Materieel (voortzetting van het commissiedebat van 3 juni)
Materieel (voortzetting van het commissiedebat van 3 juni)
statement · 10 jun 2026 · Tweede Kamer
Staatssecretaris Boswijk: Dan even over de PCA's — die afkorting klinkt beter. Ik heb het even nagevraagd. Ik zat even te denken over wat de beste vorm is om dit het beste te doen en hoe je hierover kan spreken. Ik kan voorstellen dat we hier een technische briefing voor organiseren, zodat we u even meenemen in wat het precies inhoudt, wat we daadwerkelijk aan het doen zijn en wat er in de komende periode concreet gaat veranderen. Ik denk dat dat de beste setting is. Ik moet nog even kijken of dat openbaar kan of dat dat vertrouwelijk moet. Dat zullen we even moeten uitzoeken. Dat komt goed, hoor ik van mijn ondersteuning. Ik denk dat we dat aanbod gewoon kunnen doen. Ik ga verder, voorzitter. Mevrouw Piri had gevraagd: voor hoeveel miljarden kopen we nou uit de VS? De Kamer is vorig jaar, op 17 juni 2025, medegedeeld dat we in de afgelopen vijf jaar voor ongeveer 6,5 miljard aan materieel en producten van leveranciers uit de VS hebben uitgegeven. In de beantwoording van Kamervragen is op 16 april jongstleden gemeld dat er in aanvulling op de eerder genoemde bedragen ook nog eens 730 miljoen is besteed aan materieel van leveranciers uit de VS. Dat was een vraag van mevrouw Piri. Ik denk dat we die nu hiermee hebben afgedaan. De heer Dassen had nog een beetje een brede vraag: op welke oorlog bereiden we ons voor? Er is een goede uitspraak: als je in de oorlog vecht zoals je de laatste hebt gewonnen, dan verlies je. Ik denk dat Oekraïne dat ook heel treffend laat zien. Er is een goed boek. Ik moet even uitkijken met wat ik zeg, want dit staat niet op mijn papier. Dat boek heet War and Power. Het is net uit. De schrijver laat zien wat de voorwaarden zijn voor of je een oorlog wint of verliest. De les is eigenlijk: niet het land dat de beste spullen heeft, maar het land dat zich uiteindelijk het snelst kan aanpassen, wint. Ik geloof dat ik dat in het vorige debat ook heb gezegd: de innovatie die wij zoeken, gaat niet om het nieuwste type drones, maar veel meer om een nieuwe manier van samenwerken. Het gaat om een nauwe samenwerking met kennisinstellingen en een nauwe samenwerking met het bedrijfsleven. Het gaat erom dat we zorgen dat de innovaties die we doen, snel worden ingevoerd in onze krijgsmacht en dat onze mannen en vrouwen daar snel mee leren werken. Om dit op de meest effectieve manier te doen moeten we dit vooral niet op onze postzegel doen, maar vooral samen met gelijkgestemde landen in Europa. Dat is dus mijn reflectie. De heer Dassen weet dat ik hier nog uren over kan praten, maar er is mij verzocht om het korter te houden dan de vorige keer. Dan moet ik ook gewoon doorgaan, natuurlijk. De heer De Groot vroeg: welke stappen zet de staatssecretaris voor betere EU-raketverdediging? Ik denk dat dat ook in het verlengde ligt van de vraag van mevrouw Jagtenberg. De Nederlandse luchtverdedigingscapaciteit is onderdeel van de Integrated Air and Missile Defence van de NAVO. Defensie volgt met interesse de ontwikkeling van Europese alternatieven. Sterker nog, bij voorkeur kiezen wij voor Nederlandse en Europese systemen zoals NASAMS en NOMADS, maar op dit moment is er, zoals ik al zei, nog geen alternatief voor bijvoorbeeld Patriots. Dat ontslaat ons natuurlijk niet van de plicht om heel hard te werken aan alternatieven. Dat gebeurt ook. Afgelopen week heb ik een overeenkomst getekend. De afkorting is GOPIN. Dat staat voor Gezamenlijke Ontwikkeling en Productiesamenwerking voor Integrated Air & Missile Defence in Nederland. Die overeenkomst hebben we met kennisinstellingen en met bedrijven om op een hele pragmatische manier samen te werken. Het gaat daarbij niet alleen om de grote bedrijven van deze wereld, de Thalessen, maar ook om de kleine innovatieve bedrijven waar we twee jaar geleden nog niet van hadden gehoord. Die overeenkomst heb ik samen met Economische Zaken afgelopen week getekend. Er is veel energie. Het is ook goed om te zien dat kennisinstellingen en bedrijven niet op de overheid wachten en dus echt al veel verder zijn dan wij soms denken. Alle kennis en ervaring die we op dit moment opdoen, verwerken we ook in de Defensienota. U zult dus zeer waarschijnlijk zien dat deze capaciteit een grote rol zal hebben in de Defensienota.
Versie 99cc50aefbf8e33ac4dc76c935d236f62516e01690efeb32b84b62544e240f6a · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Materieel (voortzetting van het commissiedebat van 3 juni)
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.