KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 20 jan 2025 · Tweede Kamer

Wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek in verband met de aanpassing van de termijn van de omkering van de bewijslast voor consumentenkoop van levende dieren

Brontekst

Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA): Dank, voorzitter. Als je naar de bijdrages van de collega's van de VVD en NSC luistert, dan hoor je eigenlijk al dat er vraagtekens worden geplaatst bij de wijze waarop deze wetswijziging, in mijn beleving doordacht, tot stand is gekomen. Ik zal straks ook iets zeggen over de consultatieronde, die achterwege is gelaten. Ik vind dat zelf een gemiste kans. Maar ik denk dat ik u niet verras als ik zeg dat wij ontzettend kritisch kijken naar deze wetswijziging. Voor ons is het consumentenrecht namelijk een groot goed. Ik zie dat dat met deze wetswijziging behoorlijk in de knel kan komen. Ik denk dat de omkering van de bewijslast ingrijpende gevolgen kan hebben voor consumenten die een huisdier aanschaffen. Want ik zie dat het aantal juridische geschillen toeneemt, terwijl — dat weet de staatssecretaris Rechtsbescherming ook — onze rechtbanken al enorm vol zitten. Ik zie dat de financiële lasten voor consumenten toenemen, terwijl we weten dat het leven ook gewoon duurder wordt. Mensen kunnen dus behoorlijk in de knel komen. Mijn collega van de Partij voor de Dieren gaf het ook al aan: we hebben het hier echt over levende dieren en niet over meubels of elektronische apparatuur die je even koopt. Sterker nog, daar krijg je zelfs een veel langere garantietermijn voor dan voor deze levende dieren. Ondanks die garantie, kan je altijd terugvallen op artikel 7:17 van het Burgerlijk Wetboek, waarin staat dat een consument recht heeft op een product dat voldoet aan redelijke verwachtingen. Ik ben echt bang dat je met deze kortere termijn consumenten tekortdoet en dat dit alleen maar gaat leiden tot onzekerheid. Ik zei het al: het gaat om levende dieren. Die ontwikkelen zich. Die groeien. Terwijl ze groeien, kunnen verborgen gebreken zichtbaar worden en kunnen gezondheidsproblemen optreden. Ik vind dat je er als consument op moet kunnen vertrouwen dat een dier gezond is als je het koopt en je achteraf niet heel veel juridisch gedoe krijgt. Mijn vraag aan de staatssecretaris is in ieder geval hoe dat halfjaar zich tot de praktische realiteit verhoudt. Het aantonen van zo'n gebrek, zeker bij dieren met erfelijke aandoeningen, is superingewikkeld en superkostbaar. Ik wil, in navolging van mijn collega van NSC, ook weten waarom de staatssecretaris niet gekozen heeft voor een uitzondering bij de aankoop van dieren met een erfelijke aandoening of erfelijke risico's. Ik begrijp dat de staatssecretarissen, de bewindspersonen, zich moeten houden aan de Europese richtlijn, maar ook ik zie de verschillen. Dat staat ook in de memorie van toelichting. In landen als Italië, Finland, Zweden en Ierland gaan ze een termijn hanteren van een jaar. Frankrijk en Spanje hebben levende dieren helemaal uitgesloten van de werking van de richtlijn. In Duitsland geldt de termijn van zes maanden voor alle producten. Daar is nog iets van rechtsgelijkheid. Hoe zit het met de argumentatie om nu te kiezen voor een halfjaar? Hoe verhoudt dat zich tot de keuzes die andere landen hebben gemaakt bij de implementatie van de richtlijn? U snapt dat ik daarom denk, vind en voel dat deze wetswijziging onvoldoende doordacht is. Ik vind het echt heel erg dat er geen consultatie heeft plaatsgevonden, want dan had je de ruimte gehad voor discussie en tegenargumenten, ook vanuit de consumentenbonden en dierenwelzijnsorganisaties. Dan had je een hele gebalanceerde keuze kunnen maken, dus ik vind dat echt een gemiste kans. Voorzitter, tot slot. Mocht deze wet het halen, dan moeten de bewindspersonen in mijn beleving in ieder geval in de komende twee jaar de gevolgen van deze wijziging monitoren dan wel evalueren om te kijken of consumenten wel goed worden beschermd. Dat geldt zeker voor de aankoop van dieren met erfelijke aandoeningen of risico's. Mocht deze wet het halen, dan vraag ik me ook af hoe de bewindspersonen aan eventuele publiekscampagnes gaan doen, zodat consumenten in ieder geval weten wat hun rechten en plichten zijn. Ik wil dat de bewindspersonen ingaan op deze twee voorstellen die ik doe. Nogmaals, wij zijn super-, superkritisch ten opzichte van deze wetswijziging. Ik ben benieuwd naar de input en de inbreng van de bewindspersonen.

Versie 1cb33c6b1951d4a208137bd110a35cade4bf7a7d3aa2acaa3cb340d6c9427703 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.