KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Verdienvermogen van Nederland

9 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie e00ae0157547fa25 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Minister Herbert: Ik herken al deze vraagstukken. Ze liggen niet altijd op mijn terrein. De staatssecretaris van Financiën heeft hiervan natuurlijk een deel in de portefeuille. Maar het is bekend, ja. Ik realiseer me dat ik nog heel veel vragen te gaan heb en dat we kort de tijd hebben. Ik doe mijn best om daar sneller doorheen te gaan. Wat ga ik specifiek doen om te zorgen dat er in de financieringen, bij non-bancaire financiers, geen misstanden optreden? Dat was ook een vraag van de heer Prickaertz. Ja, dat is voor mij ook een belangrijk punt. Juist daarom hebben we Finankeur opgestart. Dat is voor vijf jaar gesubsidieerd, om zelfregulering te versterken. Dat is een onafhankelijke organisatie die erop toeziet dat die non-bancaire financiers zich gedragen op de markt. Daarmee hebben we zwaardere audits, scherpere normen en een hogere aansluitingsgraad. Er loopt nog een onderzoek naar de omvang van dit probleem, ook naar aanleiding van een motie-Flach. Ik neem de signalen dus zeker serieus, maar ik wil ook wel graag de uitkomsten van dat onderzoek goed hebben om te weten of er andere dingen nodig zijn. Dan ben ik bij het Toekomstfonds. Dat is hier door de heer Van der Lee nog een keer op tafel gelegd. Ik ga daar gewoon eerlijk over zijn: dat is best een pijnlijk onderwerp, want natuurlijk had ik dat ook liever behouden. Het is namelijk helemaal geen niet-werkend fonds, maar tegelijkertijd moeten er soms ook keuzes gemaakt worden over waar je bezuinigingen doorvoert, dus ook pijnlijke. Daar is het Toekomstfonds nu onder gevallen. Eigenlijk heeft meneer Van der Lee opgeroepen om dat nog eens te heroverwegen. Ik wil daar graag een wat generieker antwoord op geven dan alleen over het Toekomstfonds. Ik wil eigenlijk graag terugverwijzen naar wat ik eerder in dit gesprek zei, namelijk dat het voor mij zo belangrijk is om te kijken naar hoe je de juiste mix van instrumenten hebt op het hele portfolio, zodat je de totale impact haalt. Dat betekent dat zo veel mogelijk potentieel succesvolle start-ups de eindstreep halen in de zin dat ze goede marktspelers worden. Ik realiseer me heel goed dat het Toekomstfonds daar nu een belangrijke rol in heeft gespeeld. Ik wil blijven beoordelen of we uiteindelijk genoeg instrumentarium hebben om het hele landschap goed te vullen. Mevrouw Nanninga heeft mijn aandacht gevraagd: hou ik goed in de gaten dat ondernemers behoefte hebben aan stabiliteit, voorspelbaarheid en niet te veel wisselende regelgeving, en liever helemaal geen, tenzij er dingen bij kunnen komen die helpen? Ik realiseer me dit heel goed en kan hierin ook erg uit ervaring tappen. Ik weet hoezeer je als ondernemer niet kunt investeren als je niet weet waaruit je uiteindelijk je terugverdienvermogen weer haalt. Dus ja, ik zet mij hier enorm voor in. Daarin speelt natuurlijk het drukken van de regeldruk, dus het verminderen van regeldruk, een belangrijk rol. Mevrouw Keijzer heeft daar ook nog naar gevraagd: minister, let u dan wel op dat er ook echt dingen doorgevoerd worden die nu in het lijstje gezet zijn van regels die je wilt afschaffen? Ze vroeg dus of ze uiteindelijk wel echt afgeschaft worden. Ja, daar is inderdaad een ander lijstje voor. Inmiddels is de eerste set afgehandeld, dus doorgevoerd, maar dat is inderdaad nog niet gelijk aan het aantal dat nu al aangemerkt is. Dat zijn er, geloof ik, 318 in totaal of zo. Dus ja, daar stuur ik ook op. De volgende opmerking sprak mij ook zeer aan. Wordt er ondertussen ook opgelet dat er niet te veel nieuwe regels bij komen? Ja, dat is voor mij ook een apart lijstje. De Nederlandse regelgeving is in ieder geval in de afgelopen tijd niet toegenomen als het gaat om de euro's die eraan besteed moeten worden door bedrijven. Ik ben me er wel heel erg van bewust dat we daarvoor ook in Brussel goed ons best moeten doen. Daar zit absoluut mijn focus op. Binnen Nederland werken we er in ieder geval met het ATR volop aan om alleen maar goede nieuwe regelgeving te laten ontstaan. Dat is ook echt een onderwerp waarover ik met andere departementen in gesprek ben, als het ondernemers raakt. We hebben het al gehad over Wennink. Dan ben ik nu bij de ACM. Meneer Van der Lee heeft mij er nog op gewezen dat we eigenlijk juist zien dat de marktconcentratie toeneemt en dat dat niet helpt om de concurrentie onderling op de markt voldoende intact te houden, en dat helpt weer niet om de productiviteit te laten stijgen. Ik ben het daarmee eens. Ik heb dat rapport van de ACM daarbij ook goed in beeld. Ik hoop eigenlijk dat u herkent dat al die dingen waarop we inzetten, bijvoorbeeld met die taskforce, zich juist allemaal richten op dit punt. Heb ik daar nog meer over te zeggen? Ja, ik ben er volop op gericht om die trend te keren. Dat is eigenlijk kort samengevat mijn punt. We hebben het al over de Beethovenaanpak gehad. Dat was de vraag van mevrouw Martens. Ondertussen heb ik mijn collega gevraagd om een beetje te sorteren, zodat ik misschien met nog meer vaart door de andere onderwerpen heen kan gaan, want ik zou eigenlijk naar het volgende blok toe willen. Dat is het blok ruimte voor ondernemers. Grensregio's. Meerdere van u hebben veel aandacht bij mij gevraagd voor problematiek in de grensregio's. Ik ben bijvoorbeeld onlangs nog op bezoek geweest in Berkelland en heb daar veel ondernemers gesproken. Ja, natuurlijk leeft daar heel erg de vraag: hoe vergelijken we ons met het buitenland? Het is overigens best moeilijk om een precies rekensommetje te maken van wat nou precies de problematiek is van in een grensregio moeten concurreren met partijen over de grens. Er zijn wel meerdere dingen die we bewust doen om dit tot een gezonde situatie te leiden, bijvoorbeeld het Nationaal Programma Vitale Regio's. Dat programma besteedt expliciet aandacht aan het wegnemen van grensbelemmeringen die juist kansen in de grensregio's verkleinen. Dat is een eerste ding waarop ik inzet. Een tweede ding is het Interreg-programma. Dat is een stimuleringsprogramma met specifiek aandacht voor grensoverschrijdende samenwerking. Het project AgriTech Innovation is daar een heel concreet voorbeeld van. Van dit soort voorbeelden zouden we er meer willen laten ontstaan. Een derde focus passend bij die grensregioproblematiek — dan til ik het wat hoger — gaat eigenlijk überhaupt over het maken van een gezonde interne markt in heel Europa, waarmee je dus niet meer alleen de buurlanden met elkaar vergelijkt, maar probeert het hele Europese speelveld te harmoniseren. Er zijn meerdere dingen die daarbij spelen. Dat is eigenlijk een hele actieagenda voor de interne markt. In het voorjaar stuurt mijn ministerie daarover nog een actualisatie naar uw Kamer.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · f1924aff12e1f6de

12 okt 2026 · 8ab3608c18f3ddd3

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.