KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 22 jun 2026 · Tweede Kamer

Initiatiefnota van het lid Westerveld: ons land is beperkt

Brontekst

Mevrouw Vliegenthart (PRO): Dank, voorzitter. Allereerst wil ik mijn collega Westerveld bedanken voor haar nota en voor haar jarenlange inzet voor mensen met een beperking. De titel van de nota, Ons land is beperkt, is helaas nog steeds actueel. Dat werd vorige week opnieuw duidelijk tijdens het gesprek dat we hier in de Kamer hadden met mensen met een beperking. Ze vertelden ons over hun dagelijkse leven, over onderwijs dat niet toegankelijk is, over werk dat buiten bereik blijft en over een samenleving waarin meedoen nog steeds niet vanzelfsprekend is. Dat zijn onderwerpen die mij als moeder van een zoon met een beperking ook persoonlijk raken. Wat mij vooral ook raakte, was dat wij deze verhalen niet voor het eerst horen. Mensen met een beperking vertellen al jaren waar ze tegenaan lopen en wat er nodig is. Toch moeten zij steeds opnieuw uitleggen waarom hun rechten ertoe doen. Juist daarom vond ik het pijnlijk om kort daarna de reactie van het kabinet op onderdelen van deze nota te lezen. Waar mensen vroegen om actie, zag ik vooral terughoudendheid, terwijl hun boodschap juist zo helder is: ons geduld is op. Voorzitter. Mensen vragen niet om medelijden. Ze vragen om gelijke kansen en om een overheid die haar verantwoordelijkheid neemt. Dat geldt ook voor mensen die doof of slechthorend zijn. Met de techniek van vandaag zijn veel communicatiebarrières eenvoudig op te lossen. Er zijn hulpmiddelen beschikbaar die gelijkwaardige communicatie mogelijk maken: veilig, snel en ook in groepsverband. Speaksee is daarvan een goed voorbeeld. Daarom vraag ik de minister waarom de brede beschikbaarheid van dit soort hulpmiddelen in het onderwijs nog steeds niet geregeld is, zeker nu er grote tekorten zijn aan schrijf- en gebarentolken. En waarom benutten we de mogelijkheden die er al zijn, niet veel beter? Voorzitter. Dat brengt me bij het VN-verdrag Handicap. We spreken hier al jaren over. Er zijn plannen, toezeggingen en goede bedoelingen, maar de vraag is simpel: gaat deze minister nu eindelijk werk maken van de volledige implementatie van het VN-verdrag Handicap? Of krijgen andere afspraken uit het coalitieakkoord opnieuw voorrang? Hierbij wil ik benadrukken: het verdrag is geen vrijblijvende ambitie. Het vraagt van ons dat toegankelijkheid, inclusie en gelijke behandeling het uitgangspunt worden van beleid. Daarom willen wij dat nieuw beleid en nieuwe wetgeving standaard worden getoetst aan het VN-verdrag Handicap. Is de minister bereid om dat structureel te regelen? En is zij ook bereid om belangenorganisaties beter te ondersteunen, zodat mensen met een beperking vanaf het begin kunnen meepraten en meebeslissen? Veel van de uitvoering ligt bij gemeenten. Daarom wil ik de minister vragen naar de lokale inclusieagenda's. Hoe staat het daar nu eigenlijk mee? Hebben inmiddels alle gemeenten zo'n agenda? Belangrijker nog: wat leveren die agenda's op? We horen namelijk dat de kwaliteit sterk verschilt. Sommige gemeenten maken echt werk van inclusie, maar er zijn ook agenda's die vooral op papier bestaan. Inventariseert de minister hoe het ervoor staat en wat het effect is voor mensen met een beperking? Is zij bereid gemeenten die achterblijven, steviger aan te spreken? Als we echt werk willen maken van de inclusieve samenleving, moeten we daar al vroeg mee beginnen. Daarom maak ik mij zorgen over inclusieve kinderopvang. Zowel in de voorschoolse opvang als in de buitenschoolse opvang komt inclusie nog veel te weinig van de grond. Ouders lopen nog steeds tegen drempels aan. Tegelijkertijd zien we vooral nieuwe onderzoeken, verkenningen en pilots. Maar kinderen kunnen niet wachten op weer een nieuw onderzoek. Welke concrete stappen gaat de minister zetten om inclusieve kinderopvang sneller dichterbij te brengen? Deelt zij de opvatting dat inclusief opgroeien de basis is voor een inclusievere samenleving? Is zij bereid om met een concreet tijdpad en duidelijke doelen te komen? Dan ga ik naar het onderwijs en de arbeidsmarkt. Nog steeds krijgen veel kinderen en jongeren met een beperking niet dezelfde kansen als hun leeftijdsgenoten. Daarom vraag ik de minister: hoe kijkt zij naar samenwerking met de SER, om te komen tot een breed plan voor beter en inclusiever onderwijs en een inclusieve arbeidsmarkt? Ik wil graag richting een afsluiting gaan met een vraag aan mevrouw Westerveld. Ziet zij deze nota als een oproep aan de overheid of ook als een oproep aan ons allemaal, namelijk politiek, scholen, werkgevers, verenigingen en de samenleving als geheel? Een inclusieve samenleving bouwen we namelijk niet alleen met wetten en regels, maar die bouwen we samen. Tot slot, voorzitter. Het wringt dat we vandaag spreken over inclusie, gelijke kansen en mensenrechten, terwijl er opnieuw bezuinigingen dreigen. Juist mensen met een beperking merken als eerste wat de gevolgen zijn wanneer toegankelijkheid, ondersteuning of onderwijs geen prioriteit meer krijgen. Daarom vraag ik de minister om duidelijkheid. Kan zij garanderen dat de uitvoering van het VN-verdrag Handicap niet wordt vertraagd of uitgehold door bezuinigingen? Mensenrechten zijn namelijk geen luxe. Ze mogen ook niet afhankelijk zijn van de stand van de begroting. Dank u wel.

Versie d8d30d066d0ca9d6cd8a2de0a72f60e0569be0fa2cf9bd90c2e723986671909a · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 22977f82c39c2ec0

12 okt 2026 · 993f45c605537cab

12 okt 2026 · 397e718976d46001

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.