JBZ-Raad (Luxemburg)
JBZ-Raad (Luxemburg)
statement · 27 mei 2026 · Tweede Kamer
Minister Van den Brink: Ja. Mevrouw Vondeling en de heer Boomsma vroegen nog of er goede verklaringen bestaan voor de verschillen in cijfers met de landen om ons heen. Ik denk dat voor nu de beste verklaring te maken heeft met de onbekende landen van herkomst, hoewel dat niet het hele cijfer is. We hebben het daar twee weken geleden over gehad. Dat waren dus die onderzoeken gedaan door de IND waarin we zagen dat het de Palestijnen waren die al een aanvraag hadden gedaan in Griekenland. Dat is voor nu eigenlijk de eerste verklaring voor het verschil tussen een aantal cijfers. Tegelijkertijd heeft België ook alweer een uitspraak gehad. Wat zij deden rondom opvang is namelijk door de rechter in België alweer veroordeeld. Ze zijn daarvoor op hun vingers getikt. Dat is dus geen begaanbare route. Wij blijven dus gewoon inzetten op de invoering van het pact, op het tweestatusstelsel met de nareisbeperkingen en op de Terugkeerverordening. Dat is de manier waarop we hiermee aan de slag moeten. Dan waren er vragen over Oekraïners. Dat debat staat voor de komende JBZ-Raad nog niet direct op de agenda, maar het is natuurlijk wel aanstaande. De vraag is namelijk of we overgaan tot een verlenging. U kent de positie van het kabinet daarin, die ook niet verandert. Het kabinet wil inzetten op terugkeer naar Oekraïne, en kijkt naar de mogelijkheden om ontheemden hierbij te ondersteunen en te stimuleren. Tegelijkertijd hebben we aangekondigd dat een transitiedocument voor de periode na de Europese richtlijn noodzakelijk is om ook ons asielstelsel te ontlasten. Het terugkeerbeleid omvat verschillende diensten en activiteiten, zoals informatiecampagnes, praktische terugkeerondersteuning, inzetten op human capital en het aangaan van lokale partnerschappen. Daarmee ondersteunen we mensen om ook weer te werken aan terugkeer, dan wel om zich weer in Oekraïne te vestigen. Gezien het grote aantal Oekraïense ontheemden in Europa zal het terugkeerproces zelf een aanzienlijke inspanning vergen, die naar verwachting natuurlijk meerdere jaren zal duren en die nauwkeurige afstemming met de EU-lidstaten vereist. Tegen mevrouw Vondeling zeg ik dat we vooralsnog dus de situatie hebben dat Oekraïense mannen die voldoen aan de voorwaarden voor tijdelijke bescherming zoals we die in de EU met elkaar hebben afgesproken hier recht hebben op verblijf. De Europese richtlijn maakt op dit moment geen onderscheid tussen Oekraïense vrouwen, kinderen en mannen, en maakt niet het onderscheid of mannen wel of niet onder de dienstplicht vallen. Dat zeg ik als reactie in de richting van mevrouw Vondeling, zodat zij een interruptie kan plegen.
Versie 8babc73ca7d70531b091fd06c87022ba1c6aa9903d0ae1f2f1c984ea44b64772 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
JBZ-Raad (Luxemburg)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.