Informele Raad Buitenlandse Zaken Handel van 13-14 oktober 2025
Brontekst
Versie 7d9fb32d21730da8 · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigenStaatssecretaris De Vries: Dank u wel, voorzitter. Dit is voor mij het eerste debat op het gebied van handel. Ik mocht natuurlijk vorige week al een debat met u hebben over humanitaire hulp. Er komt een Informele Raad Buitenlandse Zaken aan op 13 en 13 oktober en daar staan de handelsrelatie tussen EU en VS, economische veiligheid en de voortgang van onderhandelingen over de handelsakkoorden primair op de agenda. Ik zal in een aantal blokjes ingaan op de verschillende onderwerpen die ingebracht zijn. Hier en daar waren de vragen wat breder dan de geagendeerde onderwerpen, maar dat geeft niets. Het is altijd goed om met elkaar daarover verder te spreken. Ik heb dus een aantal blokjes, allereerst de relatie EU-VS; dan economische veiligheid; de handelsrelatie met China; vervolgens de handelsakkoorden EU-Mercosur, Indonesië en ... Ik dacht dat er nog eentje was, maar die komen we vanzelf tegen. Dan Korea en het digitale akkoord; Israël en de import van producten uit illegale nederzettingen en tot slot nog de exportkredietverzekering, ekv, die mevrouw Hirsch naar aanleiding van de beantwoording van de schriftelijke vragen opbracht. Allereerst de verdragen tussen de EU en de VS. Daar heeft u eigenlijk allemaal aandacht voor gevraagd. Ik denk dat daarin een beetje doorklinkt wat wij ook wel als beeld hebben: er is een resultaat; dat geeft meer zekerheid en duidelijkheid maar het is niet per se altijd reden voor blijdschap, want we hadden natuurlijk liever andere afspraken gemaakt. Het is ook geen evenwichtig onderhandelingsresultaat, maar wat ons betreft wel het best mogelijke resultaat, gezien de omstandigheden. Het alternatief van escalatie en een handelsoorlog was volgens ons nog slechter geweest. Daarnaast bieden de afspraken ook wel weer een basis voor verdere onderhandelingen. Misschien geef ik u ook even een kleine update van de stand van zaken. Vorige week donderdag 25 september hebben de VS de tarieven op auto's uit de EU met terugwerkende kracht per 1 augustus verlaagd naar het afgesproken tarief van 15%. Dat is mooi. Voor andere producten zoals vliegtuigonderdelen hebben de VS de tarieven nu aangepast naar het oude niveau van voor april 2025. Aan die kant worden er dus stappen gezet door de VS. Ook aan Europese kant worden er stappen gezet voor de implementatie van de afspraken. Ter implementatie van de afspraken die er aan Europese kant gemaakt zijn, zijn inmiddels twee conceptverordeningen gepubliceerd door de Europese Commissie. Daar krijgt u natuurlijk de bijbehorende BNC-fiches over. Wij zetten er natuurlijk nog op in te bezien of we andere afspraken kunnen maken. Voor sommige producten zoals staal geldt er nu een hogere heffing van 50%. Daar kan en moet wat ons betreft in ieder geval nog verder over gesproken worden. Nederland zet zich daar actief voor in, zowel in Brussel als in de bilaterale contacten met Washington. Daarnaast zien we wel dat de Verenigde Staten nieuwe zogenaamde 232-onderzoeken blijft aankondigen, vorige week nog voor de medtech en robotica, en eerder voor farmaceutische producten en de halfgeleidersector. We blijven dat uiteraard goed volgen. Er zijn immers afspraken gemaakt over de tarieven. Dan kan het niet zo zijn dat daar continu uitzonderingen op gemaakt gaan worden. Uitgangspunt voor Europa is dat eventuele nieuwe Amerikaanse tarieven onder de plafonds van de gezamenlijke verklaring moeten blijven, maar we gaan dat natuurlijk nauwlettend volgen. Dan kom ik bij de vragen van de verschillende leden, allereerst de heer Paternotte van D66. "Welke effecten heeft het op onze economie en zijn die al zichtbaar?" De macro-economische gevolgen kent u uit de verschillende studies die daarover al zijn verschenen. De bedrijven zitten in onzekerheid. Daarom spreken we veel met bedrijven. Veel van hun zorgen gaan op dit moment over de implementatie. Voor het kabinet is het allereerst belangrijk dat de gemaakte afspraken goed worden uitgewerkt. Daar helpen de verordeningen natuurlijk bij, evenals de afspraken die Amerika aan het implementeren is. Ik moet wel zeggen dat die 232-onderzoeken weer onzekerheid en onduidelijkheid geven bij bedrijven, maar dat volgen we natuurlijk goed, zoals ik al zei. We hebben de Europese Commissie ook opgeroepen om prioriteit te geven aan de implementatie. "Hoe waardeert u de opstelling van de Commissie? Staat het Nederlandse belang voldoende op het netvlies?" De heer Van Campen vroeg daarnaar, maar volgens mij ook mevrouw De Korte en de heer Ram. In vergelijking met andere landen heeft de EU nog best wel gunstige tarieven kunnen afspreken, ook al is een basistarief van 15% best wel hoog. Wel is het een van de laagste die is afgesproken. We zullen als Nederland en als EU altijd onze eigen belangen en die van onze bedrijven verdedigen. Daarover staan we ook in nauw contact met de Commissie. We blijven erop inzetten om te kijken naar andere aanvullende afspraken. Welke gevolgen ziet de staatssecretaris voor de Nederlandse economie? Dit was een vraag van de heer Van Campen. Tarieven zijn eigenlijk nooit in iemands voordeel; daar moeten we ook duidelijk over zijn. Maar er zijn zeker Nederlandse bedrijven die de gevolgen zullen ervaren. Dat geldt vooral in sectoren waarvoor hogere heffingen gelden, zoals de staalsector. Dat betreft niet alleen de primaire staalsector, maar ook de andere sectoren die staal gebruiken. Wat ons betreft is het wel te vroeg om nu een goede inschatting te kunnen maken. De export naar de VS was afgelopen jaar maar 5,7% van de totale Nederlandse export, waarvan minder dan twee derde van Nederlandse makelij was. Maar het kabinet zal zich dus blijven inzetten voor een tariefverlaging voor de voor Nederland belangrijke exportbelangen. Daar is staal er een van. De heer Van Campen vroeg of wij ook gesprekken voeren met Nederlandse bedrijven en hoe zij de tarieven ervaren. Wij staan natuurlijk in nauw contact met hen, overigens niet alleen mijn ministerie, maar ook het ministerie van mijn collega van Economische Zaken. Wij horen terug dat ze vooral baat hebben bij stabiliteit en voorspelbaarheid. Daarom hebben wij uiteindelijk ook ingestemd met de deal met de VS. Niemand zal zeggen dat die ideaal is, maar we moeten beseffen dat alternatieven ook wel veel slechter uit zouden kunnen pakken voor het bedrijfsleven. Op de Nederlandse belangen ben ik al ingegaan. Mevrouw De Korte vroeg daarnaar. Mevrouw De Korte vroeg ook of er op korte termijn Nederlandse bedrijven zijn die op omvallen staan vanwege de gemaakte afspraken. Wij hebben daar op dit moment geen concrete signalen voor. Het is wel duidelijk dat niemand blij is met dit tarief van de Verenigde Staten. Het zal sommige bedrijven ook ontzettend veel pijn gaan doen. Het kabinet blijft zich daarom inzetten om het in contact met de Verenigde Staten over verdere tariefverlichting te hebben. Voor advies en steun kunnen bedrijven terecht bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Er is uitgebreid instrumentarium beschikbaar voor Nederlandse bedrijven. De heer Van Campen vroeg nog naar de carve-out. Ik ben er eigenlijk al op ingegaan. Een van de belangrijkste is staal, maar samen met de Europese Unie zijn er natuurlijk meer sectoren. Staal heeft wel een heel hoog tarief op dit moment, namelijk 50%. Dat is echt te hoog en schaadt onze exporterende bedrijven. Over de Nederlandse belangen heb ik het net ook al gehad. Dat was een vraag van de heer Ram, maar die heb ik zonet al beantwoord volgens mij. De heer Ram van de PVV vroeg ook nog naar de non-tarifaire barrières, die moeten worden aangepakt. Hij vroeg hoe het kabinet kijkt naar eventuele versoepelingen van dergelijke regelgeving, om zo lagere Amerikaanse importheffingen te krijgen. Ik wil wel duidelijk zijn dat er wat ons betreft niet getornd kan worden aan de regelgevende autonomie van de Europese Unie. Er kan geen sprake zijn van aanpassingen van Europese wet- en regelgeving onder druk van andere landen. Ik zie het daarom ook als positief dat hierop geen concessies zijn gedaan in de afspraken die nu zijn gemaakt tussen de VS en de Europese Unie. De details van de deal tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten worden nog verder uitgewerkt. Ik wil daarbij vooral wijzen naar de twee verordeningen die de Europese Commissie net gepubliceerd heeft. Die krijgt u natuurlijk ook nog met het BNC-fiche en de kabinetsappreciatie, maar ik heb zonet al aangegeven dat de executive order vanuit Amerika voor bijvoorbeeld het verlagen van het tarief voor auto's inmiddels met terugwerkende kracht in werking gaat treden. Ik heb hier nog een keer een vraag over de Nederlandse belangen, maar die heb ik ook al gehad. De heer Van Campen van de VVD zei dat de interne handelsbelemmeringen gelijk zijn aan tarieven van 44% op goederen en 110% op diensten en vroeg of ik dat herken. Ja, dat herken ik natuurlijk. Er zijn helaas nog altijd bestaande belemmeringen op de eigen Europese interne markt. Nederland is ook een groot aanjager ervan om te kijken of we op een aantal punten de interne markt kunnen verdiepen. Zo heeft het kabinet in december 2024 een tienpuntenplan gepresenteerd met tien concrete suggesties om belemmeringen op de interne markt aan te pakken, waarvan de Commissie acht suggesties in haar interne marketingstrategie heeft overgenomen. We moeten dus nog even blijven lobbyen voor de resterende twee. Meerdere mensen hebben Draghi genoemd. Welke stappen zet het kabinet om bij het uitvoeringsplan van Draghi tot resultaten te komen? Het kabinet onderschrijft de analyse van Draghi natuurlijk als het gaat om dat het concurrentievermogen van de EU vergroot moet worden, net als het belang van een concurrerende Europese economie. Daarom heeft het kabinet in december een eigen visie op het EU-concurrentievermogen gepresenteerd met zes actielijnen, waaronder ook weer de verdieping van de interne markt en het versterken van onderzoek en innovatie in de EU. Daarbij werken we met andere landen samen om te kijken of we dit verder kunnen brengen. De heer Van Campen vroeg ook of ik kennisgenomen heb van het initiatief van bondskanselier Merz met de lijst van eisen om overregulering tegen te gaan en of het kabinet zich hierachter wil scharen. Voor zover mij bekend wordt die lijst nog opgesteld door de heer Merz, dus de exacte invulling daarvan is mij niet bekend, maar ik denk dat de heer Van Campen mij goed genoeg kent om te weten dat het verminderen van de regeldruk mij altijd na aan het hart gaat. Het gaat dan om onnodige regeldruk of bijvoorbeeld een ongelijk speelveld. Er zijn intern natuurlijk ook al stappen gezet door mijn collega van Economische Zaken om te kijken welke regels we eventueel kunnen schrappen, maar het is ook goed om daar in Europa aandacht voor te vragen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.