Uitspraak · 26 mrt 2024 · Tweede Kamer
Vreemdelingen- en asielbeleid (CD d.d. 07/03)
Brontekst
Staatssecretaris Van der Burg: Nee, mevrouw Keijzer, u moet me niet uitdagen. "verzoekt de regering meer werk te maken van en actief in te zetten op …" Ja, dat doe ik al. Dus daar verandert verder niks aan. Maar dan staat er in het volgende zinnetje: "… en met voorstellen te komen hoe dit voor elkaar kan worden gekregen" Dat heb ik gedaan middels de spreidingswet. Dus het spijt me, mevrouw Piri. Dank voor de verdediging, maar ik blijf bij een negatief oordeel vanwege dat laatste deel van het dictum. Voorzitter. Ik wil met uw welnemen naar de motie op stuk nr. 3225 toe gaan. Dat is ook een motie van de heer Van Nispen. Ook voor die motie kom ik tot ontrading. En waarom? De meeste panden waarin het COA of de gemeentes opvang verzorgen, of het nu gaat om Oekraïners of asielzoekers, zijn panden in eigendom van particuliere eigenaren. Daar is ook niks mis mee. Het lijkt mij geen goede zaak als al die panden in eigendom komen van de lokale overheid dan wel de rijksoverheid. Het is prima als panden gehuurd worden van derden. Ik ben het dus al niet eens met de perceptie dat het niet goed is dat mensen of in dit geval organisaties hun panden verhuren of dat wij ze niet bij hen zouden moeten huren. En ja, dan worden er ook tarieven geheven die daarbij passen. De beste manier om geen gebruik meer te maken van hotels en vakantieparken, is voldoen aan de spreidingswet en de capaciteitsopgave die daarin zit. Want dan hoeven we geen hotels, geen vakantieparken en zelfs geen ferry's meer te huren. Dat is één. Twee. Het in kaart brengen hoeveel geld dat bestemd is voor de opvang terechtkomt bij commerciële partijen suggereert dat het geld niet besteed wordt aan opvang. De kritiek van dat deel van de Kamer is nou juist dat we te veel geld uitgeven aan opvang. Het geld komt terecht bij de opvang, want met dat geld regelen we namelijk opvang bij commerciële partijen. Daarom ontraad ik de motie op stuk nr. 3225. Voorzitter. Dan gaan we naar de motie op stuk nr. 3226. Die geef ik oordeel Kamer. Dan de motie op stuk nr. 3227 van Van Baarle en Piri. Ik snap wat daar staat en ik zie met u dezelfde beelden. U kent het kabinetsstandpunt aangaande de oorlog die daar op dit moment plaatsvindt. Er moet zo snel mogelijk een staakt-het-vuren komen. Wij stellen dit soort moratoria in op het moment dat sprake is van een oorlogssituatie waarin sprake is van onduidelijkheid. Dat hebben we vorig jaar gedaan bij Sudan. Dat hebben we gedaan bij Afghanistan toen de taliban oprukten. En dat hebben we nu gedaan als het gaat om Gaza. Op dit moment is de situatie nog niet zodanig dat wij in een individuele zaak een beoordeling kunnen maken met contra-indicaties en uitsluitingen, omdat onze huidige informatievoorziening daarvoor niet goed genoeg is. Vandaar dat ik op dit moment de motie ontraad. Zodra het kan, moeten we het zeker doen, maar dan moeten we het — ik kom daar straks nog op in het kader van de christenen-in-Iran-motie van de heer Ceder — zo min mogelijk in het politieke trekken. Dit moet gebeuren op basis van objectieve criteria, zowel voor Sudan en Afghanistan, zoals in het verleden, als voor Gaza, waar het nu om gaat. Hierin moeten we politiek geen rol laten spelen. Het is simpelweg: wanneer het kan, moeten we het doen. Daarom ontraad ik de motie op dit moment.
Versie 4ac0f257fc167606faae63450ecbd2cceab2c52a27ad304a62f7c251f3057440 · Officiële bron.
Gegevens
- Officiële bron
- Tweede Kamer ↗
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.