Water
Brontekst
Versie 0a0c7de2ede42b3f · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenMinister Harbers: Dat zijn wat kortere blokjes. Het blokje drinkwater begin ik maar met grondwater, naar aanleiding van de vraag van de heer Gabriëls over het intrekkingsbeleid bij provincies. Provincies en waterschappen zijn bevoegd voor grondwateronttrekkingen. We hadden in water en bodem sturend al opgenomen dat provincies een grondwaterplafond moeten opstellen evenals een voorkeursvolgorde voor onttrekkingen, op basis waarvan ze een nog betere afweging kunnen maken. Daarnaast kijken we op verzoek van de Kamer verder dan alleen monitoring om na te gaan of we het uiteindelijk ook vergunningplichtig zouden moeten maken. Ik heb de Kamer daar de vorige week nog een brief over gestuurd. De heer Heutink vroeg hoe de minister ervoor zorg gaat dragen dat er gebruik zal worden gemaakt van nieuwe waterwinpunten. De drinkwatervoorziening is een dwingende reden van openbaar belang die in de Drinkwaterwet is vastgelegd. Als onderdeel van het Actieprogramma Beschikbaarheid Drinkwaterbronnen bekijken we nu samen met de provincies en de drinkwatersector hoe de dwingende reden van groot openbaar belang meegewogen moet worden. Dat was eerder in Nederland nog niet nodig, maar we baseren ons hierbij wel op de richtsnoeren van de Europese Commissie en uitspraken van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de Raad van State, die handvatten geven over hoe om te gaan met die dwingende reden van groot openbaar belang. We kijken dus ook hoe je dat verder kunt toepassen bij het aanwijzen van bronnen. De heren Heutink en Peter de Groot vroegen ook naar een versnelling. Hoe kun je sneller en eenvoudiger drinkwaterwinning realiseren? In het kader van het actieprogramma beschikbaarheid drinkwater hebben we in december, vorige maand, gevraagd aan de medebestuurders om inzicht in de opgave per regio, met de oplossingen. Een aantal provincies en regio's zijn daar al ver in gevorderd, andere nog niet. We hebben nu afgesproken dat we in het volgende bestuurlijk overleg in april een volledig beeld proberen te krijgen. Je ziet dat er een complex proces achter zit — provincies moeten ook keuzes maken tussen bijvoorbeeld drinkwater, landbouw en natuur — maar we delen wel allemaal het beeld dat de drinkwatervoorziening niet in gevaar dient te komen. Hoe zit dat dan in tijden van crisis? Hebben we de drinkwaterbedrijven en onze winlocaties voldoende beschermd? De drinkwatersector is aangemerkt als vitale sector, dus die moet zich dan ook via de leveringsplannen voorbereiden op alle verstoringen die er kunnen zijn. Het betreft een heel breed palet aan mogelijke risico's. Ik zeg er wel meteen bij dat vanwege de belangen die hiermee gemoeid zijn — dat kunt u zich voorstellen — deze plannen vertrouwelijk worden behandeld. De ILT beoordeelt samen met het RIVM de plannen en moet op die manier zeker stellen dat alle mogelijke risico's geadresseerd zijn. Zo bereiden de drinkwaterbedrijven zich voor. De heer Gabriëls vroeg hoe de provincies reageerden op het signaal van de ILT. Ik heb de bestuurlijke partners daar zowel op ambtelijk niveau maar ook zelf stevig op aangesproken. Zoals net gezegd, wordt het actieprogramma nu verder vormgegeven. Daar spreken we de volgende keer verder over. Uiteraard heb ik het signaal eerst met uw Kamer gedeeld, maar we hebben wel met elkaar vastgesteld of, en uiteindelijk dat, iedereen de juiste urgentie hieraan geeft. De heer Gabriëls vroeg niet alleen naar nieuwe bronnen, maar ook naar het woord "drinkwaterbesparing". Ook daar werken we aan. Naast het actieplan om voldoende drinkwaterbronnen te hebben zijn we met diezelfde stakeholders ook aan het kijken naar een nationaal plan van aanpak drinkwaterbesparing. Daarmee geven we invulling aan de doelstelling om uiterlijk in 2035 20% drinkwater te besparen, zoals we hebben afgesproken in water en bodem sturend. We willen afspraken maken over maatregelen voor zowel huishoudens als zakelijke gebruikers, bijvoorbeeld besparende technieken in nieuwbouw en renovatie, campagnes voor gedragsverandering en het beperken van laagwaardig gebruik van drinkwater in industriële processen. Voor het waterdebat in juni zal ik de Kamer daarover informeren. De heer Van Dijk vroeg bij het noemen van de zorgen over beschikbaarheid van drinkwater of ik ook bereid ben om andere overheden aan te spreken op hun zorgplicht. Dat heb ik gedaan in het afgelopen Bestuurlijk Overleg Water, maar dat heb ik net eigenlijk allemaal al gezegd. Daar spreken we verder over. De heer Peter de Groot vroeg naar de stand van zaken rond het aanwijzen van nieuwe strategische voorraden na 2026. Acht provincies hebben dat inmiddels gedaan voor de drinkwatervoorziening tot 2040. De overige provincies werken hier nog aan of aan alternatieven als niet voldoende zoet grondwater beschikbaar is. Ik benadruk bij de provincies om in dit proces ook al verder vooruit te kijken, omdat sommige van de aanvullende strategische voorraden snel in gebruik genomen zullen gaan worden. Daarnaast werken we nu aan het aanwijzen van nationale grondwaterreserves. Deze dienen onder andere als reserves tot de volgende eeuw, als de vraag naar drinkwater harder groeit dan we met de strategische voorraden aankunnen. Velen, — de heren Van Dijk en Peter de Groot en volgens mij ook nog anderen — vroegen naar grootverbruikers van schoon drinkwater, zoals de industrie. Ik noemde net al dat de ambitie is om het drinkwatergebruik tot 2035 met 20% te verminderen, dus ook voor de industrie. Daar maken we in het nationaal plan van aanpak drinkwaterbesparing afspraken over. Dan moet je denken aan waterscans, verkenning van de inzet van effluent en cascadering op bedrijventerreinen, en het opstellen van benchmarks per branche, zodat verdere stimulering en regulering waar nodig kunnen plaatsvinden. Daarbij is het principe "het juiste water voor het juiste gebruik" het uitgangspunt. Voor industriewater, water dat als procesmiddel of grondstof wordt gebruikt, is niet altijd water van drinkwaterkwaliteit nodig. Soms kan ook volstaan worden met een lagere kwaliteit. Conform de watervisie van VEMW, de vereniging van grootverbruikers, is de industrie hier zelf ook al mee bezig. De drinkwaterbedrijven gaan bij hun gesprekken met bedrijven die water nodig hebben nu ook al uit van dit principe. We proberen dat ook in overleg met de industrie zelf op te pakken en daarbij ook tot de juiste waterbesparing te komen. De heer Van Dijk vroeg naar de reikwijdte van de wettelijke leverings- en zorgplicht. In de Beleidsnota Drinkwater voor de huidige periode tot 2026 hebben we met alle stakeholders afgesproken dat de reikwijdte van de zorgplicht in twee stappen moet worden verduidelijkt. De eerste stap was een juridische analyse met als uitkomst dat de leveringsplicht in de Drinkwaterwet toeziet op drinkwater voor huishoudelijk gebruik. Bedrijven die het water met de bestemming productiemiddel of grondstof gebruiken, vallen niet onder die leveringsplicht. Wij zijn nu met stap twee bezig en dat is het in kaart brengen van de consequenties van deze juridische analyse voor alle stakeholders. Het voornemen is om dan gezamenlijk te besluiten of en hoe de reikwijdte van die zorgplicht moet worden aangepast. De drinkwaterbedrijven brengen ondertussen de watervraag van de diverse sectoren in beeld. Dan kom ik op de WACC, de vermogenskostenvoet, waarnaar nagenoeg iedereen vroeg. We gaan die inderdaad aanpassen. De procedure voor wijziging wordt in april gestart. We doen daarbij wat mogelijk is om meer investeringsruimte te bieden. Na de zomer verwachten we dan het advies daarover van de Autoriteit Consument & Markt. Aan de hand daarvan kunnen we dan per 1 november van dit jaar die vermogenskostenvoet vaststellen voor de periode van 2025 tot en met 2027. Vanzelfsprekend houd ik de Kamer de komende maanden op de hoogte van alle stappen die we daarin nemen, maar dat is goed op streek. We willen ook het gebruik van regenwater stimuleren bij nieuwe woningen. De heer Pierik vroeg daarnaar. Samen met BZK hebben we het afgelopen jaar onderzoek gedaan naar de voor- en nadelen van een mogelijke verplichting van hemelwater- en grijswatergebruik. Het gebruik van regenwater voor het doorspoelen van de wc is nu al toegestaan. Voordat we een verplichting willen stellen, willen we eerst ook nog de risico's voor de volksgezondheid nader onderzoeken. Daarover zijn ook afspraken gemaakt in het nationaal plan van aanpak drinkwaterbesparing. Dat loopt nog en dan kunnen we daarover besluiten. Tot slot vroeg de heer Grinwis naar de locaties waar geen nieuwe drinkwateraansluitingen gerealiseerd kunnen worden. Er zijn nu al knelpunten in de beschikbaarheid van drinkwater in Twente, de Achterhoek en Groningen. Dat is ook de reden dat we hebben gevraagd om een opgave per regio met mogelijke oplossingen. Daarom is het bij grootschalige nieuwbouwplannen dus ook van belang dat gemeenten en provincie vroegtijdig met het drinkwaterbedrijf in overleg treden over de vraag of drinkwater kan worden geleverd en het waar nodig te faciliteren bij het realiseren van extra winningen of infrastructuur. Tot zover het blokje drinkwater. Zal ik de twee internationale vragen gelijk meenemen?
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.