statement · 3 sep 2026 · Tweede Kamer
Voorstel van wet van het lid Bushoff tot wijziging van de Mededingingswet in verband met de uitbreiding van het concentratietoezicht (Wet inroepbevoegdheid ACM) (36774) Antwoord 1e termijn + rest
Brontekst
De heer Bushoff (PRO): Dank u wel, voorzitter. Aangezien we een rasechte Amsterdamse voorzitter hebben, dacht ik: ik begin met een uitspraak van een Amsterdammer die iedereen denk ik welbekend is. Je gaat het pas zien als je het doorhebt, zei Cruijff ooit. Bij initiatiefwetgeving is het eigenlijk precies andersom. Je hebt pas door hoeveel werk het is op het moment dat je eraan begonnen bent. Dat werk, moet ik ook eerlijk zeggen, wordt vooral gedaan door de mensen achter de schermen, in de eerste plaats door Mathijs Tollerton, wetgevingsjurist bij Economische Zaken — daarvoor wil ik hem heel erg bedanken — en natuurlijk ook door onze eigen beleidsmedewerker van de Tweede Kamerfractie van PRO, Ton Langenhuyzen. Hoewel je het niet zou zeggen, zeker als je naar Ton kijkt uiteraard, werkt hij hier al ongeveer even lang als dat ik oud ben. Ik denk dat veel politici zich dan afvragen: hoe doe je dat, Ton? Ik denk dat het vooral iets anders aangeeft, namelijk dat politici uiteindelijk vervangbaar zijn, maar dat de mensen achter de schermen onmisbaar zijn om dit Kamerwerk goed te kunnen doen. Daar wil ik ze vanaf deze plek ook heel hartelijk voor danken. Mocht ik het dan verkloten vanuit vak K … Ik weet niet of dat het woord is dat je vanuit vak K hoort te gebruiken, maar goed. Als dat zo is, dan is dat echt volledig aan mij, maar alle complimenten die u gisteren al heeft gegeven voor deze wet, geleid ik heel graag door naar de ondersteuning achter mij. Voorzitter. Ik ga proberen, gelet op de tijd, om wel volledig te antwoorden maar toch dat enigszins kort en bondig te doen. Ik zal dat doen aan de hand van de welbekende blokken, maar voordat ik u ga mededelen in welke blokken ik ga antwoorden, wil ik toch ook nog een paar inleidende woorden met u delen over dit initiatiefwetsvoorstel. Je kind naar school of de kinderopvang brengen. Met de fiets, trein of auto in de drukke ochtendspits naar het werk of toch eerst nog eventjes naar de huisarts en kunnen rekenen op goede zorg als dat nodig is. Met een goed idee een bedrijf beginnen en ervan dromen dat jouw start-up het succesverhaal van morgen wordt. Het zou zomaar een doodnormale donderdagochtend kunnen zijn voor miljoenen gewone mensen in ons land. En misschien is dat wel wat we van de politiek mogen verwachten: dat gewone leven goed regelen, eerlijk en met het algemeen belang voorop. Want wat is er eerlijk aan als de winst van enkelen zwaarder weegt dan het algemeen belang? Wat is er eerlijk aan als gewone mensen steeds minder te kiezen hebben, maar de prijzen van de zorg, de dierenarts of de kinderopvang steeds hoger worden? En wat is er eerlijk aan als een goed idee niet de kans krijgt om uit te groeien tot een succesvolle onderneming, omdat een gevestigd bedrijf een start-up opkoopt met maar één doel: innovatie en de concurrentie van morgen uitschakelen? Eerlijk is het als we beschermen wat van waarde is en goed zorgen voor wat van ons allemaal is. Eerlijk is het als we kiezen voor het algemeen belang boven de winst van enkelen. Dat is een eerlijke economie en daar moet deze wet aan bijdragen. Deze wet geeft de Autoriteit Consument & Markt, de toezichthouder, de mogelijkheid om ook potentieel kleine maar toch schadelijke overnames te kunnen onderzoeken en tegen te houden, en zo te voorkomen dat er steeds meer economische macht in steeds minder handen terechtkomt. Voorzitter. Ik zeg er nadrukkelijk bij: deze wet verbiedt ondernemen niet. Hij maakt het juist om mogelijk om goed te blijven ondernemen. Overnames blijven mogelijk. Fuseren blijft mogelijk. Maar alleen daar waar een onevenredige hoeveelheid marktmacht ontstaat, die onwenselijk is, geven we de toezichthouder de mogelijkheid om dan in het algemeen belang in te grijpen. Voorzitter. Laat ik nog heel even kort schetsen hoe dat dan zou kunnen gaan, de werking van het instrument van de inroepbevoegdheid. Op het moment dat een fusie of een overname — we noemen dat ook wel concentratie — wordt gemeld bij de ACM of die publiek kenbaar wordt gemaakt, heeft de ACM vier weken de tijd om te zeggen: ik wil graag meer informatie over deze fusie of overname, over deze concentratie. Na het ontvangen van die aanvullende informatie, heeft de ACM vervolgens nog eens vier weken de tijd om te beslissen of zij deze overname of fusie dan inroepen, zoals dat heet. Ik zeg daarbij dus, ook in de richting van de heer Claassen — ik zie hem nu niet — dat dat is hoe het werkt en dat dit de termijnen zijn die dus ook voor de ACM gelden, heldere termijnen waarbinnen zij dus deze besluiten maken, waar ook nog eens bezwaar en beroep tegen mogelijk is. Mocht de ACM ervoor kiezen om zo'n fusie of overname binnen te halen, gelden vanaf dat moment de gewone mededingingsregels zoals we die nu ook al hebben opgeschreven in de Mededingingswet en de procedures van de ACM zoals die nu ook al zijn. Voorzitter. Dat gezegd hebbende, is het denk ik … Ik dacht: het is goed om dat nog even te herhalen, ook in de richting van de heer Claassen. Die had daar namelijk wat opmerkingen en vragen over: hoe werkt dat nou precies en hoelang duurt het nou voordat de ACM een besluit neemt? Ik hoop dat hiermee te hebben opgehelderd. Voorzitter. Dan ga ik, na deze algemene woorden en het schetsen van de werking van het instrument, over tot de beantwoording van de meer specifieke vragen en dat doe ik aan de hand van de volgende blokjes. Ik ga het eerst kort hebben over de noodzaak en de reikwijdte van het instrument. Dan de balans tussen de belasting voor het bedrijfsleven en het algemeen belang natuurlijk. Daar moeten we een goede balans in vinden. Bij dat blokje ga ik het ook hebben over de zogenoemde "omzetdrempels". Daar is het veelvuldig over gegaan. Ik ga het hebben over de rechtszekerheid in het derde blok en over het effect op de economie en de ATR. Ik kijk de heer Kisteman aan. In het vierde blokje kom ik daar echt uitgebreid op terug. Ik zal heel kort stilstaan bij een invoeringstoets en een evaluatie. Tot slot heb ik nog een enkele overige vraag, waarbij ik onder andere stil zal staan bij het amendement van de heer Prickaertz over een meldpunt. Dat komt dus aan het einde terug. Ik zal overigens de amendementen gaandeweg proberen te appreciëren, maar ik zal voor de volledigheid ook aan het einde nog even kort terugkomen op de appreciatie van alle amendementen. Dan eerst de noodzaak en de reikwijdte van het instrument. Eigenlijk zeiden vrijwel alle leden, op een enkeling na: we zien verschillende ontwikkelingen die wij potentieel onwenselijk vinden, zoals de zogenaamde "killer acquisitions" waarbij een gevestigd bedrijf een veelbelovende start-up opkoopt en daarmee innovatie in de kiem smoort. Daar hadden verschillende leden het over, maar veel leden wezen vooral ook op die serie van kleine overnames, in de kinderopvang, in de huisartsenzorg en bijvoorbeeld bij de dierenartsen, die ertoe zouden kunnen leiden dat er een te grote marktmacht ontstaat in een bepaalde regio of regionale markt, wat vervolgens een nadelig effect zou kunnen hebben op de kwaliteit of de prijs. Veel van uw leden zeiden daarom: daarom steunen wij het instrument van zo'n inroepbevoegdheid. De OESO ziet eigenlijk een toename van dit soort kleine overnames en ook de ACM ziet een toename van dit soort kleine overnames, dus willen we kunnen ingrijpen voor het te laat is. Ik vond dat de heer Schoonis dat eigenlijk wel mooi verwoordde aan de hand van een goed voorbeeld. Hij zei: "Weet u nog dat voorbeeld van PostNL dat Sandd overnam? Toen kwamen we er eigenlijk na jaren achter dat we dat niet hadden gewild en dat dat niet had gemogen, maar toen was het al te laat." En precies dat wil je voorkomen. Het was volgens mij de heer Prickaertz die heel duidelijk zei — ik citeer hem even: "We moeten voorkomen dat we een systeem bouwen waarmee de ACM pas kan optreden nadat de schade al is aangericht. De inzet moet niet alleen zijn om achteraf marktmacht te repareren. De inzet moet zijn om die marktmacht, waar mogelijk, tijdig te signaleren en te voorkomen." Ik dacht: dat is me uit het hart gegrepen. Precies dat is inderdaad het doel van deze wet. Ik zeg er ook bij in de richting van de heer Prickaertz: het is niet alleen bedoeld om consumenten te beschermen, maar het is natuurlijk ook bedoeld om bedrijven onderling te beschermen. De heer Prickaertz verwoordde zijn voorbeeld heel mooi, vond ik. Dat was een persoonlijk voorbeeld. Hij was zelf de ondernemer, die in dit geval — ik moet even terugkijken — private labeldrinks verkocht en daarvoor dus digitale printtechnieken voor die labels nodig had. Zoals de heer Prickaertz dat mooi vertelde, had hij in het verleden keuze uit verschillende bedrijven die die druktechniek konden toepassen, maar werden vervolgens al die bedrijven door een private-equitypartij opgekocht, ging de prijs omhoog en was de onderneming van de heer Prickaertz daar de dupe van. Precies dat wil je kunnen voorkomen met deze wet. Ik hoop daarmee ook de heer Prickaertz gerust te stellen dat deze wet niet alleen consumenten, maar ook ondernemers kan beschermen. Voorzitter. Eigenlijk zie je in de economie die we vandaag de dag kennen gelukkig heel veel dingen goed gaan. Af en toe zie je echter een aantal schadelijke trends waarbij een grote partij of een private-equitypartij een serie aan overnames doet die leidt tot te veel marktmacht. Dat zijn trends, symptomen die we kennen van het Angelsaksische aandeelhoudersmodel. Dat is eigenlijk altijd gericht op het maken van kortetermijnwinsten en op hoog rendement. Het belang van aandeelhouders staat hierbij voorop. Dat staat in zo'n ontzettend schril contrast met het Rijnlandse model, waar Nederland zo groot mee is geworden. Daarin zijn de belangen van zowel aandeelhouders als werknemers alsook de samenleving nevenstaand. Het Rijnlandse model past heel goed bij deze wet. Ik kan eigenlijk beter zeggen: deze wet past heel goed binnen de Nederlandse traditie van het Rijnlandse model. Dat is iets wat mij als sociaaldemocraat ook na aan het hart ligt. Maar ik kan me ook goed voorstellen, zeg ik in de richting van mevrouw Bühler van het CDA — ik kijk met een schuin oog naar de minister, die hier natuurlijk namens ons allemaal en namens de Kroon zit, maar toch — dat dit past binnen de christendemocratische traditie van goed rentmeesterschap en een eerlijke economie, waarin je juist alle belangen van werkgevers, aandeelhouders, werknemers en de samenleving goed met elkaar in balans probeert te brengen. Voorzitter. Dat brengt mij bij mijn volgende blokje: de balans tussen aan de ene kant het dienen van het algemeen belang en aan de andere kant het voorkomen dat dat leidt tot onevenredig veel lasten voor het bedrijfsleven. Hoe doen we dat nou? Ik denk dat ik hier ietsjes langer bij moet stilstaan, omdat er veel vragen over zijn geweest, met name over de drempels die in deze wet zitten. De heer Van der Lee begon met de vraag: waarom heeft u überhaupt zo'n asymmetrische drempel van 30 miljoen ingebouwd, die ervoor zorgt dat op het moment dat er sprake is van een overname, de ACM alleen gebruik kan maken van haar inroepbevoegdheid op het moment dat een van beide partijen een omzet van 30 miljoen heeft? Dat zat in het oorspronkelijke voorstel nog niet, zei hij. De heer Van der Lee heeft volkomen gelijk dat dat nog niet in het oorspronkelijke voorstel zat. Mijn gedachte daarachter was dat we ook alle kleine overnames willen kunnen toetsen. Die zouden namelijk weleens schadelijk kunnen zijn. Tegelijkertijd — dan kom ik ook op het punt van balans — moet ik ook constateren dat we er na de consultatieronde, maar ook na het advies van de Raad van State toch voor hebben gekozen om zo'n asymmetrische drempel van in dit geval 30 miljoen in de wet op te nemen, omdat we daarom meer zekerheid geven aan het bedrijfsleven over waar ze aan toe zijn. We zorgen er op deze manier ook voor dat niet alle kleine overnames onder die inroepbevoegdheid vallen, maar dat alleen degene die het meest schadelijk zouden kunnen zijn onderzocht worden door de ACM. Dat is niet mijn eigen opvatting, maar de ACM zei: wij verwachten dat we alleen overnames waarbij een van de partijen meer dan 30 miljoen omzet het liefste zouden onderzoeken. Ook daarin volg ik in die zin de ACM. Ik denk dat het wetsvoorstel dat nu voorligt, dus met zo'n asymmetrische omzetdrempel, echt is veranderd ten opzichte van het initiële voorstel. Dat zorgt uiteindelijk voor een betere balans. Ik denk dat die balans goed is gevonden na de consultatieronde en na het advies van de Raad van State goed gelezen te hebben, zeg ik in de richting van mevrouw Nanninga. Dat advies kwam overigens overeen met een dictum b. Voorzitter. De heer Schoonis van D66 vroeg: hebben we dan geen blinde vlekken als we zo'n omzetdrempel in de wet inbouwen? De eerlijkheid gebiedt te zeggen: ja, we hebben een aantal blinde vlekken. De heer Van der Lee had heel goed uitgezocht — ik zou dat niet durven betwisten — hoeveel bedrijven in Nederland nou een omzet van meer dan 30 of 40 miljoen euro draaien. De meeste kleine bedrijven hebben een lagere omzet. Laat ik even in perspectief plaatsen welke bedrijven eventueel wel in aanmerking zouden kunnen komen voor zo'n inroepbevoegdheid met zo'n asymmetrische drempel van nu nog 30 miljoen euro, maar wellicht — we gaan het zien — straks 50 miljoen euro, met de wijziging die voorligt. Denk bijvoorbeeld aan kinderopvang Partou of kinderopvang Kindergarden: allemaal grote ketens, u allen welbekend, denk ik. Die draaien allemaal omzetten van honderden miljoenen. Stel dat zij zo'n overname hadden gedaan of nog meer overnames zouden willen doen, dan zou met deze wet de ACM in theorie de bevoegdheid krijgen om dat te onderzoeken en zo nodig tegen te houden. Daarmee zeg ik niet dat de ACM dat zou gaan doen; dan ga ik te veel op de stoel zitten van de ACM, die toch een zelfstandig bestuursorgaan is. Maar met deze inroepbevoegdheid zouden zij bijvoorbeeld in de kinderopvang bij Partou en bij Kindergarden, maar ook bij de dierenartsen van Evidensia, die negatieve gevolgen nog steeds kunnen onderzoeken met een omzetdrempel van 30 miljoen of 50 miljoen. Ik denk dat het goed is om dat ook te benoemen. Voorzitter. Dan volgende vraag, ook van D66: "De ACM bepleit eigenlijk zowel een inroepbevoegdheid als het generiek verhogen van de omzetdrempels. Waarom heeft de indiener ervoor gekozen om die omzetdrempels niet ook generiek te verhogen?" Daarbij was eveneens de afweging dat ik het vooral belangrijk vind dat we al die kleine overnames ook kunnen toetsen. De tweede afweging was: ik ga nu vooral een instrument maken, zo'n inroepbevoegdheid. Die algemene omzetdrempels verhogen, vind ik iets dat misschien wel los zou kunnen staan van deze wet. Ik moet wel eerlijk zeggen dat ik me, ook gegeven het debat in deze Kamer, nu ik goed heb geluisterd naar de zorgen van de heer Kisteman over de regeldruk voor het bedrijfsleven, maar ook naar mevrouw Bühler, best wel wat kan voorstellen bij het algemeen verhogen van die omzetdrempels. Als je dat doet, zorg je er namelijk voor dat de lasten voor heel veel bedrijven lager worden, en geef je tegelijkertijd de ACM met deze inroepbevoegdheid de mogelijkheid om alleen daar waar het nodig is echt heel gericht te kunnen ingrijpen. Ik denk dat we dan weer terugkomen op het vinden van die goede balans. Ik hoop dus ook dat inderdaad ... Ik licht nu al een klein tipje van de sluier op over het amendement van mevrouw Bühler voor het algemeen verhogen van de omzetdrempels: dat is iets dat niet aan mijn wet raakt, in die zin dat het in de wet staat, dus de appreciatie volgt van de minister. Maar als ik daar iets over mocht zeggen, dan kan ik me er iets bij voorstellen, omdat het volgens mij inderdaad bijdraagt aan een goede balans tussen aan de ene kant minder lasten voor het bedrijfsleven en aan de andere kant een gerichte inroepbevoegdheid, die het voor de ACM mogelijk maakt om in te grijpen wanneer dat nodig is.
Versie e4c861610d1430d6dc3bed0e206b96129073072f497c5913d9593e8345e2d494 · Officiële bron.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.