KamerkringInloggen
Uitspraak

de rapporten "Kwetsbare kinderen, kwetsbaar stelsel" van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en "Als zelfs overheidsingrijpen kinderen geen bescherming biedt" van de Inspectie JenV

4 dec 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie fe8eab1ba6f343d0 · officiële bron

Staatssecretaris Rutte: Ja, dat komt nog. Ik heb een vraag van mevrouw Coenradie. Uit het inspectierapport blijkt dat de William Schrikker Stichting geen input heeft geleverd. Hoe kan dat nou? En als de William Schrikker Stichting in twaalf jaar tijd al drie keer onder verscherpt toezicht heeft gestaan, dan kunnen we stellen dat er te weinig verbetering is gekomen. Ze vraagt of ik het daarmee eens ben en wat ik eraan ga doen. Allereerst: ik heb begrepen dat de William Schrikker Stichting haar verbeterplan wel degelijk bij de inspectie heeft aangeleverd. Daarnaast ben ik blij dat de inspectie er is en dat die ingrijpt als dat nodig is. Het is de rol van de inspectie om als onafhankelijk toezichthouder de kwaliteit en veiligheid te beoordelen. Het is aan hen om te beoordelen of organisaties die onder toezicht staan zich voldoende hebben verbeterd. De inspecties concludeerden in juni van dit jaar dat handhaving bij de William Schrikker Stichting geen effectief middel zou zijn, omdat de oorzaken en tekortkomingen grotendeels buiten de invloedsfeer van de William Schrikker Stichting liggen. Bovendien hebben de inspecties vertrouwen in de verbeterkracht van de William Schrikker Stichting, daar waar verbetermogelijkheden binnen de eigen invloedssfeer liggen, en zijn ze positief over het bestuur van de William Schrikker Stichting. Daarom zijn de inspecties daarna overgegaan op regulier toezicht. Op dat punt waren er nog meer vragen van JA21, maar ook van de VVD: wat heeft het verscherpte toezicht bij de William Schrikker Stichting nou voor verschil gemaakt en welke concrete verbeteringen zijn er gekomen? De William Schrikker Stichting heeft naar aanleiding van het toezicht een verbeterplan moeten maken, dat de onafhankelijke inspecties vervolgens beoordelen. De inspectie concludeerde in juni van dit jaar dat handhaving bij de William Schrikker Stichting geen effectief middel meer zou zijn, zoals ik net al heb verteld. Bovendien hebben de inspecties ook vertrouwen in de verbeterkracht van de William Schrikker Stichting, daar waar verbetermogelijkheden binnen de eigen invloedsfeer liggen. De afgelopen jaren hebben we gewerkt aan de verlaging van de werkdruk en hebben we het werk aantrekkelijker gemaakt. Voor 2026 verleng ik daarom ook de zijinstroomregeling, maar dat heb ik al gezegd. De inspecties hebben er gewoon vertrouwen in dat de William Schrikker Stichting de juiste stappen heeft gezet. Mevrouw Wendel vraagt of ik er zicht op heb of er nog meer kinderen in dit soort onveilige situaties zitten. Zij leest in de brief van afgelopen dinsdag dat het toezicht op de William Schrikker Stichting juist versoepeld is in plaats van aangescherpt. Zoals ik net heb aangegeven, klopt dat ook. Waar is dat vertrouwen dan op gebaseerd? Dat is wat lastig, want het is uiteindelijk aan de inspecties om te beoordelen of organisaties die onder toezicht staan zich voldoende hebben verbeterd. Dat kan ik vanuit mijn positie niet doen. De inspecties concludeerden recentelijk dat handhaving bij de William Schrikker Stichting geen effectief middel meer zou zijn. Zij hebben wel degelijk ook vertrouwen in de verbeterkracht van de William Schrikker Stichting. Mevrouw Straatman vraagt: blijf ik in het licht van de recente misstanden bij de William Schrikker Stichting bij de conclusie dat deze buiten de macht van de organisatie liggen, of is er aanvullend onderzoek nodig? De inspecties concludeerden in juni dat handhaving niet meer effectief zou zijn, omdat de oorzaken van de tekortkomingen buiten de William Schrikker Stichting liggen, bijvoorbeeld een tekort aan personeel in de jeugdhulp. De inspecties hebben bovendien vertrouwen in de verbeterkracht van de William Schrikker Stichting. Ten aanzien van de situatie en de casus in Noord-Nederland, die meerdere mensen hebben genoemd, kan ik heel weinig zeggen, want daar doen de inspecties op dit moment nog onderzoek naar. Dat is misschien een wat onbevredigend antwoord, maar ik kan er gewoon niet op vooruitlopen. Het is even wat het is. Maar de inspectie kijkt op dit moment dus ook weer nadrukkelijk naar de rol van de William Schrikker Stichting in die casus. Mevrouw Coenradie vraagt: hoe kritisch zijn de bestuurders zelf op hun eigen handelen? Onze voorgangers hebben naar aanleiding van de mishandeling van het pleegmeisje in Vlaardingen indringende gesprekken gevoerd met bestuurders. Ook de inspecties hebben dat gedaan. Ik heb zelf recent ook met de bestuurder van de William Schrikker Stichting gesproken naar aanleiding van de zaak bij het gezinshuis in Noord-Nederland. Ik heb ook een werkbezoek afgelegd bij een andere organisatie voor jeugdhulp in Groningen. Het is niet aan mij om een oordeel te vellen over het handelen van bestuurders. In die positie ben ik niet. De inspecties hebben geconcludeerd dat het bestuur van de William Schrikker Stichting grotendeels voldoende is. De inspecties stellen dat er een passende missie en visie is, waarin de jeugdige centraal staat, dat het bestuur verantwoording aflegt, dat het belangen afweegt en dat het kennis heeft van de dagelijkse praktijk. Ook hebben de inspecties vertrouwen in de mate waarin het bestuur zich open en toetsbaar opstelt en een lerende cultuur creëert. We hadden net al een klein interruptiedebatje over verzuimcijfers, uitstroomcijfers en dergelijke bij de William Schrikker Stichting. Ik heb dat opgevraagd. Het ziekteverzuimcijfer is 7%, met een peildatum op jaarbasis. Het personeelsverloop is 15,4% op jaarbasis. Het instroompercentage van jeugdbeschermers en ondersteuners bij de William Schrikker Stichting is 26,5%. Dat betekent dat er in één jaar tijd 26,5% nieuwe jeugdbeschermers zijn ingestroomd in vergelijking met het aantal jeugdbeschermers op 1 oktober 2024. In vergelijking met het gemiddelde van de GI's doet de William Schrikker Stichting het eigenlijk relatief goed. Ze hebben iets minder verloop en verzuim dan gemiddeld, en ze hebben iets meer nieuw personeel aangenomen. Dan een vraag van mevrouw Coenradie: als we alleen excessen zien omdat ze zo ernstig zijn dat ze voor het voetlicht moeten komen, wat speelt er dan nog meer? Naar aanleiding van de gebeurtenis in Vlaardingen heeft Jeugdzorg Nederland in januari 2025 een uitvraag uitgezet onder pleegzorgaanbieders en GI's, om nog concreter te kunnen toelichten hoe de kwaliteit en veiligheid binnen deze organisaties wordt getoetst en versterkt. Specifiek voor de William Schrikker Stichting geldt dat zij vanaf 2025 ieder kwartaal een toets doen op de actualiteit van de kind-alleengesprekken, de recente veiligheidsbeoordelingen en de multidisciplinaire casuïstiekbesprekingen. Maar sluit dit alle risico's dan uit? Het antwoord is nee. Dit blijft mensenwerk. Kindermishandeling is helaas niet altijd zichtbaar en kinderen praten er ook niet altijd over. Mevrouw Wendel vraagt naar een herbeoordeling van de William Schrikker Stichting. "Bij zaken waar onvoldoende zicht op de veiligheid van de kinderen was, is opnieuw een veiligheidsbeoordeling uitgevoerd. Hoe kan het dan dat de kinderen in Noord-Nederland na zo'n toetsing toch in gevaar zijn gekomen?" Ik denk dat dit een vraag is die heel veel mensen bezighoudt. De William Schrikker Stichting heeft naar aanleiding van de casus Vlaardingen inderdaad herbeoordelingen uitgevoerd, waarbij is getoetst op risicofactoren. De situatie in dit gezinshuis is toen opnieuw multidisciplinair besproken. Men heeft er opnieuw naar gekeken. Daaruit kwam naar voren dat er op dat moment geen signalen van acute onveiligheid waren. Zodra bleek dat die signalen er wel waren, zijn de kinderen onmiddellijk door de William Schrikker Stichting overgeplaatst. De inspecties voeren nu onderzoeken uit om de feiten en omstandigheden vast te stellen en conclusies te trekken over het handelen van betrokken organisaties. Dat moet ik helaas afwachten. Ik kan daar ook niet over speculeren. Een vraag van mevrouw Coenradie: de William Schrikker Stichting staat bij conflicten tussen ouders en pleegouders niet boven de partijen, waardoor slopende rechtszaken ontstaan; kan de staatssecretaris daar niet wat aan doen? Het is aan de rechter om, op basis van alle relevante, actuele informatie die bekend is over een gezin en het kind, een beslissing te nemen over een kinderbeschermingsmaatregel. Informatie van de betrokken organisaties, zoals de GI, wordt daar uiteraard bij betrokken. Als de rechter een uitspraak heeft gedaan, dan is het aan de GI om die op te volgen. Vanuit de PVV kreeg ik een vraag en een oproep. Er moet erkenning komen en er moeten consequenties worden getrokken: geen zachte maatregelen, maar een harde aanpak. Er werd gevraagd of ik erken dat het geen incidenten zijn, maar een structureel patroon, en dat toezicht, sanctionering en handhaving tot nu toe onvoldoende effect hebben gehad. De gebeurtenis in Vlaardingen krijgt serieuze opvolging door de organisatie zelf, door de branches, maar ook door het Rijk. De Kamer is diverse malen geïnformeerd over wat we daarin doen. De inspecties doen momenteel onderzoek naar de situatie in het gezinshuis in Noord-Nederland. Daar heb ik al een paar keer naar verwezen. Dat onderzoek moeten we afwachten. Verbetering van de jeugdzorg en de jeugdbescherming heeft de volle aandacht van mijn collega van JPS en van mij. Zo werken we onder andere aan de Hervormingsagenda Jeugd, het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en aan verbetering van de rechtsbescherming in de jeugdbescherming. Mevrouw Van Meetelen vraagt ook of ik de mening deel dat de William Schrikker Stichting, Enver en andere betrokkenen strafrechtelijk moeten worden vervolgd. Dat oordeel is niet aan mij, maar aan het Openbaar Ministerie. De heer Struijs vraagt zich af of we voldoende zijn geïnformeerd. "Is er een bestuurlijke rapportage opgemaakt en, zo niet, kan die dan alsnog worden opgemaakt, omdat politiemensen met heel veel restinformatie rondlopen en deze informatie van belang kan zijn voor de Tweede Kamer?" Ik hoop dat ik de vraag zo goed heb begrepen. Ik kan daar het volgende over zeggen. Openbare informatie gaat naar de Kamer; die kan iedereen zien. De informatie waar de heer Struijs op doelt, is waarschijnlijk niet openbaar. Het is aan de politie om die informatie wel of niet te delen. Ik denk dat dat geen informatie is die ik zou kunnen delen vanuit mijn verantwoordelijkheid. Dat is geen onwil, maar ik denk niet dat die ruimte en mogelijkheid er zijn.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 5bc8eecd97628695

12 okt 2026 · 7a9d1803a2a26dc8

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.