KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 1 okt 2026 · Tweede Kamer

de Algemene Financiële Beschouwingen

Brontekst

Minister Heinen: U heeft helemaal gelijk. Ik schiet in de lach omdat mijn Franse collega precies dit zei: ik ben een beetje de senior, maar laat mij dan ook de wijste zijn in dit geheel. Die dempt dan af en toe het jeugdige enthousiasme en geeft mij de tip: loop niet te snel, Heinen, want als u te snel loopt, verliest u draagvlak. Dat ondervind ik soms ook proefondervindelijk, maar ook daar komen we wel weer uit, want uiteindelijk zullen we moeten samenwerken, linksom of rechtsom, en ik doe het in volle breedte. Voorzitter. Dan had mevrouw Van Brenk ook een vraag over de overheidsfinanciën. Zij vroeg waarom de overheidsfinanciën en -uitgaven de afgelopen tien jaar bijna zijn verdubbeld. Dat heeft ermee te maken dat de uitgaven en inkomsten meegroeien met de economie. Als we naar de afgelopen tien jaar kijken, zijn de collectieve lasten als percentage van de economie ongeveer gelijk gebleven. Dat gaat om de collectieve lasten. We vinden die allemaal te hoog, maar ze zijn wel ongeveer gelijk gebleven ten opzichte van de economie. De collectieve uitgaven als percentage van het bbp zijn iets toegenomen. Als je ook in het licht van de vergrijzing iets naar de toekomst kijkt, dan zien we voornamelijk daar de grote uitdaging. Daar zie je de uitgaven toenemen, met het grote risico dat de consumptieve uitgaven de investeringscapaciteit van ons land uithollen en daarmee ook onze verdiencapaciteit en onze toekomstige welvaart. We zullen er dus met elkaar alles aan moeten doen om dit niet te laten gebeuren. Voorzitter. Dan was er ook een vraag van de heer Hoogeveen over schuld, rente en inflatie. De heer Hoogeveen vroeg mij hoe ik kijk naar de combinatie van oplopende schulden, hoge rentes en hardnekkige inflatie. Ik ben blij met deze vraag, want natuurlijk gaat dit debat over wat dit allemaal betekent voor mensen thuis in hun portemonnee en over wat dit concreet betekent voor de volgende dag. In de vraag van de heer Hoogeveen lag besloten om een stap terug te doen en ons af te vragen waar we nou eigenlijk naar kijken: wat gebeurt er op mondiale schaal? Dan zie je schuldenniveaus tot een ongekend niveau toenemen. De Verenigde Staten zitten op dit moment op een hoger schuldenniveau dan toen ze uit de Tweede Wereldoorlog kwamen. Ook in Europa is het schuldenniveau ongelofelijk hoog. De Verenigde Staten besteden meer geld aan rente dan aan het hele nationale leger; dat is het grootste leger op aarde en het grootste in de wereldgeschiedenis. Dan heb je het over 1.500 miljard. Voorzitter. Ook in Nederland stijgen de rentelasten. Het gaat naar 18 miljard euro. Dat is deels een gevolg van een in absolute termen stijgende staatsschuld, maar ook een gevolg van de rente. Die rente stijgt als gevolg van drie zaken. Dat zit in risico's die zich opstapelen; hogere schulden leiden tot hogere risicopremies. Het zit deels in inflatieverwachtingen. Markten kijken ook hoe het terugbetaald wordt; dat kan wel eens een inflatoir effect hebben en ook dat wordt ingeprijsd. En er is op mondiaal niveau concurrentie van schulduitgifte door de enorme AI-boom. Daar heeft u het, zeg ik ook tegen de heer Dassen. U ziet dat er in de Verenigde Staten en ook internationaal op dit moment zoveel schuldpapier wordt uitgegeven om die AI-investering mogelijk te maken. Dat heeft dus effect op schuldpapier. Ik heb hier ook met mijn Amerikaanse collega-minister van Financiën over gesproken. Zij zijn namelijk zeer enthousiast over de AI-boom en crypto en vinden dat we daarin moeten investeren. Ik stel hem ook de vraag: "Ziet u hier ook de effecten van en de mogelijkheid van overinvesteringen? Uw staatsschuld loopt ook op, deels als gevolg van de oplopende schulden en deels ook als gevolg van concurrentie die u ondervindt van de schulduitgifte inzake de grote AI-investeringen." Dat gesprek vindt plaats en is lastig. Ik merk dat iedereen hier ook wel een beetje van wegkijkt. Op ons eigen continent ziet iedereen dit. Voor iedereen geldt hetzelfde: iedereen staat voor een parlement. Mijn Franse collega zegt: "De schulden zijn te hoog, het begrotingstekort is te hoog. Ik zie de financiële markten nu reageren en dit kunnen we niet heel lang volhouden." Hij zegt ook: "Ik kijk naar een parlement dat niet meer samenwerkt. Niemand wil meer hervormen. Ik kan geen belastingverhoging doen. Ik kan geen uitgavenbeperking doen en de schulden lopen op." Mijn Poolse collega-minister van Financiën zei hetzelfde: "Of het nou een suikertaks is of een overwinstenbelasting, het wordt allemaal geblokkeerd. Als ik een uitgavenbeperking doe, dan wordt het allemaal geblokkeerd." Onze uitdagingen nemen toe. We zullen allemaal moeten investeren in defensie. We moeten energieonafhankelijker worden. We moeten investeren in onze infrastructuur die achterhaald is en onderhouden moet worden. We staan allemaal voor dezelfde uitdagingen. En mijn collega's staan allemaal voor eenzelfde parlement: waarmee de samenwerking moeilijk is. Iedereen voelt ook dat de keuzes die nodig zijn om dit tij te keren, ongelofelijk groot zijn. Ga er maar aan staan; we vragen wel wat van elkaar. We moeten die keuzes ook verdedigen bij onze kiezers en bij onze achterban, want we zijn een democratie. We kunnen dit alleen doen met draagvlak van diezelfde samenleving. Dat vergt van ons en van deze generatie een van de grootste opdrachten waarvoor we kunnen staan. Wij zijn opgegroeid — ik zei het al — in de jaren negentig. We hebben veel voorspoed gekend. Ik hoop dat velen hun jeugd hebben mogen doorbrengen zoals ik die heb mogen doorbrengen. Voorzitter. Nu staan wij voor een keerpunt. De wereld van onze ouders — zo zou ik het willen zeggen — is niet meer. De toekomst waar wij in de wereld naartoe gaan, is ongewis. Wij moeten haar met elkaar vormgeven, deze generatie moet haar vormgeven. Dat betekent dat wij zullen moeten samenwerken en hier compromissen moeten vinden en die schuldenniveaus moeten ombuigen. Als we dat niet doen, dan kijk ik naar een plaatje van oplopende schulden, oplopende rente. Dat gaat niet goed. Dan had ook mevrouw Van Eijk een vraag over de overheidsfinanciën. Zij vroeg naar de oplopende rente en staatsschulden van landen in de eurozone en meer specifiek van Nederland. Ik denk dat ik dit zojuist heb beantwoord. Maar even de Nederlandse situatie: we hebben het over 18 miljard en dat is dezelfde omvang als de begroting van het primair onderwijs, en het is twee keer de politiebegroting. Dat betalen wij aan het eind van de kabinetsperiode aan rente. Dat is geld dat we geven aan obligatiehouders en investeerders, en niet kunnen investeren in onze economie. Tegen iedereen die tegen mij "laat de staatsschuld oplopen" zegt, zeg ik: elke euro rente krijg je niet meer terug en kan ik niet investeren in de economie.

Versie 8ebd053c6d77ac728f80ec8ce8a479f4219a3fe6666a348f34ecd7558c4b1221 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.