Media
Brontekst
Versie 6d38dd137052593c · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenStaatssecretaris Gräper-van Koolwijk: Ik heb net aangegeven dat je over individuele gevallen niet moet oordelen op basis van wat er in de media staat. Volgens mij deed de heer Eerdmans net ook breed de oproep om dat vooral niet te doen. In het kader van hoor en wederhoor constateer ik dat wij in de contacten die wij hebben met beide organisaties, zowel met Ongehoord Nederland als met de NPO, vernemen dat ze nog met elkaar in gesprek zijn en dat beide zoekende zijn naar hoe ze daar op een goede manier uit kunnen komen. Dat gesprek vindt nog plaats. Dat is waarop ik handel en dat lijkt me ook logisch. Het lijkt me ook wenselijk dat zij er in eerste instantie samen uit proberen te komen. Ik zou ze ook graag gunnen dat ze dat voor mekaar krijgen. Voorzitter. Dan kom ik bij een soort overkoepelende vraag die bij velen leeft. Het was een van de eerste vragen die de heer Krul stelde aan het begin van het debat. Er werd gezegd dat cultuurveranderingen veel vragen en ook een lange adem vragen, maar de vraag is vooral: heeft u het gevoel dat er voldoende in gang gezet is om daar te komen, omdat systemen nu eenmaal niet alleen bepalend kunnen zijn, maar ook dat gedrag moet veranderen? Ik constateer — dat is in ieder geval voor mijzelf buitengewoon waardevol — dat alle omroepen, alle dertien, samen met de NPO, in gezamenlijkheid een plan van aanpak gemaakt hebben. Daarmee onderschrijven ze allemaal hoe belangrijk het is om hiertoe te komen. Voor een deel zitten daar structuurdingen in, maar ook gedragsdingen en -elementen. Het feit dat ze dat erkennen, is een soort eerste erkenning dat ze met elkaar bereid zijn om die stappen te maken. Ten tweede. U kunt mij terecht de vraag stellen of ik het geloof op basis van de blauwe ogen van datgene wat er plaatsvindt. Ik denk dat het goed is dat we juist bij zo'n belangrijk onderwerp als dit, nog wel even één laagje dieper de thermometer af en toe inzetten. Dat is ook de reden waarom ik mevrouw Hamer, de nationaal coördinator grensoverschrijdend gedrag, gevraagd heb om mee te kijken met wat er in de praktijk gebeurt bij de omroepen, om zo te zien of de in gang gezette beweging daadwerkelijk tot resultaten leidt. Met alleen systeemveranderingen zijn we er namelijk niet. We zullen ook echt met elkaar de cultuur moeten veranderen. Met mevrouw Hamer als kritisch meekijker, om het zo te zeggen, hebben we in ieder geval iemand die dat in die lijn in de gaten houdt voor ons. Daarnaast heb ik het Commissariaat voor de Media gevraagd om daar in de rol die het al heeft als het gaat om toezicht op gedrag en cultuur nadrukkelijker scherp op te zijn in de komende periode. Ik denk dat dit ook de rol is die hoort bij de toezichthouder. Het gaat er dan om wat het Commissariaat daar ziet. Met die stappen heb ik vanuit mijn rol als staatssecretaris de waarborgen ingezet. Maar u heeft gelijk dat cultuurverandering er een van de lange adem is. We zullen daar waarschijnlijk niet morgen een verschil in zien, maar we moeten wel op weg. Ik denk dat de omroepen in ieder op pad zijn gegaan. Voorzitter. De heer Ceder stelde dat boeteclausules in de contracten een drempel kunnen vormen om misstanden te verhelpen. Ik kan me er iets bij voorstellen dat dit zo is, maar dat is denk ik ook precies de reden waarom we een aantal van de meldingsloketten buiten de bestaande werkgevers hebben georganiseerd, zodat je altijd een plek hebt waar je onafhankelijk van je directe relatie, ongeacht of dat als zzp'er of als medewerker is, je melding kunt doen. Er kan dan gekeken worden wat ervoor nodig is om mensen verder te helpen. De heer Ceder vroeg daarnaast in hoeverre er behoefte is aan een onderzoek bij de commerciële partijen als het gaat om grensoverschrijdend gedrag. Naar aanleiding van het rapport-Van Rijn heb ik niet alleen gesprekken gevoerd met mensen binnen de publieke omroep, maar nadrukkelijk ook met mensen buiten de publieke omroep in de wereld van de media. Ik heb zowel vrije producenten als commerciële partijen gesproken om ook te horen hoe zij met het rapport-Van Rijn op tafel op hun handelen reflecteren. Daarbij past ons wel een andere rol. Dat heeft ermee te maken dat dit bedrijven zijn die net zoals elk ander willekeurig bedrijf in onze samenleving een werkgeversrol hebben. Er zijn bepalingen in de arbeidswetgeving over wat daarin wel en niet acceptabel is. Laat er geen onduidelijkheid over zijn: grensoverschrijdend gedrag is ook bij commerciële mediapartijen niet acceptabel, maar onze rol is wel een andere dan bijvoorbeeld bij de publieke omroep, want daar hebben we te maken met publieke middelen. Dat vraagt om een andere en in mijn ogen ook een zwaardere verantwoordelijkheid bij die organisaties. Ik denk dat het een goed signaal is geweest — dat is mede op initiatief van de commerciële partijen — dat er is gekeken of men kan komen tot een soort gezamenlijke afspraken over hoe je hiermee omgaat. Zowel het meldpunt Mores als het Mediapact Respectvol Samenwerken zijn denk ik uitingen van hoe ze daarmee omgaan, net zoals er binnen de sector als geheel met trainingen gekeken wordt hoe je daaraan aandacht kunt geven. Maar uiteindelijk gaat dit — ik denk dat dat precies is waarom de heer Krul ernaar vroeg — over een cultuur in de sector als geheel en over de vraag hoe je die kunt veranderen. De publieke omroep heeft een soort aanjaagfunctie in die bredere mediasector en kan daarom een belangrijke rol spelen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.