IVD-aangelegenheden
IVD-aangelegenheden
statement · 3 sep 2026 · Tweede Kamer
Minister Heerma: Dat mag. Er zijn veel vragen gesteld over het extremisme en jihadisme. Het lid Rajkowski van de VVD vroeg een toelichting op het fenomeen jihadistisch gedachtegoed. Zij vroeg ook hoe we kunnen voorkomen dat jongeren minder snel radicaliseren. De belangrijkste terroristische dreiging die wij kennen, komt nog steeds voort uit het jihadisme. Diensten signaleren dat een steeds jonger wordende groep een reële dreiging vormt voor aanslagen en geweld. Het aantal minderjarigen dat in Nederland gearresteerd is in verband met terrorisme is de laatste jaren gestegen. Het jihadistische rechts-extremisme vindt in ons land steeds meer voedingsbodem voor jongeren. De AIVD heeft in 2025 een rapport uitgebracht onder de naam Een web van haat. Daarin wordt de rol van het internet bij de radicalisering van minderjarigen beschreven. De overheid zet met een divers pakket aan beleid en interventies direct en indirect in op de preventieve aanpak van de radicalisering van minderjarigen waar een extremistische of terroristische dreiging van uitgaat. De AIVD draagt daaraan bij door ketenpartners te blijven informeren over dit fenomeen. Dan ga ik door naar de vraag van de heer Clemminck — hij is op dit moment de voorzitter — over aantallen jongeren. Ik kan in het openbaar geen uitspraken doen over precieze aantallen. Wellicht dat ik dat nu te vaak zeg, maar de Kamer wordt daarover via de geëigende kanalen geïnformeerd. Het lid Rajkowski vroeg naar de duiding van de in het jaarverslag geuite zorgen over rechts-extremistische- en remigratiecongressen. Als minister van BZK vind ik de ontwikkelingen rondom rechts-extremisme zorgelijk. Deze vorm van extremisme holt de democratische rechtsstaat namelijk langzaam van binnen uit. De AIVD constateert in haar meest recente jaarverslag dat het rechts-extremisme bewust het eigen narratief probeert te normaliseren binnen de samenleving. Termen als "remigratie" worden door rechts-extremisten als een verhullende term gebruikt, die in hun visie uiteindelijk neerkomt op het gedwongen vertrek van mensen vanwege hun cultuur, religie of ras. Het gebruik van deze term binnen de rechts-extremistische context is een dreiging voor de democratische rechtsorde. Als politiek hebben we de verantwoordelijkheid om ons hierover uit te blijven spreken. De heer Van den Brink van het CDA refereerde aan het jihadistische netwerk, dat ten tijde van de Gaza-oorlog actief in Nederland aan het rekruteren was. Hij vroeg of dat veranderd is in het afgelopen jaar. In algemene zin geldt dat aanjagers van een jihadistisch narratief onderwerpen die in de publiciteit en in de actualiteit spelen, gebruiken als een haakje om te radicaliseren. De aanjagers spelen bewust in op sentimenten die op dat moment in de samenleving spelen. In welke mate welk onderwerp daarvoor wordt gebruikt, kan dus ook in de tijd verschillen. Het kabinet zet zich ervoor in om extremisme te voorkomen. Uw Kamer is hierover geïnformeerd middels de Nationale Extremismestrategie 2024-2029. Het bevorderen van een veerkrachtige, open samenleving is een van de pijlers van deze strategie. De precieze aantallen wat betreft uitreiscijfers kan ik op dit moment niet geven. Ik kan echter wel melden dat de trend die in het jaarverslag van 2025 is beschreven zich ook in 2026 voort lijkt te zetten. U kunt ervan uitgaan dat de AIVD partners wanneer mogelijk informeert over uitreispogingen, zodat deze tegen kunnen worden gegaan. De heer Van den Brink vroeg ook iets over veroordeelde terroristen die vrijkomen. De AIVD kan personen en organisaties onderzoeken wanneer er een ernstig vermoeden is dat zij een dreiging vormen voor de nationale veiligheid. Ik kan in het openbaar geen uitspraken doen over wie of wat er precies wordt onderzocht. De heer Bosma van de PVV ging in zijn eerste termijn nadrukkelijk in op burgemeesters van grote steden en op de bijeenkomsten waar zij bij zijn. Over dit onderwerp zijn al verschillende schriftelijke vragen gesteld. Ik zie de voorzitter knikken, want die kwamen onder andere van JA21. Die vragen zijn ook beantwoord. Het bijwonen van herdenkingen door publieke ambtenaren, zoals burgemeesters, versterkt de sociale cohesie en de band met diverse maatschappelijke groepen. Het bijwonen van herdenkingen tast de neutraliteit van het burgemeesterschap niet aan, omdat het bijwonen van een herdenking, in welke vorm dan ook, slechts de maatschappelijke diversiteit weerspiegelt. Het is daarom aan de burgemeester zelf om een afweging te maken bij welke herdenkingen hij of zij wel of niet is. Ik kan niks zeggen over het waarschuwen vanuit de AIVD. Daar is een specifieke vraag over gesteld die over een specifieke casus ging. Echter geldt in algemene zin dat mogelijke risico's voor de nationale veiligheid, de democratische rechtsorde of de openbare orde door de daarvoor verantwoordelijke instanties worden beoordeeld. Indien daar aanleiding voor is, worden er maatregelen getroffen. De heer Bosma ging ook …
Versie a8e0076d9572312362fc6f12c8e538bc4aeca117789a75e3e7d1fbf81f787f9f · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
IVD-aangelegenheden
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.