Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis
Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis
statement · 19 jan 2026 · Tweede Kamer
De heer Edgar Mulder (PVV): Dank u wel, voorzitter. Mijn buurman vroeg zich af of het mogelijk was om wetten sneller in te voeren, ook gezien de ICT-systemen. Ik kan hem verklappen dat, ook al nemen wij als Kamer een wet aan, de computer soms nee zegt. Dan kunnen bijvoorbeeld tarieven van de Belastingdienst of iets voor leaseauto's … Dan kunnen we hoog en laag springen, maar het gaat niet gebeuren. Dat geheel terzijde, voorzitter. Over de zaak zelf. Het is goed dat er werk gemaakt wordt van de uitspraak van de rechtbank van Rotterdam. Die uitspraak betekent — het is een aantal keren gezegd — dat de uitzondering voor pgb-zorgverleners onder de Regeling dienstverlening aan huis komt te vervallen. Daardoor worden de rechten van de zorgverleners die minder dan vier dagen werken, gelijk aan de rechten van werknemers die niet onder die regeling vallen. De uitzondering op het afsluiten van een verplichte WW-verzekering en overige werknemersverzekeringen is niet meer toegestaan. Dat is goed. Dat is uitstekend. Deze pgb-zorgverleners zijn namelijk een cruciale schakel in het zorgsysteem; dat is vandaag ook al een aantal keren gezegd. Ze zorgen voor persoonlijke, vaak kleinschalige zorg bij de mensen thuis. Dat moet gewaardeerd worden. Nu krijgen ze dezelfde rechten. Dat is positief. Eigenlijk willen wij als PVV … Tenminste, ik wil mijn fractie voorstellen voor deze wet te stemmen, maar er zijn wel een aantal aandachtspunten en zelfs ook bezwaren. Die wil ik kort benoemen. Ten eerste: de wijziging brengt hogere kosten met zich mee voor budgethouders. Werkgeverslasten zoals premies voor sociale verzekeringen moeten met terugwerkende kracht al vanaf 1 januari worden betaald. De regering kiest er schijnbaar bewust voor om pas in de loop van 2026 te gaan kijken of er dan problemen ontstaan. Dat willen ze op individuele basis doen. Ze willen kijken of er dan voldoende kwalitatieve zorg kan worden ingekocht. Dat doen ze dus pas als er problemen ontstaan. Eigenlijk is de vraag of die aanpak niet ook zorgt voor onzekerheid. Ten tweede: de minister kiest ervoor een stap verder te gaan dan nodig is, gezien de uitspraak van de rechter, want die gaat alleen over de uitzondering voor werknemersverzekeringen. In deze wetswijziging staan ook overige uitzonderingen. Die zorgen voor allerlei verplichtingen voor pgb-houders, zoals het regelen van zorgverlof, doorbetaling bij ziekte, scholing, re-integratieplannen, overleg voeren met arbeidsdiensten et cetera. Ten derde: uit de reactie van de regering blijkt dat de regering geen enkel inzicht heeft in de huidige situatie van de pgb-zorgverleners, noch in de vraag of dit hun hoofdinkomen is, noch in de mate van afhankelijkheid, en al helemaal niet in wat deze zorgverleners zelf vinden en willen. Is het niet tijd om dat eerst eens goed in beeld te brengen? Wie deze zorgverleners daadwerkelijk wil helpen en beschermen, kan toch niet om de heel simpele vraag heen wat die zorgverleners willen? Die drie aandachtspunten brengen mijn fractie tot vier vragen. Vraag één: kan de minister hier en nu garanderen dat geen enkele budgethouder door deze wetswijziging achteruitgaat in het aantal zorguren dat hij of zij kan inkopen? Twee: is het mogelijk om de wet zo aan te passen dat gelijkstelling alleen plaatsvindt voor werknemersverzekeringen? Daarmee bedoel ik: stel die amendementen worden aangenomen, wat blijft er dan nog over en wat zal de reactie van de minister dan zijn? Drie: is de minister het met de PVV eens dat een budgethouder geen doorsnee werkgever is met een eigen humanresourcesafdeling en uitgebreide verzuimprotocollen? Hoe kan worden voorkomen dat deze mensen nu ineens een volledige werkgeverstaak erbij krijgen? De laatste vraag: de regering stelt dat de vrijgemaakte 17,2 miljoen euro toereikend is, maar wat als het bedrag in de praktijk niet volstaat? Ik heb geprobeerd het even terug te rekenen naar het aantal mensen dat het betreft. Dat zou een bedrag zijn tussen €600 en €700 per pgb-houder. Wat als die kosten hoger uitpakken dan begroot, zoals bij eerdere zorgwijzigingen ook het geval is geweest? Voorzitter, afsluitend, als u mij toestaat. U merkt dat ik het kort houd. Deze wijziging in de wet is geen standaarddossier met een klassieke links-rechtstegenstelling. Dat merk je vandaag hier ook aan tafel. Het gaat om rechten en plichten van aan beide kanten kwetsbare mensen. De PVV wil, net als alle andere partijen, denk ik, een oplossing die recht doet aan de moeilijke situatie van de budgethouders, maar ook aan de rechten van zorgverleners. Eigenlijk heb ik dezelfde conclusie als veel van mijn collega's vandaag: de antwoorden op de vragen van vandaag en de appreciatie van de amendementen zullen de doorslag geven hoe ik mijn fractie ga adviseren te stemmen. Dank u wel.
Versie cfa399cb14de624b5cf96186a987ab8c1c6a5b58b112d426b2d7b7240830a778 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.