KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 3 jul 2025 · Tweede Kamer

Internationale fiscaliteit

Brontekst

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dan hebben we het dus specifiek over woningbouwcorporaties. Om gebruik te kunnen maken van de uitzondering voor langlopende openbare-infrastructuurprojecten, moet het gaan om een project. Dat is het eerste punt. Het is goed om dat even te noemen. Het moet een project zijn. Het project moet infrastructuur betreffen, een openbaar karakter hebben en voor de lange termijn gerealiseerd worden. Infrastructuur zou daar wellicht onder kunnen vallen, maar voor woningbouwcorporaties wordt dit een wat grijzer gebied en moet er rekening worden gehouden met staatssteunregels. Het lijkt moeilijk te beargumenteren dat sociale woningbouw aan deze voorwaarden voldoet, maar langlopende openbare-infrastructuurprojecten zoals wegen, bruggen en tunnels zouden wellicht inderdaad hieronder kunnen vallen. Wij nemen dit dus mee in ons onderzoek. Tegelijkertijd heb ik niet het idee dat we hier het ei van Columbus aan het onderzoeken zijn, maar wellicht helpen alle kleine beetjes. Nog een vraag van mevrouw Van Eijk: wat is momenteel de jaaropbrengst van die CFC-maatregel? CFC staat voor Controlled Foreign Company. Het is trouwens goed om te zeggen dat de Controlled Foreign Company in principe alleen relevant is voor bedrijven met een omzet van minder dan 750 miljoen, want daarboven vallen bedrijven onder Pijler 2. De aanvullende CFC-maatregel heeft tot doel om te voorkomen dat belastingplichtigen winsten verschuiven naar laagbelastende jurisdicties, waar het inkomen niet of nauwelijks aan belastingheffing is onderworpen. De aanvullende maatregel heeft hiermee vooral een prohibitief karakter en werkt hiermee als een stopbord. Als gevolg hiervan is het niet mogelijk om vast te stellen wat de budgettaire opbrengst of derving van deze maatregel dan zou zijn. Naar verwachting is het grootste effect van deze maatregel de gedragsverandering bij de geraakte bedrijven, maar die is niet op basis van de belastingaangifte te meten. In de gevallen waarbij er nog wel sprake was van een CFC, en bedrijven deze heffing blijkbaar accepteerden en er dus geen gedragsverandering plaatsvond, resulteerde dat in een additionele grondslag in de vennootschapsbelasting van 45 miljoen in 2021. Dat is dus wat ik daarover kan zeggen. En dan natuurlijk de vraag wat de uitvoerings- en nalevingskosten van de CFC-maatregel zijn. De aanvullende CFC-maatregel heeft enige invloed op het handhavingsrisico, doordat het gaat om complexe wet- en regelgeving met internationale problematiek, die ook samenloop kent met andere bepalingen. Er zijn echter geen signalen van een significante impact van de CFC-maatregel op het uitvoeringsrisico, dat bijvoorbeeld zou kunnen worden veroorzaakt door grote aantallen aanslagen en bezwaren waar de CFC-maatregel een rol in speelt. Uit de Kamerbrief van 11 december 2024 over monitoring van de effecten van de aanpak van belastingontwijking blijkt dat er een kleine, stabiele groep van ruim 80 belastingplichtigen is die de bijtelling accepteert en de bestaande bedrijfsstructuur in de periode 2019 tot 2021 heeft voortgezet. Die groep neemt de bijtelling dus voor lief. Nog een vraag van mevrouw Van Eijk: is afschaffing van de CFC-maatregel wenselijk, gezien de kosten, baten en uitvoerbaarheid? Ik ben van mening dat de aanvullende CFC-maatregel bijdraagt aan het ontmoedigen van belastingontwijking en de andere maatregelen tegen belastingontwijking versterkt. Daarbij is het van belang dat de aanvullende CFC-maatregel geen toepassing vindt als er sprake is van een wezenlijke economische activiteit in het buitenland. Hierdoor wordt een concurrentienadeel voorkomen voor in Nederland gevestigde ondernemingen met reële activiteiten in het buitenland. Verder zijn er ook geen signalen van een significante impact van de CFC-maatregel op de uitvoerbaarheid. Zoals ik eerder heb aangegeven in de brief van 17 februari 2025 in antwoord op vragen van mevrouw Van Eijk, ben ik van mening dat er sprake is van een goede balans tussen aan de ene kant het aanpakken van belastingontwijking en aan de andere kant het behouden en versterken van een aantrekkelijk fiscaal vestigingsklimaat voor in Nederland gevestigde ondernemingen. Ik heb hier nog wat informatie uit die Kamerbrief, maar dat zijn getallen die u kent. Dan een vraag van de heer Stultiens: hoe kunnen wij als Kamer controleren dat er geen sprake is van belastingontwijking bij de toepassing van het arm's-lengthbeginsel? Het arm's-lengthbeginsel is het internationaal geaccepteerde beginsel dat mede bedoeld is om belastingontwijking tegen te gaan. Ik ben daar onder andere in mijn brief van 8 mei 2025 naar aanleiding van een artikel van Follow The Money over Tesla uitgebreid op ingegaan. De Belastingdienst kijkt op basis van het arm's-lengthbeginsel of in Nederland de winst wordt aangegeven die bij de Nederlandse activiteiten past. Bepalend daarbij zijn de functies, de activa en de risico's in Nederland. De Belastingdienst heeft een Coördinatiegroep Verrekenprijzen, die specifiek aandacht heeft voor de juiste toepassing van het arm's-lengthbeginsel bij bedrijven. Indien nodig worden er correcties aangebracht op de door een bedrijf gehanteerde verrekenprijzen. Er lopen op dit moment ook diverse gerechtelijke procedures over verrekenprijzen. De gepubliceerde uitspraken van rechters zijn ook beschikbaar voor de Kamer, waardoor u een indruk kunt krijgen van welke standpunten daarin door de Belastingdienst worden ingenomen. Uit de gepubliceerde gerechtelijke procedures blijkt dat de rechter de Belastingdienst in rechtszaken regelmatig in het gelijk stelt. Hieruit valt af te leiden dat de Belastingdienst dus echt optreedt bij situaties waarin winst ten onrechte niet in Nederland wordt aangegeven. Zoals u weet kan ik niet op concrete gevallen ingaan. Wel heb ik u toegezegd om in een Kamerbrief nader in te gaan op onder andere het doel en de strekking van de fiscale geheimhoudingsplicht. Daarin zal ook ingegaan worden op het belang van goede informatievoorziening aan de Kamer. Deze Kamerbrief wordt naar verwachting kort na de zomer verstuurd. Als u een datum wilt hebben: dat zal in september zijn. Dat wou ik er even over zeggen. Nog een vraag van de heer Stultiens: welke manieren zijn er om transparantie …

Versie b3feaf8a15cae622c91778df42635ecd3663e5f4986ce70014edbdb2493efe8a · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · dce84bf892fa1837

13 okt 2026 · f4878751fe643833

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.