KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 5 okt 2026 · Tweede Kamer

Begrotingsonderdeel Handel

Brontekst

Minister Sjoerdsma: Dan komen we bij de handelsverdragen. Ik heb daar in algemene zin over gezegd hoe belangrijk ze zijn. Ik heb ook bij alle Kamerleden het belang geproefd dat zij eraan hechten dat wij onze groep vrienden en handelsvrienden maximaal uitbreiden. De Europese Commissie is daar ook ongelofelijk hard mee aan het werk. Het tempo waarmee deze verdragen nu worden afgesloten, doorbehandeld en naar hoofdsteden worden gestuurd is in vergelijking met de periodes hiervoor enorm toegenomen. Ik denk dat dat ook goed en belangrijk is. Er zijn echt een flink aantal vragen gesteld van een verschillende ordegrootte. Ik zal proberen ze zo netjes mogelijk af te lopen. Mevrouw Maes had het over de aanvullende handelsverdragen op het gebied van grondstoffen. Wij zijn inderdaad voorstander van het opnemen van grondstoffen in deze handelsverdragen, zoals recentelijk bij Chili en Mercosur is gebeurd. Wij dringen daarop aan bij de Europese Commissie. Het is ook een onderdeel van de kabinetsinzet voor de Nationale Grondstoffenstrategie. Waar dat kan, waar dat lukt en waar dat in de besprekingen mogelijk is, blijven wij daar dus achteraan zitten. De heer Bamenga had het over een andere partner, namelijk over Canada. Ik herinner mij nog hoe moeilijk het was om het handelsverdrag met Canada door beide Kamers te krijgen en hoe controversieel dat destijds was. Ik hoop dat dit nu echt is omgeslagen. We zien immers hoezeer wij elkaar nodig hebben. Dat heeft zich het meest recent geuit toen Commissievoorzitter Von der Leyen zei dat Canada het geassocieerde lidmaatschap verdient. Het is overduidelijk dat de Europese Unie en Canada toenadering tot elkaar zoeken. De precieze invulling van dat partnerschap is nog niet helder. Inhoudelijk zijn er natuurlijk tal van terreinen waarop de Europese Unie en Canada meer kunnen doen. Dat kan gaan over handel, dat kan gaan over arctische veiligheid. Die zijn we nu aan het uitwerken. Daar wordt samen met EU-lidstaten vorm aan gegeven. Het aannemen van het "administrative arrangement", in mooi Nederlands gezegd, tussen Canada en het Europees veiligheidsagentschap moet wat ons betreft een onderdeel zijn van die versterkte band, want juist op het gebied van veiligheid hebben we nu het een en ander met elkaar te schaften. De heer Bamenga vroeg ook of wij ons gaan inzetten voor de duurzaamheidsafspraken in het handelsakkoord. Volgens mij had dit betrekking op Indonesië, maar wij vinden het in algemene zin van belang dat deze afspraken worden gemaakt; ik refereer aan het klimaatverdrag van Parijs. Het handelsakkoord tussen de EU en Indonesië bevat afspraken over handel en duurzame ontwikkeling, net als over duurzaam bosbeheer, het beschermen van biodiversiteit en arbeidsrecht. De uitvoering van die afspraken zal worden gemonitord in de reguliere dialoog tussen de EU en Indonesië. Tegen mevrouw Kröger zeg ik daarbij: en met betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld. De verplichtingen zijn afdwingbaar via geschillenbeslechting. Ook hierin is de overeenkomst van Parijs weer als een essentieel onderdeel van het akkoord opgenomen. Dat betekent dat het handelsakkoord bij niet-naleving van deze overeenkomst kan worden opgezegd. Dat geeft maar weer aan hoe cruciaal dat klimaatverdrag voor de Europese Unie is. De heer Bamenga vroeg hoe wij voorkomen dat palmolie uit deze gebieden via vermenging alsnog in onze handelsketens terechtkomt. Vanaf eind dit jaar zal de EUDR worden toegepast. Dat betekent dat bedrijven in hun due diligence moeten nagaan of vermenging van stromen in de keten voor kan komen en welke risico's daarbij ontstaan. Als duidelijk is dat er een risico is op inmenging van stromen die mogelijk niet legaal of niet ontbossingsvrij zijn, dan moeten aanvullende maatregelen worden genomen. Als die risico's niet worden weggenomen, dan kunnen de producten ook niet op de Europese markt worden gebracht. Mevrouw Kröger en de heer Bamenga vroegen ook naar de invoering van de ontbossingswet. "In hoeverre is dit geborgd in al het flankerend beleid in de begroting en hoe zorgen we ervoor dat de lokale maatschappelijke organisaties hierbij worden ondersteund?" Laat ik hierop in algemene zin zeggen dat het kabinet de situatie in Indonesië met betrekking tot de ontbossing nauwgezet volgt. Vanaf eind dit jaar zal de EUDR worden toegepast. Vanuit Ontwikkelingssamenwerking dragen wij 20 miljoen bij aan het Team Europe Initiative, dat landen en gemeenschappen kan ondersteunen bij de uitvoering hiervan. Die gelden staan ook op de begroting. In het kader van het handelsakkoord zullen organisaties vanuit het maatschappelijke veld in de zogenaamde domestic advisory groups input geven over de uitvoering van het akkoord, waaronder de duurzaamheidselementen. Specifiek over Papua: de mensenrechtensituatie daar is echt zorgelijk. Het bespreken van deze mensenrechtensituatie is een structurele, terugkerende component in onze bilaterale relatie met Indonesië. De regio wordt ook met enige regelmaat door het ministerie bezocht. Dan een vraag van de heer Bamenga: "Hoe voorkomen we dat onze handelsrelaties oorlogseconomieën versterken? Wanneer handelspartners bijdragen aan ernstige mensenrechtenschendingen, welke consequenties verbinden we daar dan aan?" In het algemeen zijn er verschillende instrumenten die Nederland en de Europese Unie kunnen inzetten, bijvoorbeeld sanctiebeleid, inclusief werken om sanctieomzeiling tegen te gaan, en maatregelen in het kader van ons handelsinstrumentarium. Ik denk dat we een goed voorbeeld hebben gezien toen we het over Sudan hadden. Toen hebben we, hoop ik, laten zien dat Nederland zich op verschillende manieren inzet om die oorlogseconomie tegen te gaan. Er is een sanctieronde geweest tegen Sudan op goud. We bepleiten wapenembargo's en we kijken naar de handelsrelatie en de discussies die we daarbinnen kunnen voeren. Daarnaast kijken we specifiek hoe je druk kunt uitoefenen op bepaalde elementen van die oorlogseconomie. Meer in algemene zin wil ik over deze vragen het volgende zeggen. Het handelsbeleid bevat verschillende handvatten om oorlogseconomieën tegen te gaan. Onder het Algemeen Preferentieel Stelsel kunnen ernstige mensenrechtenschendingen bijvoorbeeld grond zijn voor het intrekken van tariefpreferenties. Ook bevatten sommige, niet alle, brede handelsakkoorden mensenrechtenbepalingen die kunnen worden ingezet. Afhankelijk van de situatie is dat dus een case-by-casebenadering. De heer Lohman vroeg nog specifiek hoe we de agrifoodkennis nadrukkelijker onderdeel gaan maken van onze handelsstrategie en welke rol wij zien voor bedrijven en kennisinstellingen. Het is ontegenzeggelijk zo dat de Nederlandse agrifoodsector internationaal een bijzondere positie heeft. De sector is dan ook een integraal onderdeel van onze handelsstrategie. Ons postnetwerk, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en het wereldwijd Attaché Netwerk van het ministerie van Landbouw kijken doorlopend naar kansen voor handelsbevordering en het bijdragen aan lokale ontwikkeling. Zij steunen Nederlandse agribedrijven wereldwijd. Daarbij wordt natuurlijk ook nadrukkelijk gekeken naar de samenwerking, het bundelen van bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en overheid in de zogenaamde Dutch Diamond, waar het CDA overigens vaker en terecht aandacht voor vraagt. De heer Hoogeveen stelde over de evaluatie van de vergroening van het instrumentarium de vraag of daarin ook de ondernemers worden meegenomen die afhaken. Sinds 1 januari 2023 is een aantal handelsinstrumenten van de RVO vergroend, in de zin dat bedrijven voor te ondernemen internationale activiteiten extra subsidie kunnen krijgen als ze als groen kwalificeren. Dat is dus een groene prikkel, geen uitsluiting van niet-groene activiteiten, maar een bonus voor groen. Dat betreft de instrumenten: Partners for International Business, Support International Business, de subsidie voor demonstratieprojecten en haalbaarheids- en investeringsvoorbereidingsstudies. Op dit terrein waren er dan ook nog vragen van mevrouw Kröger, over de investeringsbeschermingsverdragen. Ik denk dat ook hier in algemene zin geldt dat dit thema de komende maanden alleen maar actueler zal worden. Vorige week heeft u de kabinetsappreciatie ontvangen van het investeringsverdrag tussen de EU en Indonesië. Dat is een EU-only-investeringsakkoord, naast het handelsakkoord, overigens, waar het kabinet in Brussel mee wil instemmen. Aan het eind van dit jaar, of begin volgend jaar, ontvangt u de tekst voor de ratificatie van de IBO's tussen de EU en Vietnam en Singapore. Dat zijn eigenlijk drie belangrijke partners voor de EU en Nederland. Ik zie dus ook een belang om de eigen investeringsbeschermingsverdragen, de zogeheten IBO's, te vernieuwen en niet op te zeggen. Deze verdragen geven bedrijven namelijk zekerheid als zij in het buitenland investeren, zijn belangrijk voor banen en voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Bovendien dragen ze bij aan de goede relaties met landen buiten de Europese Unie. Het opzeggen van deze IBO's staat daar haaks op. Er liggen ook meerdere verzoeken van landen, inclusief ontwikkelingslanden, om juist met Nederland of andere Europese landen afzonderlijke IBO's af te sluiten. Er is wel vernieuwing nodig, absoluut. Er zijn daarbij drie prioriteiten. Eén: geen bescherming voor brievenbusfirma's. Twee: duidelijk vastleggen dat overheden regels mogen maken in het publieke belang, op het gebied van milieu, gezondheid en veiligheid, die ook gelden voor buitenlandse investeerders. Drie: zorgen voor eerlijke, onafhankelijke en transparante procedures waar een beroep op kan worden gedaan als er geschillen tussen investeerders ontstaan. Daar werken we bilateraal aan met landen, Europees via moderne EU-verdragen en multilateraal in VN- en OESO-verband.

Versie bd2cbbe3064570f3f392a5abcfbf5f368f2688cbc105c2eec3b72af4cff534c7 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 1bff707f64800b4f

12 okt 2026 · e00639ea864a3651

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.