Uitspraak · 20 mrt 2025 · Tweede Kamer
Opvang Oekraïne
Brontekst
Minister Faber: Even kijken. Mevrouw Van Zanten had een vraag in lijn met de vorige vraag, van meneer Boomsma. Het klopt dat de richtlijn tot 4 maart 2026 loopt. Naar verwachting wordt niet eerder dan in juni dit jaar een besluit over een eventuele verlenging genomen. We zijn daar ook volop over in gesprek in Europa. We denken zeker na over een nationaal alternatief. We gaan namelijk wel over twee sporen. We houden dat Europees natuurlijk in de gaten, maar ook nationaal. Ik wil daarmee voorkomen dat een groot aantal ontheemden na de tijdelijke bescherming onze asielketen in stroomt en deze asielketen volledig ontregelt vanwege de grote aantallen. Het streven van het kabinet is om dit voorjaar een besluit te nemen over een uitgewerkt alternatief. Daar wordt uw Kamer uiteraard over geïnformeerd. Mevrouw Vondeling heeft gevraagd: wat is de inzet van het kabinet als de Richtlijn Tijdelijke Bescherming afloopt? Ik ga maximaal inzetten op terugkeer. Het begint natuurlijk met vrijwillige terugkeer zodra dit kan. Daar beginnen we sowieso mee. Hierbij is inzetten op wederopbouw ook van belang. Dit draagt bij aan een toekomstperspectief voor de ontheemden in Oekraïne. Maar zolang er na het aflopen van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming geen werkbaar alternatief is, stromen alle ontheemden die vallen onder de RTB direct de asielketen in. Dit leidt tot grote problemen bij de IND en tot het vastlopen van de keten. Daarom wordt er gewerkt aan een nationale terugkeeroptie. Ik kan nog wel even wat getallen geven. Momenteel zijn er 125.000 ontheemden in Nederland. Als die allemaal tegelijkertijd instromen in de asielketen, is dat natuurlijk een enorm probleem. Daarom moet er gewerkt worden aan een terugkeerbeleid. Uit het WODC-onderzoek van vorig jaar blijkt dat 22% van de ontheemden zeker terug zou gaan als het weer veilig is in Oekraïne en dat 48% van de ontheemden nog twijfelt over terugkeer. Mijn terugkeerprogramma richt zich op deze groep, op hen stimuleren om terug te gaan wanneer dit kan. Van de ontheemden geeft 30% aan niet de intentie te hebben om terug te gaan, ook niet als het veilig is. Meneer Boomsma had de vraag of Oekraïners na vijf jaar verblijf een beroep kunnen doen op de status van langdurig ingezetene. De periode dat de ontheemde tijdelijke bescherming onder de RTB geniet, telt niet mee in het geval van een beroep op de status van langdurig ingezetene. Mevrouw Vondeling had de volgende vraag. Welke maatregelen neemt de minister zodat ze weer terugkeren naar hun eigen land zodra het veilig is. Zoals ik al eerder zei: ik vind dat mensen moeten terugkeren op het moment dat het land veilig is. Dat is ook in het belang van Oekraïne, want dat wil zelf ook zijn mensen terug hebben. Dat doe ik op de volgende manier. Ik jaag in de Europese Unie het gesprek aan over terugkeer. Ik roep de Commissie ook op om een coördinerende rol te pakken en guidelines op te stellen. Ook bereid ik op dit moment een programma voor de terugkeerondersteuning voor. Ik kijk daarbij onder andere naar toereikende terugkeerondersteuning door partijen als de Dienst Terugkeer en Vertrek en IOM, en naar het matchen van vaardigheden van ontheemden hier met beroepsgroepen waaraan voor de wederopbouw in Oekraïne een groot tekort is. Ik blijf uw Kamer natuurlijk informeren over de verdere uitwerking van het terugkeerprogramma. Mevrouw Michon had een vraag over de terugkeerstrategie. Is dat een Nederlands initiatief of een initiatief van de Europese Unie? Of is elk land bezig met een eigen terugkeerstrategie? Het kabinet wil terugkeer maximaal ondersteunen zodra de situatie dit toelaat. Van belang is ook de wederopbouw in Oekraïne. Enig perspectief op werk en een verblijfsplek is relevant bij terugkeer. Het gaat ook om een toegankelijke informatievoorziening over de mogelijkheden tot terugkeer, begeleiding bij een vertrek en het daadwerkelijk aanbieden van een terugkeerondersteuning. Hierover ben ik in gesprek met IOM en de Dienst Terugkeer en Vertrek. Dit komt samen in het vrijwillige terugkeerprogramma dat ik nu aan het uitwerken ben. Met deze uitwerking sluit ik zo veel mogelijk aan bij de infrastructuur die er al is binnen de Oekraïense diaspora in Nederland, bijvoorbeeld de Oekraïnehuizen in een groot aantal steden. Maar we hebben natuurlijk wel twee sporen. We hebben het Europese spoor, maar ook het nationale spoor. We bekijken gewoon hoe we er het beste uit kunnen komen. Mevrouw Piri vroeg een harde toezegging van de minister. Het ging om het volgende. De VNG moet betrokken worden bij de uitwerking van de nationale terugvaloptie. De VNG klaagt terecht over een gebrek aan regie. Trekt de minister zich dat aan? Nou, bij het uitwerken van het langetermijnbeleid ten aanzien van Oekraïners worden de VNG en bestuurlijk Nederland betrokken. Er vinden regelmatig gesprekken plaats met provinciale bestuurders, burgemeesters en wethouders. Ook is er afstemming met de VNG over de nadere uitwerking. We voeren onder andere het gesprek met de Tijdelijke Commissie Asiel & Migratie van de VNG. Ik was daar vanmorgen nog aanwezig. Zelf sta ik in contact met de voorzitter van deze vaste commissie. Gisteren had ik nog het voorzitterschap van de Landelijke Regietafel. Dus er is zeker wel overleg met deze organisaties over hoe we de koe bij de hoorns moeten vatten. Goed.
Versie 21d903d14731be45d3cdcb7d756c5fa0b21908ef478eee14af2f0f8dcad3231d · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.