Digitale ontwikkelingen in de zorg
Brontekst
Versie a660cdf88a1a0a39 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenMinister Sterk: Het kabinet behandelt de EHDS bijna als een voldongen feit, zei de heer Claassen. Waarom bouwen we het dak voordat het fundament er ligt en waarom niet eerst een eigen nationale zorgdataspace voordat we ons vastketenen — dat zijn zijn woorden — aan een Europees systeem waar we nauwelijks nog grip op hebben? De EHDS is een Europese verordening. U weet vast ook hoe het werkt met Europese verordeningen. Die moeten wij uitwerken in onze eigen regelgeving. De EHDS ligt ook in het verlengde van wat we nationaal al deden via de Wegiz, want die hebben we al sinds 2018. Het blijft belangrijk dat de mogelijkheid voor elektronische gegevensuitwisseling zorgbreed zo snel mogelijk verplicht wordt. Omdat de EHDS nu leidend is voor de uitwerking van het beleid en de regelgeving, want Europese regelgeving gaat tenslotte boven nationale regelgeving, maak ik nu ook gebruik van nationale aanvullingen uit de Wegiz, die we al in de Kamer hebben behandeld, als basis indien die nodig zijn om de nationale doelen uit ons zorgproces te realiseren. De Wegiz, die wij eerder zelf al hadden, is daarmee een belangrijke opstap naar de EHDS. Dat geldt ook voor het voorstel voor de nationale wet op het gezondheidsinformatiestelsel. De voorbereiding voor die wet, de GIS, is inmiddels in gang gezet. De heer Vervuurt zei dat de EHDS ook kansen biedt en vroeg hoe ik vaart zet achter de op- en inrichting hiervan. Daar heb ik net denk ik al het nodige over gezegd. We zijn daar heel hard mee bezig. Dat doen we natuurlijk in fases. We hopen de eerste fase in 2027 afgerond te hebben. Er liggen inmiddels ook al een aantal voorstellen in uw Kamer die daaruit voortkomen, bijvoorbeeld over hoe je kunt inloggen en hoe je kunt laten zien of je wel bent wie je zegt dat je bent, de Diaz, maar ook het landelijk netwerk. Daar zijn we dus heel hard mee bezig. Dan kom ik bij de vragen die allemaal over de opt-out zijn gesteld. Mevrouw Wendel zei: wij pleiten er al jaren voor dat er een opt-out komt in de acute zorg en de spoedeisende hulp. Er lag een voorstel, dat door het vorige kabinet op dat punt is teruggetrokken. Ik wil daar echter toch mee doorgaan, niet zozeer met dat voorstel, maar met de mogelijkheid die er is. Ik wil dat meenemen in de implementatiewetgeving van de EHDS. Die zit in tranche twee. Dan was de vraag van mevrouw Coenradie of de minister nog komt met een duidelijke routekaart voor de opt-out gegevensuitwisseling. De verplichtingen vanuit de EHDS op de opt-out treden gefaseerd in werking in 2029 en 2031; dat zijn de tweede en derde tranche. Ik houd me ook aan die fasering. We werken op dit moment aan de verdere uitwerking van de opt-out. U had daar allemaal heel veel vragen over: hoe ziet dat er dan uit? Wordt het een absolute opt-out of kun je daar eventueel een doorbraakmechanisme in verwerken? Dat zijn allemaal vragen die we nu aan het bekijken zijn en die wij volgens mij na de zomer ook aan de Kamer doen toekomen. Dat lijkt me het moment om hier misschien nog wat verder op in te gaan. Ik heb nog niet alle vragen over de opt-out beantwoord, volgens mij. Een vraag van mevrouw Wiersma maar ook van mevrouw Maeijer en de heer Vervuurt is hoe we ertegen aankijken dat die opt-out natuurlijk ook duidelijk en eenvoudig moet zijn. Er werd ook gevraagd naar de gelaagdheid en of je niet één integrale opt-out zou moeten hebben. Wat mij betreft gaat het er bij de opt-out enerzijds om dat burgers regie hebben over hun gegevens, want dat is waar die opt-out voor is bedoeld, maar het moet natuurlijk ook technisch haalbaar en praktisch uitvoerbaar zijn voor de burgers die daarmee te maken hebben. Dan denk ik altijd aan mijn 81-jarige moeder, die dat dan ook moet snappen. Daar heeft u vast ook uw eigen beelden bij, denk ik. Mevrouw Maeijer en de heer Van Houwelingen vroegen hoe de mogelijke doorbreking van een opt-out zich verhoudt tot het recht op een opt-out. Daarvan heb ik gezegd dat ik er nog op terugkom, want ik begrijp uw vraag, maar het lijkt me goed om dat op een later moment te bespreken. De heer Claassen vroeg of wij als Nederland wel zelf de baas blijven over onze eigen dossiers of dat we de sleutel aan Europa geven. Een buitenlandse zorginstelling of zorgprofessional mag sowieso alleen maar gegevens inzien als er een behandelrelatie is. Het kan dus niet zo zijn dat iemand zomaar in jouw gegevens kan inloggen. Ik vind het ook heel erg belangrijk dat burgers goed geïnformeerd worden als hun medische gegevens worden geraadpleegd, als waarborg bij de databeschikbaarheid. Dan gaat het dus over logging, waarbij je kunt zien wie er uiteindelijk in heeft gekeken. Onder de EHDS kan de burger Europese uitwisseling beperken via het recht van de opt-out voor primair gebruik. Nogmaals, daar kom ik op terug. Dan was er nog een vraag, ook van de heer Claassen, over een opt-in voor het secundair gebruik. Laat ik eerst zeggen dat als er uitwisseling plaatsvindt voor secundair gebruik, dat altijd anoniem is. Dat is een beetje zoals de CBS-gegevens. Het is dus niet zo dat duidelijk wordt dat Mirjam Sterk ik weet niet wat aan informatie bij de dokter heeft gekregen. Dat is dus niet wat er gaat gebeuren. Wij zijn verplicht — dat staat in de EHDS — om uit te gaan van een opt-out. Er is geen mogelijkheid om daar voor een opt-in te kiezen. Ten slotte nog een vraag van de heer Van Houwelingen. Kan een burger zeggen dat gegevens niet gaan stromen — ik weet overigens niet of u dat woord zo gebruik heeft — via het NCPeH-NL en kunnen we ons ook onttrekken aan het Europese systeem? Nogmaals, voor de duidelijkheid: er komt geen Europees patiëntendossier. De medische gegevens blijven altijd bij de bron opgeslagen. Dat zijn allemaal verschillende plekken. Er is dus niet één centrale plaats —- ik denk dat het belangrijk is dat de burger dat ook weet — waar alles terechtkomt. Dat is niet zo. Alle gegevens blijven gewoon bij de individuele zorgverlener of zorgprofessional met wie u een relatie heeft. De regie voor het delen van de gegevens ligt bij de individuele burger. Wanneer een burger kiest voor een opt-out, worden er geen gegevens gedeeld via het Nationaal Contactpunt. Daarnaast voldoet het Nationaal Contactpunt aan strenge technische en operationele beveiligingseisen, want je wil natuurlijk dat het veilig gebeurt, zodat de gegevens op een veilige manier uitgewisseld kunnen worden. Voorzitter. Dat was het einde van dit blokje, maar ik zie …
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.