KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 6 okt 2026 · Tweede Kamer

Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Defensie (X) voor het jaar 2027

Brontekst

De heer Diederik van Dijk (SGP): Dank u wel, voorzitter. Oorlog is verschrikkelijk. Wie heeft dit indringender verwoord dan Erich Maria Remarque in zijn bekende oorlogsboek Van het westelijk front geen nieuws? Ik citeer hem: "We waren 18 en begonnen net van de wereld en het leven te houden, maar we moesten erop schieten. De eerste granaat die insloeg, trof ons in het hart." Tot zover het citaat. Oorlog laat zien dat mensen geneigd kunnen zijn tot het grootste kwaad. Precies daarom ben ik geen pacifist. Wie vrede wil, moet zich op oorlog voorbereiden. De SGP neemt dan ook afstand van het zogenaamde vredesprotest vorige week in Amsterdam. Diplomatieke, politieke en humanitaire steun aan Oekraïne zijn noodzakelijk, maar onvoldoende. Het staken van militaire steun zal niet zorgen voor vrede, en al helemaal geen rechtvaardige vrede. Dan wordt Oekraïne een onverdedigbaar land, komt de oostgrens dichterbij en accepteren we dat agressie loont. Voorzitter. Steeds vaker klinkt het geluid dat Nederland een oorlog in wordt gerommeld. Dat is niet het geval. Nederland steunt de gerechtvaardigde zelfverdediging van Oekraïne. Wel heeft Nederland een verdragsverplichting om bondgenoten bij te staan bij een aanval. Dan staan onze mannen en vrouwen er, zoals onze bondgenoten er voor Nederland zijn als wij aangevallen worden. De NAVO houdt de wereld van Remarque op afstand. Dit bondgenootschap is uniek in een wereld die een en al onderling wantrouwen is. China en Rusland zijn "strategische partners". Poetin en Xi lopen hand in hand maar noemen elkaar niet "bondgenoot". Historische rancune is wat hen bindt: samen tegen het Westen. Het ongebonden India grossiert in goede betrekkingen, maar kent nauwelijks hechte veiligheidsrelaties. Saudi-Arabië, Turkije en Pakistan sloten onlangs een veiligheidspact, inclusief artikel 5-clausule, maar bij de eerste de beste aanval van de Houthi's gaven Turkije en Pakistan niet thuis. Dan de NAVO, een geïntegreerde commandostructuur, een gezamenlijke planning en een daadwerkelijk beproefde collectieve verdediging. Onze grootste strategische kracht ligt in dat ene woord: vertrouwen. Voorzitter. Geloofwaardige afschrikking vraagt om opschaling, in materieel, personeel en voortzettingsvermogen. Maar weerbaarheid stopt niet bij de krijgsmacht. De hele samenleving moet bestand zijn tegen druk, ontwrichting en uitval. Vorige week waren we op de Jacobus Fruytier scholengemeenschap. We kregen een kijkje in de keuken van de Verdiepingsmodule Defensie. Jongens en meiden leren daar skills en drills, verleggen hun grenzen en ruiken tegelijk aan een loopbaan bij Defensie. Welk budget en personele capaciteit is nodig om deze verdiepingsmodule en de Nationale Weerbaarheidstraining verder uit te rollen? Hoe krijgt de staatssecretaris onderwijsinstellingen hierin mee? Welke Europese landen lopen hierin voorop en bieden inspiratie? Voorzitter. Defensie wil in 2030 naar ruim 100.000 mensen en in een conflictsituatie 200.000, reservisten en burgers meegerekend. Die ambitie verdient lof. De vraag is: hoe realistisch is dat? Zijn hier genoeg opleiders of überhaupt bedden voor? Tegelijkertijd moeten we ons ook niet blindstaren op totale aantallen. Onze gevechtskracht wordt in belangrijke mate bepaald door onderofficieren en soldaten. Dat aantal is al jaren een probleem. Hoe gaat het kabinet voldoende onderofficieren en soldaten werven en opleiden? Voorzitter. Ik vraag ook graag aandacht voor de Diensten Geestelijke Verzorging. Aalmoezeniers, predikanten en rabbijnen doen belangrijk werk in de brede vorming van militairen. Ze zijn er niet voor het moreel, maar voor de moraal. Dat een mens niet leeft van brood alleen, blijkt bij de keuze over leven en dood. Kan de staatssecretaris bevestigen dan het aantal GV'ers evenredig meegroeit met de overige personele doelstellingen? Kan hij aangeven hoe het onderhoud van het vormingscentrum in Beukbergen gewaarborgd is? Voorzitter. In de zorg voor militairen en veteranen blijft het thuisfront soms onderbelicht, terwijl een stabiel thuisfront een randvoorwaarde is voor inzetbaarheid. Tijdens een missie is er veel aandacht, maar daarvóór en vooral na afloop is er minder geregeld. Daarom vraagt de SGP: is er voor partners en kinderen voldoende structurele toegang tot psychosociale ondersteuning wanneer de gevolgen van een missie later doorwerken in het gezin? Is het kabinet het met ons eens dat één herkenbaar thuisfrontloket voor informatie, zorg, mantelzorg en praktische ondersteuning bij kan dragen aan betere communicatie? Gezinnen ervaren de diverse informatiekanalen nu nog als te versnipperd. Tot slot. Afgelopen zaterdag organiseerde het Nederlandse Veteraneninstituut een thuisfrontdag. Dat is natuurlijk geweldig, maar het was geen nationaal evenement met de bijbehorende aandacht en erkenning. Is er niet iets voor te zeggen om deze dag om te dopen tot de Nederlandse veteranen- en thuisfrontdag? Is de staatssecretaris bereid om dit te bespreken met het Nationaal Comité Veteranendag? Dank u, voorzitter.

Versie 256945f36bde6f9210337845c212864dc248acd09f9ca60d837ac5b8c77c3591 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

12 okt 2026 · 5a5aca59e7ef070e

12 okt 2026 · d4c3d42d7b6e2721

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.