Initiatiefnota van het lid Kröger over "Energie met elkaar: Energiecoöperaties als hart van ons energiesysteem"
Initiatiefnota van het lid Kröger over "Energie met elkaar: Energiecoöperaties als hart van ons energiesysteem"
statement · 24 jun 2024 · Tweede Kamer
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA): Dank, voorzitter, en dank aan alle leden die zijn gekomen voor de behandeling van deze initiatiefnota. Ik ben heel erg blij dat we vandaag dit debat voeren. Wij hebben hier heel lang aan gewerkt, met mijn beleidsmedewerker collega Yorian Bordes, die ik enorm wil bedanken voor alle hulp bij het maken van de nota. Maar begonnen is het allemaal met de stagiair Bram Klaren, die de eerste aanzet heeft gegeven. Misschien kijkt hij mee. Hoi Bram! Dit is ook een bijzonder debat, bedacht ik, omdat het het laatste debat is voor de minister voor Klimaat en Energie. We hebben natuurlijk in de afgelopen jaren heel veel debatten met elkaar gevoerd en soms ook stevig van mening verschild over de afbouw van fossiel en fossiele subsidies. Maar volgens mij heeft deze minister ook grote stappen gezet op de omslag van het oude systeem en van hoe het was, van het centrale energiesysteem naar een echt decentraal energiesysteem. Hij heeft ook grote stappen gezet op de noodzaak om echt heel veel in lokaal eigenaarschap te doen en een stevige positie voor energiecoöperaties daarbij. Maar er kan nog veel meer en daarom heb ik deze nota geschreven. In mijn nota doe ik een aantal heel concrete voorstellen, eigenlijk allemaal met als doel — en dat is voor mij ook het overkoepelende beeld — "decentraal waar het kan, centraal waar het moet". Die zin heb ik al vaker in debatten gebruikt. Het idee is daarbij echt om in het hart van het energiesysteem voor huishoudens, voor mensen, te proberen zo veel mogelijk decentraal te organiseren, zo veel mogelijk te zorgen dat wijken energieneutraal worden of misschien zelfs energiepositief, waarbij er heel veel energie bespaard wordt, energie lokaal wordt opgewekt, energie wordt gedeeld en energie wordt opgeslagen. De reden waarom ik dat van zo'n groot belang vind, is dat we nu echt in de fase zitten waarin we van een transitie die vooral draaide om het technocratische, gaan naar de premisse dat het een sociale transitie moet zijn, dat het een transitie moet zijn waar mensen aan mee kunnen doen, een transitie die gedragen wordt door mensen en waar mensen ook van kunnen profiteren. De vraag van mevrouw Postma ging daar natuurlijk een beetje over: gaat het nu om kleine energiecoöperaties of gaat het om regionale grotere energiecoöperaties? In de praktijk zie je eigenlijk dat er nu al een soort woud aan verschillende typen initiatieven is op het gebied van energiecoöperaties of energiegemeenschappen. Dat vind ik heel erg mooi. Je ziet ook dat die initiatieven elkaar versterken, steunen, vinden en helpen. Je hebt een aantal grotere heel professionele initiatieven. Afgelopen vrijdag was ik bij Betuwewind. Dat is echt een van de koplopers in Nederland. Nu net is ook een nieuwe energiecoöperatie opgestart in Rotterdam-Zuid. Die is nog heel erg klein en net begonnen, maar werkt wel als aanjager in een wijk waar de doe-capaciteit misschien anders ligt. Dat bij elkaar brengen en zien hoe die energiecoöperaties elkaar kunnen versterken, vind ik eigenlijk de kracht van de sociale transitie waar wij in zitten. Ik heb ook een aantal vragen gekregen in de trant van: naar welke voorbeelden uit het buitenland kijk je dan? We zijn als commissie op werkbezoek geweest in Denemarken en spraken daar met iemand die op een gegeven moment zei: in Denemarken is het gewoon zo dat als er een probleem is, dan start je een coöperatie! Ik vond die vanzelfsprekendheid erg inspirerend, dat als er in een gemeenschap een transitie gaande is, je dus een coöperatie vormt. Dan is een energiecoöperatie, een warmtecoöperatie of een voedselcoöperatie een heel logische vorm om jezelf in te organiseren. Ik denk dat Denemarken ook zeker in de warmtetransitie een mooi voorbeeld is van heel veel coöperatief en lokaal eigendom, maar ook van eigendom samen met gemeenten. Ik kreeg een opmerking van de heer Vermeer over de toon rond fossiel. Daar wil ik toch een paar woorden aan wijden. In alle politieke initiatieven op het gebied van klimaat die ik probeer te nemen in deze Kamer, gaat het volgens mij echt om de afbouw van het fossiele systeem en wat daarbij hoort, en de opbouw van een nieuw en duurzaam energiesysteem. Het ene, de opbouw van een duurzaam energiesysteem, zijn we aan het aanjagen, maar we moeten ook echt dat fossiele systeem afbouwen. In het afbouwen van het fossiele systeem zitten ook kansen om dingen op een andere manier te organiseren. De productie van fossiel is kapitaalintensief en sowieso iets wat je centraal doet, op een aantal plekken. Denk aan gaswinning, oliewinning en kolenmijnbouw. De hele transitie naar een duurzaam energiesysteem biedt de gigantische kans om het veel diverser en veel decentraler te organiseren. Dat biedt, denk ik, voor veel meer mensen een enorme kans om mee te doen.
Versie 0faa64d2e5141bf7c22765c514669b37339d2622ecb6f7e5d11848d560822551 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Initiatiefnota van het lid Kröger over "Energie met elkaar: Energiecoöperaties als hart van ons energiesysteem"
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Er zijn hier nog geen bijdragen.