KamerkringInloggen
UitspraakVoorlopig

Ontwerp programma van eisen concessies Friese Waddenveren vanaf 2029

26 jun 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie b564be2a4710c9cd · voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen

Staatssecretaris Aartsen: Voorzitter. Dank voor de enorme betrokkenheid bij dit onderwerp. Dat zegt volgens mij wel iets over hoe belangrijk dit onderwerp ook voor uw Kamer is. De veerdiensten naar de Friese Waddeneilanden zijn onmisbaar voor de bewoners en de bezoekers van die Waddeneilanden. Dat heb ik gisteren zelf mogen ervaren bij mijn eerste werkbezoek aan Friesland en helemaal over dit onderwerp. Ik dacht daar goed aan te doen, maar Friezen zijn niet heel snel tevreden te stellen. De kop bij Omrop Fryslân was vanmorgen dan ook: de staatssecretaris is nog nooit op een Waddeneiland geweest, maar gaat er wel over. De lat ligt hoog. Dat gaan we vandaag proberen goed te maken. Ik kan nu natuurlijk niet anders dan een keer langsgaan op een Waddeneiland. Ik zal u niet verklappen dat er een dubieus VVD-clubje is, waarvan één lid hier vandaag in de Kamer aanwezig is, dat ieder jaar met z'n allen naar de Waddeneilanden gaat. Ze proberen me al vele jaren te strikken om mee te gaan. Ik vrees met grote vreze dat ik mijn verzet moet staken en eind augustus misschien meega. Ik kijk daar enorm naar uit, want ik ben enorm gecharmeerd geraakt van de verhalen die ik gisteren heb gehoord. Dat is wel goed, want mijn overtuiging is wel geworden dat die Waddeneilanden geen openluchtmuseum zijn, geen attractie waar je naartoe kan, geen natuurreservaat waar je mooi op bezoek kan en weer weg kan. Daar wonen mensen, die daar vaak al heel lang wonen. Die mensen hebben familie, vrienden, werk, sociale interesses, activiteiten, hobby's. Er zijn ook ondernemers. De Waddeneilanden moeten dus daarop worden ingericht. De veerboten zijn wat dat betreft een levensader. Dat is zo'n woord dat we dan heel makkelijk gebruiken, maar het verhaal dat ik gisteren hoorde over het jaar 2023 ... Ik had al meegekregen dat er toen iets was met de dienst. Maar ik hoorde hoe dat op zo'n eiland, in zo'n gemeenschap, wordt beleefd. Dat raakt mensen. Dat raakt gemeenschappen, families, gezinnen. Mensen hebben daar nog steeds heel veel pijn van. Ik vond het heel indrukwekkend om te horen. Het raakte mij om te zien dat zoiets, wat dan op je Haagse bord komt, in de zin van "er was een dienstwijziging en dat hebben we zo en zo gedaan", zo'n impact heeft op zo'n gemeenschap. Het raakte mij dat mensen tot op de dag van vandaag geëmotioneerd vertellen over wat er in die periode is gebeurd en dat dat toch wel wat krassen heeft opgeleverd. Ik denk dat het goed is om te blijven beseffen dat we hier bevoegd zijn om daarover te mogen beslissen, maar dat we dat zeker met inspraak en betrokkenheid van de gemeenschap en de bewoners moeten doen. Ik ben heel blij dat we daar vandaag met uw Kamer over mogen spreken. In 2029 lopen de huidige vervoersconcessies af. Om ervoor te zorgen dat vanaf die periode een goede en betaalbare bereikbaarheid wordt gegarandeerd, moeten wij nu als IenW die stappen zetten. Ik zie het toch ook als een enorme balanceeract. Er zijn tal van belangen, waar we in mijn ogen allemaal een klein beetje aan moeten voldoen. Het allerbelangrijkste belang is dat van de eilandbewoners, voor wie het betaalbaar moet zijn, voor wie de inspraak goed geregeld moet zijn en voor wie de bereikbaarheid goed georganiseerd moet zijn. Maar we moeten natuurlijk ook rekening houden met de belangen van de ondernemers. We moeten ook rekening houden met de belangen van de reders. We hebben ons ook nog aan spelregels te houden ten aanzien van Europese aanbestedingsvoorwaarden. De ene keer vinden we dat hartstikke leuk omdat het goed is voor onze economie, maar op andere momenten levert het misschien spanningen op. Ik noem ook de natuur en de ambities op het gebied van klimaat. Dat zijn allemaal belangen die we op een redelijke manier — dat is in ieder geval de koers die ik probeer te gaan varen op dit dossier — in balans proberen te houden: niet te veel de ene kant op, niet te veel de andere kant op, begrip hebben en kijken wat je kan doen. Zo proberen we op dit dossier een stap verder te komen. We hebben op 12 mei het ontwerpprogramma van eisen met uw Kamer gedeeld. Daar hebben we ook een aantal vragen over beantwoord. Er is al goed geluisterd bij dit ontwerp. Er zijn ook een aantal sessies geweest van mijn ambtenaren, zowel op de wal als op de eilanden. Ik benadruk hier nog maar eens dat dat op beide plekken heeft plaatsgevonden. Wij hebben geprobeerd om die inbreng zo goed als mogelijk te vertalen, waarbij we steeds kijken wat de randvoorwaarden zijn in het fysieke domein, het juridische domein en het financiële domein. Nog los van de inhoudelijke zaken is het belangrijk dat we er een succesvolle concessie van maken. Ik denk dat dat belangrijk is. Het moet aantrekkelijk zijn om in te schrijven, dus aan de ene kant moeten we rekening houden met de belangen. We moeten ook oppassen dat we het niet te veel optuigen, want het moet nog wel aantrekkelijk zijn voor mensen om erop in te schrijven. Het moet een succes zijn. Dat is niet omdat we per se aan die regeltjes willen voldoen. Als we daar niet aan voldoen, hebben we daarna weer een probleem. Ik noem de concessie van de NS. Je wilt niet dat er gedoe ontstaat rondom zo'n concessie. Dat moet wel allemaal in één keer goed gaan. Ik wil nu een aantal vragen langslopen. Laat ik gewoon eens beginnen met de inspraak, want ik denk dat dat een heel belangrijk onderwerp is. Het kwam gisteren ook naar voren: mensen willen betrokken zijn hierbij. Ik merk dat mensen er veel begrip voor hebben dat misschien niet altijd alles kan. Als je met mensen spreekt, merk je dat ze heel goed snappen dat iets soms wel kan en dat het soms misschien genuanceerd ligt, maar mensen willen serieus genomen worden. Dat was voor mij in ieder geval een argument om mijn agenda om te gooien en gisteren naar het noorden af te reizen om die gesprekken te voeren. Maar het betekent niet alleen de inspraak van de mensen daar, maar ook de inspraak van uw Kamer. Ik heb u goed gehoord. Ik ben blij dat we vandaag over dit punt kunnen spreken, want ook deze punten kunnen wij allemaal weer — ik zal zo nog een aantal toezeggingen doen — meenemen in de concessie. Ik heb u duidelijk gehoord. U zegt: ik wil graag met u spreken over die concessie. Ik ben dus van harte bereid om dit nog terug te leggen in uw Kamer. Ik heb daarbij wel een verzoek, namelijk of dat dan echt wel begin september zou kunnen. Misschien kunnen we het al gelijk de eerste week bij de kop pakken. Daar gaat u natuurlijk over, maar het helpt wel bij alles wat er speelt als we niet te veel tijd verliezen. Maar ik wil voorstellen dat ik het gewoon netjes bij uw Kamer terugleg, waarna we een goed debat met elkaar kunnen voeren. De inspraak gaat ook breder. Ik noemde net al 2023 met de forse wijziging van de concessie en het verzoek aan de concessieverlener, het ministerie van IenW. Ik heb ook heel duidelijk van de bewoners, van de burgemeester en van de gemeente gehoord dat zij, ondanks alle goede gesprekken en de nauwe contacten met het ministerie, een formele plek missen op het moment dat er een "majeure ontwikkeling" is, zoals we dat juridisch noemen. Ik zeg uw Kamer dus graag toe dat wij in de definitieve concessie zullen opnemen dat er een zwaarwegend adviesrecht komt voor decentrale overheden over het vervoersplan — wettelijk zijn we dat ook verplicht voor consumentenorganisaties — en een adviesrol bij wijziging naar aanleiding van eventuele majeure ontwikkelingen. Dan is er niet alleen een betrokkenheid richting de reder, maar ook een goede betrokkenheid voor de decentrale overheden richting ons als concessieverlener. Datzelfde punt van inspraak wil ik graag toezeggen ten aanzien van de klantenpanels. De ondernemers zijn daar nu in geborgd. Ik hoop hiermee ook tegemoet te komen aan de motie van de heer Pierik. Ik zou het onverstandig vinden om de ondernemersvereniging apart te noemen. Als we één vereniging apart gaan noemen in het kader van adviesrecht, dan moet ik dat straks ook voor natuurverenigingen of andere typen verenigingen gaan doen. Voor je het weet, heeft dan iedereen adviesrecht. De klantenpanels zijn, zoals we ook op andere eilanden hebben gezien, een middel dat goed kan functioneren. Ik begreep dat de eerste op 12 mei is geweest op Ameland. Het is mooi om dat wat kracht bij te zetten, zodat we ook de klantenpanels een zwaarwegend adviesrecht kunnen geven. Er moet wel gezegd worden dat het belangrijk is dat er een eenduidig advies is van het hele klantenpanel. Ik denk dat we op deze manier ook de inspraak voor ondernemers goed kunnen organiseren. De heer Soepboer vroeg mij ook of ik alle reacties ga verwerken. Volgens mij waren het de heer Boutkan en de heer Pierik die vroegen of mensen dan ook netjes een reactie krijgen in de zin van: dit is wel opgenomen, dit is niet opgenomen en met deze reden. Het antwoord daarop is: ja, dat zullen wij doen. We vinden het belangrijk om dat netjes mee te geven. Uitleggen aan mensen waarom we soms dingen niet doen, hoort ook bij de gezonde balans tussen die dingen. In een reactienota zal ik dat nog verder toelichten, maar we zullen dit zeker doen. Voorzitter. Dat was het ten aanzien van de inspraak.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 38aad25095c41a19

13 okt 2026 · 0a85e2903c18a24b

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.