman en Bushoff, heeft de NCG onderzocht of de bewoners hebben gekregen waar zij recht op hadden. Van de in totaal 88 meldingen van bewoners uit batch 1588 bleek in 31 gevallen dat die onvoldoende budget hebben gekregen om een functioneel vergelijkbare woning terug te kunnen bouwen. Deze bewoners krijgen daarom een aanvullende vergoeding om zo de verschillen die zijn ontstaan te dempen. Bij 57 meldingen hebben bewoners een afwijzing ontvangen, omdat zij bijvoorbeeld al op een andere manier waren gecompenseerd, door middel van maatwerk, of omdat er kosten waren gemaakt voor extra werkzaamheden, zoals verduurzaming. Om de verschillen te verkleinen ben ik met de gemeenten in overleg over welke regelingen we ook voor batch 1588 beschikbaar kunnen maken.
Versie 0d0f7141dff214d615761b3ee49ac38afee1767be47380040b9939f4ce914086 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.