statement · 25 jun 2026 · Tweede Kamer
Jaarverslag ministerie VWS 2025
Brontekst
Mevrouw Van Meetelen (PVV): Dank u, voorzitter. Vandaag bespreken wij het jaarverslag van het ministerie van VWS. Als je dit jaarverslag leest, zie je vooral één patroon: het kabinet presenteert overal voortgang, maar die voortgang bestaat opvallend vaak uit akkoorden, agenda's, pilots, monitors, programma's, overlegtafels en regionale samenwerkingsstructuren. Ondertussen blijven de echte problemen bestaan: wachtlijsten, personeelstekorten, versnippering, bureaucratie en onvoldoende grip op kwaliteit en veiligheid. Daarom wil mijn fractie vandaag eigenlijk vooral één vraag centraal stellen: komt het geld terecht bij mensen die het echt nodig hebben of blijft het ergens hangen in het stelsel? Voorzitter. Ik begin bij de jeugdzorg. Het kabinet trekt tot en met 2027 cumulatief circa 3,7 miljard euro extra uit voor gemeenten naar aanleiding van de Hervormingsagenda Jeugd. Ook trad de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg deels in werking per 1 januari 2026. Maar de kern blijft wel dezelfde: meer geld naar het bestaande stelsel. Maar dat stelsel schiet juist keer op keer tekort. We hebben het hier al heel vaak over gehad, gisterenavond nog. Lokale teams moeten meer zelf gaan doen, er komt weer een productstructuur en er wordt gewerkt aan vereenvoudiging, samenwerking en toekomstscenario's. Ik zal niet zeggen dat alles slecht is, maar welk kind in een onveilige situatie wordt vandaag gered door het kabinet? Het kabinet deelt de administratie van de jeugdhulp gewoon weer opnieuw in vaste hokjes in. Ik vraag elke keer: wat schieten we daarmee op? Ik vraag de minister hoeveel van die extra miljarden daadwerkelijk gaat naar directe bescherming van die kinderen. Hoeveel gaat naar toezicht, snelle interventie en acute veiligheid? Hoeveel verdwijnt er in overleg, implementatie, monitoring en bestuurlijke drukte? Voorzitter. De PVV heeft genoeg van stelseloverleg en procesvernieuwing. We willen graag zien dat middelen ten goede komen aan de directe bescherming van kinderen, aan onafhankelijk toezicht en aan extra capaciteit voor acute bescherming bij mishandeling, verwaarlozing of ernstige onveiligheid. Een kind dat nu gevaar loopt, heeft namelijk niets aan de zoveelste hervormingsagenda. Dat kind heeft bescherming nodig. Kan de minister aangeven welk deel van de middelen voor de hervormingsagenda's programma's, pilots en stelseloverleggen daadwerkelijk terechtkomt bij de onafhankelijke controle en de directe acute bescherming van kinderen? Is zij bereid om eventueel geld weg te halen bij overleg en bureaucratie om de capaciteit voor onmiddellijke bescherming bij ernstige onveiligheid uit te breiden? Voorzitter. Dan de ggz en de suïcidepreventie. Het jaarverslag en het onderliggende dossier laten zien dat de mentale gezondheid onder druk staat, dat mensen vastlopen in wachttijden en dat het stelsel versnipperd is. De conclusie is zelfs dat het huidige stelsel van psychische problematiek niet houdbaar is. Tegelijkertijd zien we weer brede preventieprogramma's, campagnes, praatlijnen, agenda's en bewustwordingstrajecten. Iemand die suïcidaal is, heeft geen campagne nodig, maar hulp, en wel nu. Wat de PVV betreft moet geld daarom vooral naar concrete hulp, naar gemeentelijke suïcidepreventie, naar wachttijdondersteuning, naar laagdrempelige hulp voor jongeren met ernstige mentale klachten en naar de aanpak van verward of onbegrepen gedrag wanneer veiligheid en zorg concreet samenkomen. Het moet niet naar nog meer communicatie en naar nog meer bewustwording of meer campagnes, maar naar hulp, echt wezenlijke hulp. Daarom vraag ik de minister hoeveel mensen op dit moment op een ggz-wachtlijst staan terwijl ze ernstige psychische klachten hebben? Hoe voorkomt de minister dat mensen tijdens het wachten verder afglijden? Waarom kiest het kabinet niet veel scherper voor directe hulp, wachttijdondersteuning en suïcidepreventie? Ik ben blij met de afgelopen week aangenomen motie over kijken naar plaatsing en passende zorg. Ik kijk uit naar hoe de minister uitwerking geeft aan die motie. Voorzitter. De PVV is voor gezondheid, maar tegen een overheid die voorlichting gebruikt om gedrag, aanbod en leefomgeving te sturen. In het jaarverslag staat dat het verkoopaandeel van Schijf van Vijfproducten in supermarkten wordt gemonitord als voorbereiding op afspraken met supermarkten. Dan gaat het al lang niet meer alleen over informeren. Dat blijkt ook uit de recent ontvangen subsidiebeschikkingen. Het Voedingscentrum wordt met miljoenen euro's belastinggeld gefinancierd, voert activiteiten uit binnen beleidskaders en goedgekeurde werkplannen van de regering en moet consumenten op alle mogelijke manieren stimuleren om volgens de Schijf van Vijf te eten. De overheid geeft dit ene voedingsmodel daarmee een kunstmatige voorkeurspositie en presenteert de afzender vervolgens als onafhankelijk en neutraal. Bovendien wordt voedingsadvies vermengd met duurzaamheid, gedragsbeïnvloeding en de gewenste inrichting van het voedselaanbod. Voor de PVV hoort uitsluitend de gezondheid van mensen de basis te zijn. Dat betekent: geen klimaatpolitiek of overheidssturing en geen politieke boodschap vermomd als vrijblijvend voedingsadvies. Durft de minister dan in ieder geval toe te geven dat het genoemde "vrijblijvende advies" helemaal niet zo vrijblijvend is en dat er een arsenaal aan instrumenten voor beïnvloeding wordt ingekocht via het departement? Voorzitter. Dan sport en bewegen. Meer dan 400 organisaties zijn aangesloten bij de Beweegalliantie. Dat klinkt indrukwekkend, maar een groot netwerk is nog geen sterk sportbeleid. Uiteindelijk moet het gaan om betaalbare contributies, goede accommodaties en voldoende trainers en verenigingen die niet bezwijken onder regels, energiekosten en financiële onzekerheid. Sportbeleid moet niet worden afgemeten aan het aantal aangesloten organisaties, overlegtafels of beleidsprogramma's. De kernvraag is of verenigingen overeind blijven, accommodaties betaalbaar zijn en Nederlanders daadwerkelijk kunnen sporten. Gaat de minister dáárop sturen? Dat zou een goed initiatief zijn. Gaat zij dat ook echt doen? Voorzitter. Zoals de minister heeft kunnen zien, heeft de PVV samen met de ChristenUnie, SGP, SP, 50PLUS en PRO schriftelijke vragen gesteld over de kraamzorg, naar aanleiding van een gesprek en een artikel. Maar de PVV krijgt via allerlei belanghebbenden toch wel zorgelijke signalen binnen. Ik ben meerdere keren gemaild en maak me echt zorgen over het signaal dat er misschien wordt overwogen om de kraamzorg uit het basispakket te halen. In eerdere debatten werd al pijnlijk duidelijk dat kraamzorg in de praktijk lang niet altijd gegarandeerd kan worden, terwijl vrouwen daar vanuit het basispakket wel op moeten kunnen rekenen. De PVV vreest dat de minister het personeelstekort dan niet oplost door kraamverzorgenden te behouden, op te leiden en aan te trekken, maar misschien wel door het recht op kraamzorg af te schaffen. Ik vraag mij echt af of dit signaal klopt. Dan zouden vrouwen niet meer op kraamzorg kunnen rekenen en kan niemand de overheid nog aanspreken op een tekort. Probleem opgelost, maar dit lijkt mij niet de manier. Dit is voor de PVV onaanvaardbaar. Kraamzorg is geen luxe, maar noodzakelijke zorg voor moeder en kind. Kan de minister hier nu klip-en-klaar garanderen dat dit nooit gebeurt? Graag een duidelijk antwoord. Ik heb eventueel een motie klaarliggen om de kraamzorg blijvend te verankeren in de basiszorg. Voorzitter. Ook bij de Europese gezondheidsdossiers zien wij reden tot zorg. De European Health Data Space, een nieuw zbo, de Health Data Access Body, medische gegevens, het opt-outmechanisme: dit raakt aan privacy, nationale zeggenschap en medische vrijheid. Kan de minister garanderen dat medische data voor Nederlanders niet via Europese constructies buiten hun daadwerkelijke controle komen? Blijft Nederland zelf baas over de inrichting van ons zorgstelsel? Voorzitter. Het ministerie gaf vele miljarden uit in 2025. De Kamer moet dan meer krijgen dan een opsomming van akkoorden, agenda's, pilots, monitors, programma's en overlegtafels. We moeten kunnen vaststellen wat al dat geld heeft opgeleverd voor Nederlanders. De Algemene Rekenkamer schetst een dubbel beeld. VWS heeft hardnekkige problemen in het subsidie- en inkoopbeheer eindelijk opgelost. Dat verdient erkenning. Het financieel beheer is echter nog steeds niet op orde. Verantwoordelijkheden zijn niet altijd scherp belegd, complexe financiële dossiers worden onvoldoende beheerst en maatregelen tegen fraude en integriteitschendingen zijn nog niet stevig genoeg verankerd. Hoe borgt de minister dat de verbeteringen structureel zijn? Wie is persoonlijk verantwoordelijk als het financieel beheer opnieuw verslechtert? Wanneer kan de Kamer vaststellen dat deze laatste onvolkomenheid werkelijk is opgelost? De belangrijkste conclusie van de Rekenkamer gaat echter niet alleen over de vraag of geld volgens de regels wordt uitgegeven; het gaat vooral over de vraag of het werkt. Heeft het effect? Dat is essentieel. Dat zien we het duidelijkst bij de zorgakkoorden. Even tussendoor: ik spreek ook namens mijn collega Maeijer. Zij zou normaal gesproken een onderdeel van dit debat doen. Ik spreek ook namens haar. Met het IZA, het AZWA en het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg moet de zorg toegankelijk worden gehouden, moeten personeelstekorten worden teruggedrongen, moeten administratieve lasten worden verminderd en moet de uitgavenstijging worden afgeremd. Voor het IZA was oorspronkelijk 2,8 miljard euro aan transformatiemiddelen beschikbaar. Van de 445 IZA-acties waren er volgens VWS eind 2025 287 afgerond en 146 in uitvoering. Dat klinkt indrukwekkend, maar een afgeronde actie is nog geen beter toegankelijke zorg, een overlegstructuur is nog geen kortere wachtlijst en een toegekende subsidie is nog geen verpleegkundige aan het bed. De Rekenkamer stelt vast dat de minister wel weet welke activiteiten zijn uitgevoerd, maar niet weet of alle maatregelen samen voldoende bijdragen aan goede, toegankelijk en betaalbare zorg. Er is geen duidelijke trend en geen aantoonbaar causaal verband. Dan kan de minister niet volstaan met de mededeling dat honderden acties zijn afgevinkt. Ik sla trouwens een stukje over, hoor. Wat heeft een patiënt aan 287 afgeronde acties wanneer hij nog steeds te lang wacht? Wat heeft de zorgmedewerker daaraan wanneer de administratiedruk niet merkbaar daalt? Wat heeft de belastingbetaler aan miljarden aan transformatiemiddelen wanneer niet aantoonbaar is welke maatregel welk resultaat oplevert? Ik heb zojuist van de minister in reactie op de bijdrage van de rapporteurs gehoord dat zij wel van zin is om het een en ander te doen. Ik heb gehoord wat u zei. Dat wil ik wel even zeggen. De PVV wil geen nieuwe stapel voortgangsrapportages. We willen een beperkt aantal harde doelen, een directe koppeling tussen geld en resultaat en openheid over afwijkingen.
Versie 68300bdb6f10a0de91d99067988a2d575c1e51058049bf735aec372ce069a873 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.