KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 28 mei 2024 · Tweede Kamer

Raad Buitenlandse Zaken Handel

Brontekst

Minister Schreinemacher: De heer Tuinman vroeg naar de regeldruk en imvo. Hij zei dat er eigenlijk steeds meer Europese regelgeving komt. Daar heb ik het al eerder in mijn inbreng over gehad. Het klopt dat er steeds meer Europese regelgeving is. Die regelgeving streeft natuurlijk ook publieke belangen na, zoals het tegengaan van mensenrechtenschendingen, de nationale veiligheid en verduurzaming, maar we moeten altijd een balans vinden tussen publieke belangen en commerciële belangen enerzijds en de uitvoerbaarheid anderzijds. Ik ben het met de heer Tuinman eens dat we altijd moeten bekijken of de wetgeving echt uitvoerbaar is. Daarom doen we verschillende uitvoeringstoetsen. Ook bij CS-triple-D of imvo-wetgeving gaan we een toets doen naar de bedrijfseffecten en dan zullen we onder andere ook de regeldruk onderzoeken. Daaronder valt ook de mkb-toets, zeg ik er direct bij. De heer Ram had namelijk een vraag gesteld over het mkb en zei dat grote bedrijven hun verantwoordelijkheden eigenlijk door zouden geven aan het mkb. Het mkb valt strikt genomen niet onder CS-triple-D, want de imvo-wetgeving gaat over bedrijven die meer dan 1.000 werknemers hebben en een omzet van hoger dan 450 miljoen. Dat is dus niet het mkb. Nederland heeft tijdens de onderhandelingen over CS-triple-D juist ingezet op het voorkomen van het afwentelen van de verplichtingen op het mkb, dus dat je die contractueel kunt doorleggen. Ik ben het eens met de heer Ram als hij zegt dat het mkb zich zorgen maakt, omdat grote bedrijven natuurlijk tegen de bedrijven waarvan ze afnemer zijn, zeggen dat ze daar ook aan moeten voldoen. Dat heb ik ook veel gehoord van het mkb. Ik denk dat het goed is dat er in de gehele keten wordt gekeken hoe we misstanden tegengaan, maar grote bedrijven zijn ook verplicht om hun kleinere ketenpartners te ondersteunen bij verbetertrajecten. Wij zullen dat vanuit het kabinet, vanuit de regering, ook doen met een contactpunt. Dat is niet alleen bedoeld voor het grootbedrijf, maar ook voor mkb'ers, want uiteindelijk zullen alle bedrijven hier vroeg of laat wel mee te maken hebben. De vraag is alleen of ze echt zelf aansprakelijk zijn voor misstanden. Het is meer zo dat de grote bedrijven ook aan hun partners vragen om te helpen bij het inzichtelijk maken van de risico's en deze dan te mitigeren. Dat lijkt me goed. Maar we hebben ook het imvo-steunpunt. Ik zal er echt voor zorgen — en ik zal dat mijn opvolger ook op het hart drukken — dat het mkb daar juist heel goed bediend wordt. Want als je niet veel mensen in dienst hebt, waar begin je dan met het op orde brengen van je keten? De heer Ceder vroeg naar de samenwerking tussen bedrijven en de kosten voor het naleven van CS-triple-D. Hij vroeg of die kosten naar beneden kunnen door samen te werken. Het is natuurlijk zo dat bedrijven zich beter kunnen voorbereiden op CS-triple-D door samen te werken. Ook kunnen ze daarmee de kosten voor implementatie naar beneden brengen. Om dat mogelijk te maken wordt het instrument sectorale samenwerking uitgewerkt conform de kaders gesteld in de Kamerbrief van 6 november 2023, die gaat over het peilmoment sectorale samenwerking. Ik denk echt dat sectorale samenwerking een heel goed instrument is om bedrijven, ook kleine bedrijven, te helpen om te voldoen aan die CS-triple-D-richtlijn. De heer Ceder vroeg ook nog naar de publicatie en naar het proces. Na publicatie in het EU-publicatieblad en de inwerkingtreding hebben lidstaten twee jaar de tijd om CS-triple-D om te zetten in nationale wetgeving. Natuurlijk gaan we de gebruikelijke procedures doorlopen. Het is van belang om dit zorgvuldig te doen en daarom doen we ook die toetsen en dat onderzoek waarin ook de regeldruk voor het mkb aan de orde komt, zoals ik zojuist ook heb laten weten. Daarmee heb ik ook de vraag van mevrouw Hirsch beantwoord. Mevrouw Hirsch vroeg daarnaast naar de toezichthouder en de ontwikkeling van het mandaat daarvan. Zij zei dat we bekend staan om het niet goed toezicht houden van sectoren. Als ik het vergelijk met mijn oud-collega's in het Europees Parlement, weet ik niet of zij het helemaal met u eens zouden zijn; maar goed, daarover kun je van mening verschillen. Maar over het belang van goed toezicht ben ik het helemaal eens met mevrouw Hirsch. Het is aan de onafhankelijke toezichthouder om het toezicht in te regelen en te bepalen hoe stakeholders het beste betrokken kunnen worden. Hoe die implementatie precies vormgegeven zal worden, is aan een nieuw kabinet. Waar relevant, zal dan in de geannoteerde agenda bij de RBZ Handel de voortgang worden gemeld. Hiervan zult u dus op de hoogte gehouden worden via geannoteerde agenda's voor de RBZ Handel.

Versie b4c700a2793840482a4bba2ba2e37ae317ede7eea1438af820d59c0a4250aeae · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · b17d72bc2614ed5d

13 okt 2026 · 7aa4cffe7a333cae

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.