Uitspraak · 8 dec 2025 · Tweede Kamer
Incidentele suppletoire begroting inzake Ternaard
Brontekst
Minister Hermans: Ja, voorzitter, dat zal ik doen. Ik begin met een inleiding, waarin ik ook een aantal vragen, bijvoorbeeld waarom deze casus zo'n unieke casus is, zal beantwoorden en ook hoe dit past in de bredere gesprekken, de verkenning, die wij gestart waren met de NAM. Dat om even de algemene context te schetsen. Daar begin ik mee. Dan zal ik ingaan op alle vragen die gesteld zijn over de overeenkomst en in het bijzonder de financiën, zowel het bedrag als de dekking. Vervolgens ga ik in op een aantal vragen die specifiek over artikelen uit de vaststellingsovereenkomst zijn gesteld. Dan alle vragen met betrekking tot andere projecten bij de Waddenzee. Tot slot heb ik nog een klein blokje overig, waarin ik ook zal ingaan op de herziening van de Mijnbouwwet en het proces daaromtrent. Voorzitter. De heer Jumelet stelde de vraag heel expliciet, maar eigenlijk zat die expliciet of impliciet verscholen in alle bijdragen: wat maakt Ternaard zo'n unieke casus? Ik denk dat dat een terechte vraag is en ik vind het belangrijk om de complexe en unieke context van de situatie bij Ternaard, van het vraagstuk van de gaswinning bij Ternaard, uiteen te zetten. Het is door velen van u gezegd, zeg ik via u, voorzitter: het gebied is UNESCO Werelderfgoed. Daarom gaat het bij het vraagstuk van gaswinning aldaar om gaswinning van onder een uitzonderlijk beschermd natuurgebied, met strenge juridische eisen, intensieve monitoring en grote maatschappelijke en politieke gevoeligheid. Geen van de andere mijnbouwactiviteiten combineert deze omstandigheden in dezelfde mate. Daarmee doe ik niets af aan de gevoeligheid — ook genoemd door onder anderen mevrouw Beckerman, mevrouw Van Oosterhout en mevrouw Teunissen — op andere gebieden, op andere plekken in het land. Daar zal ik zo ook nog op ingaan, maar dit even specifiek over deze casus Ternaard. Dat vraagt van ons als overheid, van ons als politiek, vind ik, dat wij ons maximaal moeten inspannen om dat gebied in zijn huidige staat te behouden, ook voor de generaties na ons. Die roep was luid hier in de Kamer. De motie-Postma is genoemd, maar we hebben ook de motie-Kostić. Ook in de samenleving klonk dat geluid. U heeft zelf ook gerefereerd aan een aantal van de organisaties die zich hierover heel actief hebben laten horen. Dat is één van de redenen geweest dat bij de aanpassing van de Mijnbouwwet, of ik moet eigenlijk zeggen van de Groningenwet, het amendement "geen nieuwe gaswinning onder de Waddenzee" is aangenomen. Ternaard viel echter al onder het overgangsrecht. Alle aanvragen die gedaan waren voor 1 mei 2024 vielen nog onder het overgangsrecht; die moest ik dus nog conform de oude regels beoordelen. Dat gegeven, gecombineerd met de adviezen die er lagen, gaven geen juridische grond om instemming met het winningsplan te weigeren. Daarmee kwam ik in een situatie terecht waarin ik vind dat, als je een betrouwbare overheid wilt zijn naar iedereen, naar alle kanten en naar alle partijen toe, weigeren op grond van de Mijnbouwwet niet mogelijk was. De Raad van State had ons toen al twee keer op de vingers getikt, inclusief een last onder dwangsom, van "neem een besluit!" Dat alles bij elkaar maakt dit een unieke casus. Het maakte voor mij en het kabinet dat het nemen van een besluit met het sluiten van deze overeenkomst onvermijdelijk was en in mijn ogen dus noodzakelijk. Voorzitter. Dan een paar dingen over waarom NAM akkoord is gegaan. De heer Kops vroeg, volgens mij: als het niet alleen commercieel was, welke overwegingen heeft NAM dan gehad? Voor mij staat voorop en gaat het erom dat het gelukt is om tot deze overeenstemming te komen met NAM. Ik wil ook oppassen voor invullen wat voor de NAM overwegingen of beweegredenen geweest zijn om uiteindelijk ja te zeggen. Ze hebben mij daarover gezegd, en ze schrijven dit ook op hun website, dat er aan de ene kant bij NAM teleurstelling is dat een proces dat tien jaar heeft geduurd, een project waaraan NAM lang heeft gewerkt, niet doorgaat en dat het aan de andere kant goed is dat er nu eindelijk duidelijkheid komt voor alle betrokkenen. Ik vind persoonlijk dat laatste positief, zeker voor alle bewoners die zo lang hebben moeten wachten; dan zou er een besluit komen en dan kwam het er toch niet, en dan werd het nog even vooruitgeschoven om allerlei redenen. Daar kunnen we ook nog uitgebreid op terugkijken, maar volgens mij gaat het nu echt sec om de afspraak die voorligt. Die duidelijkheid, die rust is voor iedereen positief, wat je ook van de uitkomst vindt of van het feit dat we deze deal hebben gesloten. Ik denk dat die rust en duidelijkheid voor de bewoners en voor iedereen van belang is. Ik zeg tegen de heer Kops dat die overwegingen zo gelden. Een aantal van u heeft gevraagd waarom het nou is losgetrokken van de bredere onderhandelingen en gesprekken die plaatsvonden met NAM en de aandeelhouders over eigenlijk alle dossiers die spelen. U heeft gelijk. In de brief van 6 december vorig jaar kondigde ik namens het kabinet aan dat wij gesprekken zouden starten met NAM en de aandeelhouders om te verkennen of wij nou in den brede over de dossiers die spelen tot een afspraak zouden kunnen komen. Mijn intentie was daarbij ook om te voorkomen dat we gas gaan winnen bij Ternaard. De gesprekken om die vraag te verkennen, zijn vlak nadat het kabinet was gevallen, beëindigd, omdat de overweging, de beslissing van het kabinet was dat zo'n grote afspraak — als dat al mogelijk zou zijn, want we waren dat echt nog aan het verkennen — niet aan een demissionair kabinet is. Voor mij persoonlijk en voor mijn portefeuille gold dat ik over het vraagstuk van Ternaard en het punt van de gasopslag wel verder gesprekken wilde voeren. Dat was daarmee namelijk niet weg. Ik noemde het net al: de Raad van State had over het dossier Ternaard natuurlijk al gezegd dat er een besluit genomen moest worden. Die gesprekken zijn dus doorgegaan. Juist omdat Ternaard is losgekoppeld van die bredere verkenning, is het gelukt om hierover nu tot een uitkomst te komen. Ik zeg er direct het volgende bij tegen de heer Kops, die mij vroeg: had je nou niet een som moeten maken van wat de NAM nog verplicht is je te betalen op grond van het hele vraagstuk in Groningen en de vergoedingen daarvoor, schade en herstel, en die 163 miljoen? Dat kan dus niet, omdat we dat hebben losgekoppeld van andere ingewikkelde discussies. Die zijn daarmee niet opgelost; dat zeg ik zeker niet. Door dat loskoppelen, is het gelukt om tot een uitkomst te komen, maar kon ik die som niet op die manier maken. Dus de vaststellingsovereenkomst die we gesloten hebben, gaat over Ternaard en verder over niks anders. Voorzitter. Wellicht ten overvloede, maar ik trek natuurlijk nog steeds heel nauw op met de staatssecretaris Herstel Groningen waar het gaat om alle procedures met NAM en de openstaande facturen. Daar blijf ik mij dus onverminderd voor inzetten. Ik geloof dat we daar ook later deze week nog een debat over hebben, dus daarover kunnen we dan nog uitgebreid van gedachten wisselen, maar dat mag natuurlijk ook nu. De heer Vermeer vroeg of er nog andere vergunninghouders zijn. Hoe weet ik of er niet nog iemand anders zijn vinger opsteekt? Er is geen risico dat er meer vergunninghouders opduiken. Met de aandeelhouders van NAM en EBN is contact geweest en met hen is overeenstemming bereikt om tot deze overeenkomst te komen.
Versie d1dc35410a04ee95cd42bc3a70bc9a1dc0eaadbcac103bee8a33e0525ba5d48f · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.