← OnderzoekenBrontekst
De heer Mohandis (GroenLinks-PvdA): Voorzitter, dank u wel. Zoals ik in een interruptie eigenlijk al zei, maar nu dan ook echt als inleiding: wij denken dat dit verdrag kan helpen bij het bestrijden van zware ondermijnende criminaliteit. Laat ik daarmee beginnen. Ik vind dat de heer Ellian best het een en ander uiteen heeft gezet over een effectieve aanpak tegen ondermijnende criminaliteit, vanuit zijn rol als Kamerlid op dit dossier. Volgens mij zou dit een volgende stap kunnen zijn.
Desalniettemin hebben we ook zorgen. We hebben serieuze vragen als het gaat om de beperkingsgronden die wij zien, maar ook over hoe we voorkomen dat dit verdrag voor andere politieke doeleinden wordt gebruikt. Daar zal ik straks wat meer over vertellen. Wij overwegen een motie als het gaat om die andere doeleinden.
Eerder hebben wij als fractie, via onder anderen collega's Mutluer en Piri, al zorgen geuit over de mensenrechtelijke aspecten. Specifiek ging dat over de politieke vervolgingen en de positie van journalisten. Wij vragen het kabinet vooral om dit soort gronden echt uit te sluiten. Daar zegt het verdrag ook iets over. Het mag niet zo zijn dat er via een slimme omweg allerlei aanklachten komen waarbij zeer aannemelijk en ook bewijsbaar is dat politieke vervolging het uiteindelijke doel is. Graag alvast een reactie op dit punt.
Nu is het wel zo dat Marokko bij heel veel verdragen is aangesloten. Volgens mij heeft mevrouw Faber allerlei verdragen genoemd. Ook is het zo dat de mensenrechtensituatie te wensen overlaat. Dan druk ik me nog heel voorzichtig uit. Volgens mij refereerde collega Sneller van D66 naar een index waaruit blijkt dat het land niet in de top 50 staat. Ook daarbij druk ik me voorzichtig uit. Vanuit dat licht graag een reflectie.
Ook het kabinet zelf zegt in de memorie van toelichting dat uit verschillende mensenrechtelijke rapportages blijkt dat de uitvoeringspraktijk nog wel te wensen overlaat. Ik ben benieuwd of in het licht van dit verdrag de situatie anders gaat zijn. Hoe garandeert het kabinet dat een proces dat op papier vooraf eerlijk lijkt te gaan te verlopen ook in de praktijk eerlijk gaat verlopen? Hoe wordt gegarandeerd dat er achter een verzoek om uitlevering geen andere doeleinden schuilgaan? Garandeert het verdrag dat er nooit wordt gewerkt aan het uitleveren van iemand op heel andere gronden, bijvoorbeeld een politieke opvatting, of lichtere vergrijpen als het gaat om de strafmaat die wij in Nederland toepassen?
We zijn ook wel benieuwd hoe de "mensenrechtentoets" — zo noem ik die maar even — voorafgaand aan de uitlevering plaatsvindt. Daarbij doel ik niet op het politieke aspect, maar op het voorkomen dat iemand, zoals het kabinet zelf stelt, te maken krijgt met foltering of anderszins. Graag een toelichting.
Er is al veel gezegd, voorzitter. Daarom sla ik wat vragen over. Anders worden ze onnodig dubbel gesteld. Er zijn ook veel vragen gesteld over wat ik maar even de "beperkingsgrond dubbele nationaliteit" noem. Voor veel van de gestelde vragen geldt dat we benieuwd zijn naar het antwoord. De vraag die wij vooral hebben, is of dit verdrag die wederkerigheid gaat stimuleren. Dan druk ik mij heel netjes uit.
Ik had een interruptiedebatje met de heer Ellian van de VVD. Er is een soort hoop dat het verdrag een soort breekijzer gaat zijn om de georganiseerde criminele ondermijning effectiever aan te pakken. Waaruit blijkt dat dan straks? Denkt het kabinet — laat ik het maar heel scherp stellen, anders blijft het een beetje vaag — dat nu opeens gezochte personen met zowel de Marokkaanse als de Nederlandse nationaliteit die hier iets hebben gedaan ook uitgeleverd gaan worden aan Nederland? Als dat niet zo is, moeten we over twee jaar met elkaar een goed gesprek voeren over waar dit verdrag werkelijk voor dient en of het werkelijk zoden aan de dijk zet. Ik ben erg benieuwd of die stimulerende werking en die wederkerigheid daadwerkelijk tot uiting zullen komen.
Ik ga even snel, voorzitter, want ik heb allerlei vragen die in technische vorm al gesteld zijn.
Wij willen ook vragen stellen over de omgekeerde situatie. Wij hadden het er net over: stel dat iemand naast de Nederlandse ook de Marokkaanse nationaliteit heeft en Marokko een beroep doet op het feit dat Marokko geen onderdanen uitlevert aan Nederland, hoe werkt dat dan omgekeerd? Artikel 3 of artikel 4 — ik zeg dit uit het hoofd, pint u mij daar niet op vast — van de Nederlandse Uitleveringswet zegt dat Nederland in beginsel geen eigen onderdanen uitlevert. Hoe zit dat dan? Is dat iets wat u ook kunt inzetten richting de Marokkaanse autoriteiten? Ik ben erg benieuwd hoe u dat ziet en hoe u denkt dat aspect te kunnen inzetten, zodat het verdrag gaat doen waar het voor bedoeld is.
Dan heb ik al gezegd — dit is een serieus punt — dat wij willen voorkomen dat er opeens andere doeleinden worden geschaard onder dit verdrag, zaken die in Nederland niet strafbaar zijn; laat ik dat helder zeggen. Wij willen dus voorkomen dat een opvatting over een politieke situatie, of andere zaken die hier strikt onder de vrijheid van meningsuiting vallen, op een andere manier zouden worden gebruikt. Waarom zeg ik dat zo nadrukkelijk al een paar keer in mijn betoog? Omdat ik hier een hele lijst met personen kan noemen die daadwerkelijk en terecht angstig zijn als het gaat om het vallen onder de scope van een uitlevering, waarbij het ook heel aannemelijk en duidelijk is dat een politieke vervolging zwaarder weegt dan een ander delict. Wij overwegen daarover een motie in te dienen.
Verder ben ik erg benieuwd hoe het kabinet dit punt taxeert. Wij willen in elk geval niet dat het kabinet inlevert op het mensenrechtenaspect in de breedste zin van het woord. Het gaat niet alleen maar om politieke gevolgen, maar ook om de maatstaven die wij hier hanteren. Die mogen wij niet uit het oog verliezen. Wij snappen echter heel goed dat ondermijnende criminaliteit en het containerbegrip "mocromaffia" zo wijdverbreid zijn dat intensievere samenwerking met Marokko kan bijdragen aan een gerichtere aanpak daarvan. Daarom steunen wij dit verdrag.
Dan sluit ik helemaal af. Ik zie de heer Sneller al staan, maar ik ben dan ook aan het eind gekomen van mijn betoog. Ik sluit af met het punt van de evaluatie. Ik heb al meerdere collega's gevraagd of we daar niet wat scherper op moeten zijn. Waarom vinden wij dat dit nodig is? Als dit verdrag daadwerkelijk meer kan betekenen dan de bestaande situatie via multilaterale verdragen, zouden wij ervoor moeten zorgen dat wij minstens elk jaar — het mag ook twee jaar zijn, we pinnen ons niet vast dat op één jaar, maar in elk geval veel eerder dan die vijf jaar — kunnen zien hoeveel uitleveringsverzoeken er over en weer zijn gedaan, op welke beperkingsgronden ze niet konden worden ingewilligd, om hoeveel rechterlijke uitspraken of anderszins het ging, en dergelijke. Alle stapjes die dan plaatsvinden bij een uitleveringsverzoek staan helder in de memorie van toelichting; die ga ik nu niet opnoemen. Maar ik wil in elk geval minstens een keer per jaar precies weten hoe zich dit ontvouwt.
Ik hoorde net iemand aantallen noemen, maar ons gaat het niet om kwantitatieve aantallen. De heer Ellian merkte terecht op dat het heel erg gaat om gevallen waarin je echt gericht kunt vragen om een uitlevering die veel maatschappelijke impact heeft. Dat weegt zwaarder dan kwantitatieve aantallen, want daar heb ik niet zo veel aan. Je kunt er vijftien hebben, waarbij er veertien keer niet is uitgeleverd omwille van een terechte beperkingsgrond of een rechterlijke uitspraak. Dat is voor ons een zeer relevant punt in dit verdrag. Het gaat er veel meer om of het ook effectief voelt. Het effect zou moeten zijn dat zwaar ondermijnende criminelen die gevlucht zijn daar ook geen veilig onderkomen hebben. Ik heb er vertrouwen in dat dit kabinet dit weegt en ziet en dat rechtsstatelijke kader niet uit het oog verliest.
Daar houd ik het bij, voorzitter.
Versie 84ea11f2464a7b4f129d0b7195b0700df6fe5e1f9d94e63ede297ae4a578aca2 · Officiële bron.
Context en discussie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.