KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Jeugdcriminaliteit

8 okt 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie a2e8704360d1ff19 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Staatssecretaris Van Bruggen: Voorzitter, dank. Dan kom ik bij de vraag van mevrouw Van der Plas over de aanpak van 12-jarigen. Welke aanpak volgt wanneer jonge kinderen herhaaldelijk stelen, bedreigen of geweld gebruiken en hoe voorkomen we dat signalen blijven liggen doordat organisaties naar elkaar verwijzen? Wat mij betreft is dit een hele terechte vraag. Als er sprake is van een jonge dader, of een jonge verdachte, moeten we daar niet alleen in de strafrechtketen, niet alleen als organisaties, iets mee doen. We moeten dan kijken naar het geheel van verantwoordelijkheden. Die verantwoordelijkheid begint bij de ouders. Effectieve interventies voor kinderen onder de 12 jaar zijn bijvoorbeeld BASTA! en Alles Kidzzz. Die betrekken ook juist de ouders en de omgeving. Om gemeenten te ondersteunen bij de lokale samenwerking verschijnt binnenkort de handreiking voor gegevensdeling bij de vroegsignalering van risicogedrag bij jongeren. Zo heeft een gemeente — die is vaak natuurlijk de regisseur binnen het sociaal domein — mogelijkheden om op die vroegsignalerende stoel te gaan zitten en ervoor te zorgen dat niet alleen het kind wordt aangepakt, maar zeker ook de ouders en de omgeving. Dan kom ik bij de vraag van mevrouw Van der Plas over de kleine gemeenten en dorpen. Hoe zorgen we ervoor dat passende hulp en preventie daar ook beschikbaar is? Dit is echt een vraag die mij bezighoudt in het kader van Preventie met Gezag. Dat staat onder regie van de minister van Justitie en Veiligheid, maar zodra het jeugd raakt — dat is natuurlijk best vaak zo — zien we dat het ook effecten heeft binnen de jeugdbescherming en de jeugdreclassering. We willen kleine gemeenten ook juist laten leren van die grootstedelijke aanpak, want de G4 — ik sla het toch maar even plat — heeft dit vaak op een heel professionele manier op orde. Die best practices en de kennis die zij hebben, moeten breed beschikbaar worden gemaakt. Op 1 december aanstaande is er een landelijke kennisconferentie, die juist ook gaat over hoe je de informatie met elkaar deelt. Die informatie is daar ook beschikbaar. Het ministerie en het CCV zullen via de Wegwijzer Jeugd en Veiligheid informatie delen over de verschillende thema's. Het allerbelangrijkste is natuurlijk dat gemeenten weten dat die conferentie plaatsvindt. Ik denk dus dat het goed is als we gemeenten daar attent op maken en de bekendheid van deze bijeenkomst verhogen. Als je als gemeente aan de slag wil met het aanpakken van jeugdcriminaliteit tot aan het voorkomen dat die criminaliteit überhaupt plaatsvindt, dan is het heel belangrijk om aanwezig te zijn bij deze conferentie en die kennis daar tot je te nemen. Voorzitter. Mevrouw Coenradie had drie vragen. Mevrouw Coenradie sprak ook over haar periode als staatssecretaris en over wat zij zelf heeft gezien binnen de jeugddetentie. Zij had het over wat effectief kan zijn in de manier waarop we met onze jongeren omgaan en hoe we dat op langere termijn ook zouden kunnen doen. Zij had een aantal suggesties. Ben ik bereid om op z'n minst een landelijke werkwijze voor de aanpak van risicojongeren te verkennen? Is het kabinet bereid het voorstel voor een groepsdossier te onderzoeken en de Gemeentewet hiervoor aan te passen? Is het kabinet bereid om naar Deens model een Nederlandse jeugdcriminaliteitskamer uit te werken? We zijn op zoek naar wat we binnen onze mogelijkheden zouden kunnen doen, zeg ik in alle eerlijkheid. Ik ben blij met elke suggestie die ik krijg, maar kan niet op de stoel van een lokale driehoek of een gemeente gaan zitten. De aanpak van die risicojongeren is in feite een gemeentelijke taak in het decentrale stelsel. Sturen op landelijk niveau door JenV is dan heel lastig; dat doen we niet als vanzelfsprekend. Tegelijkertijd kijken we wel hoe de RIEC's, dus de regionale veiligheidsclubs, hun werk doen. Die kennen we al wel. Het lijkt mij goed om daar onder de aandacht te brengen hoe we op een landelijke, uniforme werkwijze onze doelen mogelijk beter kunnen behalen als het gaat om deze risicojongeren, om ze toch maar even zo te noemen. Dat is een zoektocht die ik graag wil aangaan, samen met de RIEC's en de Veiligheidshuizen. Als we, ook in relatie tot het toekomstscenario, kijken naar de lokale organisatie van de Veiligheidshuizen, dan zien we dat die 25 regio's een heel belangrijke taak hebben, niet alleen in situaties waarin het echt mis is gegaan, maar zeker ook wat betreft signaleringen door de politie, die ook altijd aan tafel zit en kan aangeven: met dit gezin, met deze jongere gaat het gewoon niet goed. Ik denk dat het belangrijk is om dat ook mee te nemen in diezelfde verkenning. Voor jongeren die met justitie in aanraking komen hebben we het jeugdstrafrecht. Dat weten we. Ik zit even in de tekst te zoeken. U stelde heel concreet een vraag over de jeugdcriminaliteitskamer. Dat onderwerp zie ik zo even niet terug, maar ik vind het wel belangrijk om hier zo dadelijk nog even op te reageren.

Eerdere bronversies

16 okt 2026 · d06c8bb991a15309

16 okt 2026 · d381f23cf5800b66

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.