Uitspraak · 21 dec 2022 · Tweede Kamer
Bestrijding witwassen en terrorismefinanciering
Brontekst
Minister Kaag: Dan kom ik bij het blokje Wwft algemeen, voor de derde maal, geloof ik. De heer Alkaya vraagt: is de manier waarop de aanpak van witwassen georganiseerd is, met de poortwachtersfunctie, effectief en proportioneel? De poortwachtersfunctie stelt de heer Alkaya niet ter discussie, denk ik. Het is een belangrijke rol. Het is in de financiële sector een internationaal erkende standaard voor dienstverleners. Zij zijn natuurlijk een kritische schakel in het schoonhouden van hun sector. Ze zijn in principe in staat om die functie goed uit te voeren, ook omdat ze hun cliënten het beste kennen. Ze hebben dus een preventieve rol en ook een uitvoerende rol. De heer Nijboer vraagt: is de Nederlandse aanpak de beste manier? Is het niet beter om naar risicosectoren te kijken? De risicogebaseerde benadering is de kern van de aanpak; dat hebben we net al benoemd. Er wordt inderdaad ook juist gekeken naar de sectoren waarin de grote risico's genomen worden. Maar we moeten ook wel voor ogen houden dat het criminele circuit altijd de weg van de minste weerstand zal kiezen, daar waar juist níét automatisch zal worden gekeken. Het blijft dus schakelen tussen verschillende panelen. De risico's zijn dan ook dynamisch. We kunnen ons niet alleen beperken tot de bekende hoogrisicosectoren. De heer Alkaya vroeg: is er verandering gekomen in uw conclusie dat de Nederlandse aanpak robuust is? Even voor de goede orde: dat was niet mijn conclusie. Het is beschreven door de Financial Action Task Force. Die noemde het "robuust". Dat nemen we natuurlijk graag mee. De conclusies die wij hadden, staan in de beleidsaanpak witwassen. Wij zagen als kabinet geen reden tot een fundamentele herziening, maar zoals ik net al zei zien we wel ruimte voor echte verbetering, want in de praktijk moet het ook gewoon werken. Daarom werken we daaraan door. De heer Heinen vroeg naar de doorgeschoten regelgeving. Hij vroeg: is de basis op orde als er zo veel problemen zijn? Ik zei net al dat de FATF zei dat het systeem robuust is. Maar goed, er kan een groot verschil zijn tussen de papieren werkelijkheid en de uitvoering. Dan gaat het met name om de onevenredige effecten op burgers en instellingen die door de heer Bisschop en de heer Heinen, of eigenlijk bijna door u allen, zijn genoemd. We moeten dus ook kijken hoe we dat gaan oplossen. Het was de heer Stoffer. Zei ik "Bisschop"? Excuus, meneer Stoffer. Het was in ieder geval dezelfde partij. In de beleidsagenda kijken we natuurlijk naar "streng waar nodig", maar ook naar "meten is weten" en "ruimte geven". Maar dat zal nog wel een proces zijn. De heer Stoffer vroeg: bent u bereid om zelf meer risicogebaseerd te werk te gaan, bijvoorbeeld door stichtingen en verenigingen als laag risico te classificeren? In de huidige nationale risicoanalyse witwassen en terrorismefinanciering zijn verschillende rechtsvormen, waaronder stichtingen en verenigingen, als hoog risico geïdentificeerd. Dat betekent natuurlijk niet dat iedere stichting of vereniging daadwerkelijk een hoog risico vormt. De minister van Justitie en ik hebben aan het WODC gevraagd om aan te wijzen of er hogere of lagere risico's zijn voor rechtsvormen als stichtingen en verenigingen. Uw vraag is terecht. Ik denk dat we moeten koersen op een herdefinitie van een bepaald type stichtingen en verenigingen waarbij het een soort no-brainer is. De korfbalvereniging wordt vaak genoemd, maar ook kerken en andere charitatieve instellingen kunnen daaronder vallen. Ik hoop daar in het voorjaar of misschien al voor maart op terug te komen. Wat voor gevolgen verbinden we aan de risicogebaseerde aanpak? De Nederlandsche Bank heeft natuurlijk in het rapport Van herstel naar balans — zo heet het — bezien hoe het toezicht en de aanpak van banken echt meer risicogebaseerd kan worden ingericht. DNB moet dat op dit moment nog operationaliseren, samen met de banken. Ik hoop dus dat we die inzichten — de heer Van Weyenberg vroeg hiernaar, maar ik denk dat u dat deelt — voor de formele behandeling van het wetsvoorstel met u kunnen delen, zodat we al een betere invulling kunnen geven aan hoe het eruit kán gaan zien. De heer Grinwis vroeg: waarom maakt u geen onderscheid tussen rechtspersonen en natuurlijke personen bij gezamenlijke transactiemonitoring? Het wetsvoorstel maakt onderscheid tussen zakelijke rekeningen en particuliere rekeningen. Voor zakelijke rekeningen geldt geen grens. Bij particuliere rekeningen mogen de transacties tussen particulieren onder de €100 niet gezamenlijk worden gemonitord. Bij transacties tussen particuliere en zakelijke rekeningen onder de €100 kunnen alleen zeer beperkt gegevens worden verwerkt of gedeeld. De heer Alkaya vroeg: hoe ziet u het spanningsveld tussen privacy, witwassen voorkomen en de proportionaliteit? Een effectievere aanpak is ook een proportionelere aanpak. Dat is natuurlijk duidelijk een geluid dat ik ook van u hoor, maar dat vinden wij ook. Gegevensdeling is in die samenwerking wel belangrijk om kennis en risico's te delen tussen banken. Dat kan op termijn hopelijk weer efficiency gains, voordelen, gaan opleveren, maar we moeten natuurlijk ook kijken hoe gegevensdeling in de samenwerking kan worden bestendigd met inachtneming van de privacynormen die we daarbij hanteren. Mevrouw Van Dijk vroeg: kan de minister iets zeggen over wie naast het ministerie van Financiën en DNB nog meer aansluiten bij de rondetafels van DNB? De focus van die rondetafels ligt echt op de uitvoering van de wet door banken, dus het is een gesprek tussen de toezichthouder en de banken, maar DNB nodigt, waar gepast, ook andere partijen uit. De AFM is onlangs aangeschoven. Ook het Financieel Expertise Centrum wordt op de hoogte gehouden. Ik kan navraag doen naar wie er allemaal is geweest, maar ik denk dat u dit eventueel ook zelf kunt vragen bij de rondetafel die in januari wordt gepland. Maar als u daaraan hecht, deel ik van harte met u wie er verder nog heeft deelgenomen aan de gesprekken met DNB, zeg ik tegen mevrouw Van Dijk. De heer Eppink vroeg: hoe effectief waren de poortwachters tot nu toe? Hoeveel kost de wet? Het systeem van poortwachters hebben we natuurlijk al benoemd. De FATF concludeert ook dat de poortwachtersrol effectief is gebleken in de evaluatie van Nederland. Er is helaas nog geen inschatting van de totale kosten. Bij het wetsvoorstel Plan van aanpak witwassen is die er wel, zeg ik tegen de heer Eppink. Ik zie hem even niet zitten. Hij is er misschien niet. De heer Grinwis vroeg: wat gaat het kabinet doen met het DNB-rapport over meer risicogestuurd Wwft-beleid? Veel van de vervolgacties liggen op het terrein van DNB zelf. Ik ga in mijn gesprek met de president van De Nederlandsche Bank natuurlijk weer vragen naar het tijdspad en de benchmarks voor het vervolg en de uitvoering. Het gaat bijvoorbeeld over prioriteiten op het gebied van toegang tot het betalingsverkeer en de proportionaliteit zelf voor kleine instellingen en PEP's. "PEP" staat voor Politically Exposed Person.
Versie bd1ccfeb371984df618dbf48fdc7d22f50cf666c9359b74c838bb83fd82144aa · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.