KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 9 sep 2026 · Tweede Kamer

Versterking decentraal bestuur

Brontekst

Minister Heerma: Nu ga ik toch heel even ... Waar ik naar verwezen heb — dat is net wat anders dan wat de heer Van Houwelingen zegt — is dat er bij de laatste wetswijziging, waarnaar de heer Vermeer als eerste verwees, een aantal wijzigingen zijn geweest. Die werden behandeld in 2021 en zijn ingegaan in 2022. Er zijn een aantal zaken geregeld die de legitimiteit van het lokale bestuur, waar het spanningsveld zit, vergroten. Die zaken verplichten dus ook tot duidelijkere afspraken voor als je eruit wil stappen en voor mogelijke beëindiging. Het doel was om dat te vergemakkelijken. Er komt een evaluatie aan om te bekijken hoe dat in de praktijk heeft uitgepakt. Blijkbaar ben ik daarin niet expliciet genoeg geweest, terwijl ik dacht dat ik dat wel was. Ik ben niet van mening dat het verstandig is om dat terug te draaien voor bijvoorbeeld veiligheidsregio's. Dat lijkt de heer Van Houwelingen te suggereren. Ik zie aan zijn gezicht dat mijn antwoord hem niet geheel verbaast. Ik dacht dat ik daar al duidelijk over was geweest. Ik vind dat dus niet zo'n goed idee. Over de aantrekkelijkheid van het decentrale ambt, in die breedte, zijn verschillende dingen door verschillende woordvoerders gezegd. Ik ga proberen om die gestructureerd langs te lopen. Mensen maken ons decentraal bestuur. Duizenden bestuurders en volksvertegenwoordigers zetten zich dag en nacht in voor onze provincies, gemeenten en waterschappen. Zonder hen is er geen democratie. Het decentrale politieke ambt is prachtig. Je kan zorgen van de straat direct vertalen in politieke acties die ook in de wijk, in de buurt, in de regio en in de provincie effect hebben. Politieke ambtsdragers waarderen hun werkplezier hoog. Zij verdienen de waardering en steun van ons als overheid en samenleving, en dat mogen we ook best hardop zeggen. Dat hebben verschillende woordvoerders in dit debat ook heel expliciet gedaan. Daar sluit ik me van harte bij aan. Toch moeten we ook oog hebben voor ontwikkelingen die op het politieke ambt drukken. Ik benoem er drie. Mevrouw Huizenga was daarover heel expliciet in de eerste helft van haar inbreng: agressie en intimidatie. Deze horen niet thuis in het debat, maar toch wil ik ook hier de onacceptabele belaging van onze … Het hoort nu dus eigenlijk niet thuis in dit debat, maar ik wil het toch ook hier benoemen. Ik ga daar ook het volgende bij zeggen. Ik zal zo op de specifieke vraag ingaan. Ik weet dat de heer Van Houwelingen dat waarschijnlijk niet bedoelde, maar in zijn beantwoording leek hij op een gegeven moment te zeggen: als er geen daadwerkelijke veroordeling voor geweld is, dan valt het misschien wel mee. Dat is echt niet zo. Ik vermoed dat hij dat niet bedoelde. We zien een toename van intimidatie en bedreiging. Dat heeft een negatief effect op de vrijheid van mensen die zich vaak naast een baan inzetten voor ons algemeen belang, voor de democratie in de haarvaten van onze samenleving. Dat is erg, ook als dat niet overslaat richting geweld. Dat wil ik toch even benoemd hebben.

Versie 3f198e6e59deeb06bf5df9a247a19862c9036b4adaa6b2a3c72f1010a573bf10 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.