KamerkringInloggen
← Onderzoeken

statement · 5 okt 2026 · Tweede Kamer

Begrotingsonderdeel Handel

Brontekst

Mevrouw Kröger (PRO): Dank u wel, voorzitter. Vandaag hebben we een apart wetgevingsoverleg Handel. Wat mij betreft is dat wederom een uiting van het feit dat handel in deze geopolitiek turbulente tijd zeer belangrijk is en immer belangrijker wordt. Enerzijds worden handelsbetrekkingen steeds vaker ingezet als dwangmiddel. Ondertussen wordt de internationale rechtsorde afgebroken. Dat alles vraagt om een actief en strategisch handelsbeleid, waarbij we samen optrekken met gelijkgestemde landen. Juist nu democratie, mensenrechten, klimaat en biodiversiteit onder druk staan, ligt de keuze voor: willen we die met ons handelsbeleid juist verder versterken of verder ondermijnen? Is handel een middel om, samen met partners, te zorgen voor een stabiele en veilige wereldorde, of kiezen we ervoor mee te bewegen met Trump en wordt handel een doel op zichzelf, louter om de Nederlandse welvaart aan te jagen? Als we kijken naar de Monitor Brede Welvaart, is het duidelijk dat de impact van Nederlands handelen op elders en op later niet goed is. Dat is precies waar onze handel een rol in kan spelen. Als klein land, maar een speler van wereldformaat op handelsgebied, ligt veel van onze impact in onze handelsketens. Of het nou gaat om de scope 3-emissies, de ketenemissies op CO2, of om onze voetafdruk op landgebruik of mensenrechten, kleeft aan veel van wat wij importeren helaas een grote impact elders. Mijn vraag aan de minister is: ziet hij die impact? Hoe kijkt hij naar die Monitor Brede Welvaart en de conclusies daaruit? Als hij die conclusies van de Monitor Brede Welvaart serieus neemt, wat betekent dat dan eigenlijk voor de begroting zoals hij die bij ons heeft neergelegd? Wat zou er dan misschien anders moeten? Sinds 2018 hebben we, vanwege de grote impact die wij wereldwijd hebben, de verplichte Toets Effecten Ontwikkelingslanden. Bij elk relevant wetsvoorstel moet dus worden gekeken wat de impact is op landen in het Mondiale Zuiden. Nu is deze toets in de afgelopen jaren nauwelijks toegepast. Wij begrijpen dat de toets in 2024 maar één keer is toegepast. In een vorig wetgevingsoverleg heb ik hier ook naar gevraagd, maar kwamen we eigenlijk nog niet heel veel verder. De minister gaf toen aan: het gebeurt in principe. Maar toch, als de toets maar één keer is toegepast, kan ik mij gewoon niet voorstellen dat er in 2024 maar één wet is geweest die enige impact had op het Mondiale Zuiden. Kan de minister aangeven wat er op zijn ministerie en de andere coherentieministeries gaat gebeuren om de toepassing van die toets echt te verbeteren? Een van de belangrijkste gevolgen van ons handelen, is natuurlijk de immer verder uit de hand lopende klimaatcrisis. Terwijl grote delen van de wereld nu al hard geraakt worden door klimaatverandering, doet Nederland niet wat het moet doen, niet in eigen land en niet internationaal. Maar een lichtpuntje was toen voormalig premier Rutte tijdens de klimaattop in Glasgow aankondigde geen nieuwe publieke investeringen meer te doen in fossiel. De Glasgow Declaration kwam op een belangrijk moment. Daarin heeft met name de rol van exportkredietverzekeringen veel aandacht getrokken. Vorige week vroeg ik of de minister kan garanderen dat ontwikkelingsgelden in de Global Gateway niet naar fossiel gaan. Helaas was hij toen een stuk minder stellig dan Rutte in Glasgow. Alleen het "do no harm"-principe wordt geëerbiedigd. Dat lijkt me toch echt haaks staan op de Glasgow Declaration. Kan de minister hier verder op ingaan? Investeren in fossiel is namelijk echt het laatste wat we moeten doen. Wat betekent het nou voor ons eigen ontwikkelingsgeld? Wat betekent het voor Europees ontwikkelingsgeld? Zijn wij nou op geen enkele manier publiek geld in fossiel aan het stoppen? Voorzitter. Een belangrijk instrument voor het verder brengen van imvo zijn de OESO-richtlijnen. Toen ik er laatst in het debat naar vroeg, zag ik toch een zweem van trots bij deze minister toen hij aangaf dat hij als Kamerlid erop had aangedrongen dat de OESO-richtlijnen een verplicht onderdeel worden voor het hele BHOS-instrumentarium. Dat is goed en belangrijk wat mij betreft, maar hoe zit het met alle andere subsidies en aanbestedingen? Ik hoop dat hij, als coördinerend minister op dit terrein, echt zorgdraagt dat de OESO-richtlijnen ook op al die andere terreinen richtinggevend zijn. Ik neem het voorbeeld van wind op zee, waar de OESO-richtlijnen via het IMVO-convenant eerder wel stevig in de aanbestedingscriteria zaten, maar nu veel zwakker. Is de minister het met mij eens dat om effectief te zijn, de OESO-richtlijnen in alle subsidies en alle aanbestedingsinstrumentaria van de overheid zouden moeten gelden? Voorzitter. Uiteindelijk is het natuurlijk vooral belangrijk dat we stevige wetgeving hebben om verantwoord ondernemen te borgen. Ik heb het in mijn bijdrage veel over maatschappelijk verantwoord ondernemen, omdat dat wat mij betreft een belangrijk onderdeel is van het handelsstuk van deze minister. We hebben gezien hoe onder druk van Trump en Amerikaanse oliebedrijven als ExxonMobil de Europese regels hiervoor zijn afgeschaft. Terwijl Europa een kans had om de rug recht te houden en koers te houden, deed het dat niet. Gelukkig kan Nederland hierin andere keuzes maken. Ik maak me grote zorgen over het gat tussen de Europese anti-wegkijkwetgeving en de CSDDD-richtlijnen. Deelt de minister die zorgen? Zo ja, wat gaat hij met die zorgen doen? Het kabinet kiest voor minimale invoering. Waarom? Wat betekent dit voor de reeds aangenomen wet tegen kinderarbeid? Hoe taxeert de minister dat gat? Wat betekent het eigenlijk dat we een wet hebben aangenomen om kinderarbeid tegen te gaan en we nu gaan leunen op Europese regels die daarin zwakker zijn? Hoe kijkt de minister naar het feit dat de klimaatplannen uit de CSDDD zijn gesloopt? Zou het voor onze bedrijven juist niet heel goed zijn om klimaatplannen te maken en op die manier op de toekomst voorbereid te zijn? Is groen ondernemen niet juist onze manier om ons comparatieve voordeel te behouden? Voorzitter. Een grote zorg van mij is dat wij beleid maken om de klimaatimpact of mensenrechtenschendingen van bedrijven in handelsketens tegen te gaan, maar dat wij vervolgens schadeclaims krijgen van die bedrijven via de zogenaamde investeerder-staatsarbitrage oftewel ISDS. In veel van onze investerings- en handelsverdragen zitten clausules die het mogelijk maken voor multinationals om schadeclaims in te dienen buiten de nationale rechter om. Een voorbeeld daarvan hebben we vorige week aan de hand gehad tijdens het tweeminutendebat over Petrogas, een groot oliebedrijf uit Oman dat een schadeclaim heeft ingediend omdat wij overwinsten in de olie-industrie gingen belasten na de Russische inval in Oekraïne. Voor mij is dat het perfecte voorbeeld van waarom wij echt een heel groot probleem hebben met dat type investeerder-staatsarbitrage. Een ander voorbeeld is natuurlijk dat het Amerikaanse ExxonMobil ons aanklaagde toen wij met nota bene 146 van de 150 zetels in deze Kamer besloten om het Groninger gasveld te sluiten. Het is te bizar voor woorden dat democratische beslissingen in het algemeen belang op deze manier onder druk komen te staan. Want wat betekent dit eigenlijk, met de druk die het zet op het democratische proces? Durven we als politiek nog wel te doen wat nodig is, als er schadeclaims om de hoek wachten? Ik merk dat de minister zeer, zeer terughoudend reageert, iedere keer als ik het onderwerp "investeringsbescherming" ter sprake breng. Mijn eerste vraag is eigenlijk waarom dat is. Waarom is hij zo terughoudend op dit onderwerp? Kan de minister erkennen dat bepaalde vormen van investeringsbescherming echt een obstakel zijn voor fatsoenlijk klimaatbeleid? Op basis waarvan denkt hij dat de vernieuwde vorm die de EU nu hanteert, geen obstakel vormt? Kan hij mij daarvan overtuigen? Wat doen we met al die verdragen die nog een vorm van investeringsbescherming bevatten en nu dus een obstakel vormen voor klimaatactie? Wat doen we met die hele backlog van tientallen investeringsverdragen die ISDS bevatten? Ik wil dat de minister hier echt scherper op reflecteert en dat hij deze zorgen van niet alleen mij maar ook heel veel maatschappelijke organisaties niet wegwuift. Voorzitter. Een onderwerp dat ik eruit wil lichten qua maatschappelijk probleem is ontbossing. Ik heb jarenlang in Indonesië gewerkt bij het tegengaan van grootschalige tropische ontbossing. Met name de palmoliesector is een grote, grote aanjager van ontbossing. Helaas is Rotterdam een van de belangrijkste bestemmingen. Hoe gat het nu met de invoering van de ontbossingswet? In hoeverre is in de voorliggende begroting het flankerende beleid geborgd dat nodig is om de ontbossingswet en CSDDD goed in te voeren? Hoe zorgen we er bijvoorbeeld voor dat we lokale maatschappelijke organisaties, vakbonden of smallholderorganisaties ondersteunen? Hoe kijkt de minister daarnaar? Hoe kijkt de minister naar het megaproject in Papoea, waar op grote schaal ontbossing plaatsvindt voor palmolie, rietsuiker en ook biobrandstof? Deelt hij mijn zorgen? Op welke manier spreekt Nederland zich hierover uit? Dat gaat over het behoud van biodiversiteit, maar het gaat natuurlijk ook over de landrechten van de bevolking in Papoea. Op grote schaal worden mensen van hun land verdreven. Is dit dan een onderwerp dat bijvoorbeeld op de agenda staat in de onderhandelingen over het handelsverdrag dat de EU momenteel aan het sluiten is met Indonesië? Hoe gaan de afspraken dat we Indonesië gaan ondersteunen om aan standaarden te voldoen, concreet in het conceptverdrag worden vormgegeven? Heeft de minister gezien dat de Amerikaanse douane een invoerverbod voor twee Indonesische palmolieplantages heeft aangekondigd vanwege de uitbuiting van medewerkers? Dat gebeurt onder de forced labour regulation in Amerika. Kijkt Europa daarnaar om daar navolging aan te geven? Kijkt zeker Nederland daarnaar, aangezien wij een van de grootste importeurs van palmolie zijn? Voorzitter. Wij hebben het hier natuurlijk vaker over handelsverdragen. Wat mij betreft hebben we het dan met name over de vraag of het een hefboom kan zijn om mensenrechten aan te kaarten. Enerzijds vraagt deze tijd namelijk om meer handel, zeker met gelijkgestemde landen. Daarmee versterken we namelijk banden en zorgen we voor diversificatie, waardoor we niet afhankelijk zijn van bijvoorbeeld de VS en China. Maar iedere keer als we vragen of de minister gebruik kan maken van die hefboom, om bijvoorbeeld onderwerpen te agenderen, dan houdt hij dat toch af. Ik geef een heel concreet voorbeeld. We hebben afgelopen week echt een stevig debat gehad over de gruwelijke oorlog in Sudan en over het feit dat de Verenigde Naties heel duidelijk zeggen dat de rol die de personen en entiteiten in de Emiraten in het conflict in Sudan spelen, echt significant is. Dat is door de VN heel hard benoemd. Toch merk ik dan in het debat dat de minister dat eigenlijk niet over zijn lippen kan krijgen. Hij blijft zeggen "met dit ben ik het wel eens" of "dat vind ik wel", maar hij kan niet gewoon voluit zeggen: ik veroordeel de rol die de Verenigde Arabische Emiraten in het conflict in Sudan spelen, en ik spreek ze daar ook op aan. Dat was in het interruptiedebat eigenlijk ronduit pijnlijk wat mij betreft. Mijn vraag aan de minister is dus wat hier speelt. Welke belangen spelen hier? Waarom ligt dit zo gevoelig? Waarom lukt het niet om dit te benoemen? Ik hoop eigenlijk dat hij dat vandaag in dit debat wel doet. Voorzitter. Tot slot de rol van het maatschappelijk middenveld. Als we met handel vrede en veiligheid willen aanjagen, dan is de rol van het maatschappelijk middenveld namelijk echt cruciaal, zowel in Nederland als in productielanden. We moeten dat maatschappelijk middenveld versterken. Ik wil een voorbeeld geven uit het werkbezoek dat wij aan Chili brachten. Wij spraken daar een man wiens boerderij en een deel van zijn familie bedolven zijn onder het puin van een verlaten lithiummijn. Dat was een gruwelijk verhaal. In Chili is er vanuit de overheid nauwelijks handhaving op milieuregels. Het is een land met een zeer kleine overheid, waar ongelofelijk veel geprivatiseerd is, en waar deze man echt nergens terechtkon met de pijn die hij had, maar ook niet met de mogelijkheid om dat bedrijf of een overheid ter verantwoording te roepen. Op zo'n moment zijn maatschappelijke organisaties eigenlijk cruciaal om zo'n slachtoffer bij te kunnen staan, maar ook om ervoor te zorgen dat dit niet nog een keer gebeurt en dat die lithium, waaraan zo veel leed zit, niet in handelsketens en uiteindelijk hier in Nederland terechtkomt. De steun aan maatschappelijke organisaties kan lopen via een lokale ambassade, een civic space fund of via Nederlandse ngo's die met lokale partners werken, maar die is echt onderdeel van onze verantwoordelijkheid als we het hebben over maatschappelijk verantwoord ondernemen en de handelsketens. Als wij meer kritieke grondstoffen willen importeren, of het nou uit Chili of Congo is, dan moeten de lokale productiestandaarden op orde zijn. Die maatschappelijke organisaties zijn de oren en ogen in die landen. Dat is dus ook van belang voor de bedrijven die willen voldoen aan de nieuwe Europese regels over bijvoorbeeld ketenverantwoordelijkheid. Mijn vraag aan de minister is de volgende. Inhoudelijk maakt hij duidelijk een koerswijziging ten opzichte van zijn voorgangers van de PVV en de VVD. Hij spreekt dus vele en warme woorden over maatschappelijke organisaties en het maatschappelijk middenveld. Maar hoe zit het nou precies met de budgetten? Ik vind het lastig om te zien dat relatief weinig geld die kant op gaat. Hoeveel geld gaat er vanuit begrotingsartikel 1, Handel, waar we vandaag over spreken, naar de ondersteuning van productielanden bij het voldoen aan standaarden op het gebied van verantwoord ondernemen? En hoeveel gaat er dus naar maatschappelijke organisaties om daarbij een rol te spelen? Voorzitter, hiermee rond ik af. Op het moment dat grote handelsmachten ervoor kiezen om democratie, mensenrechten, internationale spelregels en klimaatbeleid af te breken, moet Europa juist koers houden en de rug rechten. Dat vraagt om een heel helder kompas om op te koersen. In woord lijkt de minister dit kompas zeker te hebben, maar in daad merk ik op vlakken dat hij terughoudend is. Dat is wat mij betreft waar dit debat vandaag over gaat. Dank u wel.

Versie bd2cbbe3064570f3f392a5abcfbf5f368f2688cbc105c2eec3b72af4cff534c7 · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.

Eerdere bronversies

14 okt 2026 · 7ab28ec9d72fc35d

12 okt 2026 · 2009122cf219b4ca

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.