Wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 en het Wetboek van Strafvordering in verband met het vervangen van de recidiveregeling ernstige verkeersdelicten en het invoeren van diverse maatregelen die zijn gericht op een betere aanpak van rijden onder invloed (Wet verbetering aanpak rijden onder invloed) (36586)
Bron, video en gesprek →Partijen door de tijd: Groep Markuszower (2026-01-20–heden) · PVV (2025-11-12–2026-01-19) ·
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Schilder (Groep Markuszower): Voorzitter, dank. Het is 12 mei 2024 wanneer een automobilist op de A58 bij Goes met volle vaart tegen de auto voor hem knalt. Deze automobilist heeft veel te veel gedronken, meer dan drie keer de toegestane hoeveelheid. Het gevolg: de inzittenden van de geraakte auto zijn zwaargewond en een 14-jarig meisje komt om het leven. 14 jaar, voorzitter, een kind dat helemaal niks kon doen aan de keuze van die dronken bestuurder om in zijn auto te stappen, om die auto te starten en om weg te rijden. De gevolgen voor de familie zijn onomkeerbaar. En de dader? Drie jaar gevangenisstraf. Drie jaar, en hij gaat verder met zijn leven. Afgelopen zomer deed het gerechtshof in Amsterdam uitspraak in een andere zaak. Ook hier maakte een man met te veel alcohol op de keuze om in de auto te stappen. Hij reed een fietser aan, met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg. Wat deze zaak nog erger maakt, is dat het rijbewijs van deze man zes dagen voor het ongeval was ingevorderd, met als reden dat hij had gereden met alcohol op. Zes dagen, voorzitter. En als je dacht dat het niet erger kon: deze man was al een keer onherroepelijk veroordeeld voor rijden onder invloed. De straf voor deze dader? Zeven maanden gevangenisstraf en drie jaar rijontzegging. Ik geef nog een voorbeeld. In 2022 rijdt een taxichauffeur in mijn eigen dorp met vier keer de toegestane hoeveelheid THC in zijn bloed en met veel te hoge snelheid tegen de 15-jarige Jim aan. Jim overleeft deze aanrijding niet. De rechtbank vindt twaalf maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en een paar uur taakstraf "een proportionele straf". De familie van deze jongen heeft levenslang, en hoeveel dagen heeft deze man in de gevangenis gezeten? Nul. En zo zijn er nog tal van voorbeelden. Als je daarnaar kijkt, zal het je niet verbazen dat wij vinden dat er iets fundamenteel mis is met de manier waarop wij dit soort feiten bestraffen. Als je namelijk keer op keer met drank op achter het stuur kruipt, maak je een keuze: de keuze om het portier open te trekken, de keuze om op de stoel te gaan zitten, de keuze om de auto te starten en de keuze om gas te geven. Dat zijn meerdere momenten waarop je bij jezelf na kunt gaan: is dit wel verstandig? We kunnen hier eindeloos spreken over tweede kansen, maar op een gegeven moment houdt het wel op. We hebben dan ook met interesse kennisgenomen van deze twee wetsvoorstellen. Op het eerste gezicht zijn het twee verschillende wetsvoorstellen, maar ze gaan uiteindelijk om hetzelfde: hoe zorgen we ervoor dat mensen die door alcohol en drugs een gevaar vormen, daadwerkelijk stoppen en hoe zorgen we ervoor dat deze maatregelen en verboden ook echt iets voorstellen? Wij vinden het goed dat de rijontzegging straks daadwerkelijk uitvoerbaar kan worden. Het is namelijk moeilijk uit te leggen dat, nadat een rechter iemand de rijbevoegdheid heeft ontzegd, die persoon door het nog openstaande hoger beroep voorlopig gewoon nog kan rijden. Als we de wet goed lezen, zien we behoorlijk vaak hetzelfde woordje terugkomen: "kan". De dadelijke uitvoerbaarheid kan worden opgelegd wanneer er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat iemand opnieuw de fout in gaat. Ik wil van de minister weten wanneer dat dan precies is. Is één eerdere veroordeling voldoende? Of moeten het er twee zijn? Moet iemand eerder tijdens een rijontzegging hebben gereden? Hoe voorkomt de minister dat deze bevoegdheid straks te terughoudend wordt ingezet? Ik wil de minister vragen waarom hij, met in gedachten de zaak waarbij iemands rijbewijs werd ingevorderd wegens rijden onder invloed, en zes dagen later rijdt diezelfde persoon, wederom onder invloed, iemand kapot, niet kiest om bij dit soort ernstige verkeersdelicten als uitgangspunt te nemen dat de rijontzegging onmiddellijk ingaat, tenzij de rechter gemotiveerd anders bepaalt. Diezelfde vrijblijvendheid zien we bij de ongeldigverklaring van het rijbewijs. De rechter kan het rijbewijs ongeldig verklaren. Wij vinden dat er situaties zijn waarin de wetgever zelf een grens mag trekken. Wanneer iemand onder invloed door zijn schuld een verkeersongeval veroorzaakt dat een ander het leven kost, wordt het rijbewijs wat ons betreft verplicht ongeldig verklaard, gekoppeld aan een onvoorwaardelijke rijontzegging. Daarom komen wij met een amendement. Voorzitter. Dan de echte recidivisten. Iemand die al eerder veroordeeld is voor het rijden onder invloed, kent de gevaren en kruipt vervolgens opnieuw met drank of drugs op achter het stuur. Wanneer zo iemand door zijn schuld een ander doodrijdt, vinden wij dat de wetgever een duidelijke ondergrens aan de straf mag stellen. Daarom stellen wij voor om voor deze specifieke categorie een wettelijke minimumgevangenisstraf in te voeren. Voor werkelijk uitzonderlijke gevallen behouden wij een hardheidsclausule. Met ons derde amendement willen wij dat de rechter de mogelijkheid krijgt om bij ernstige recidive een levenslange rijontzegging op te kunnen leggen. Wij stellen niet voor dat iedere recidivist automatisch levenslang zijn rijbevoegdheid kwijtraakt, maar in de zwaarste gevallen moet de rechter kunnen zeggen: "U heeft laten zien dat u met uw verantwoordelijkheid niet om kunt gaan; tot hier en niet verder." Voorzitter, tot slot de Alcoholmeter. Eerst even over het alcoholverbod. Dit wetsvoorstel introduceert dat verbod niet. Wij hebben geen bezwaar tegen het idee dat iemand die door alcoholgebruik de fout ingaat, een alcoholverbod krijgt. Waar wij wel moeite mee hebben, is de manier waarop zo'n alcoholverbod binnen ons strafrecht kan worden gebruikt. De regering schrijft zelf dat een onvoorwaardelijke modaliteit met een alcoholverbod een alternatief kan vormen voor vrijheidsbeneming. Het vertrouwen dat iemand zich aan het verbod houdt, kan meewegen bij de keuze voor een deels voorwaardelijke straf. Wat ons betreft mag een alcoholverbod nooit de reden zijn om iemand korter de gevangenis in te sturen. Het verbod mag niet in de plaats komen voor een deel van de straf. Met dat in ons achterhoofd kijken we naar de Alcoholmeter. De Alcoholmeter is een nieuw middel om te controleren of iemand zich aan het bestaande alcoholverbod houdt. Met urinecontroles hebben we momentopnames. Met de Alcoholmeter kan veel intensiever worden gecontroleerd. Dat is goed wat ons betreft. Maar zijn de zorgen die uit de eerdere pilots naar voren kwamen inmiddels verholpen? En zo ja, hoe? Ik vraag de minister: als de Alcoholmeter buitengewoon betrouwbaar blijkt en veel meer vertrouwen geeft in de naleving van een alcoholverbod dan de momentopnames bij urinecontrole, kan het gevolg dan zijn dat voorwaardelijk straffen aantrekkelijker wordt en dat daadwerkelijke vrijheidsbeneming verder naar de achtergrond verdwijnt? Als het antwoord daarop ja is, wegen de voordelen van de Alcoholmeter wat ons betreft niet op tegen de nadelen. Ons uitgangspunt is simpel: toezicht moet boven de straf komen, en niet in plaats van de straf. Ik ben dan ook zeer benieuwd naar de reactie van de minister hierop. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →