Bestaanszekerheid Caribisch Nederland
Bron, video en gesprek →Partijen door de tijd: D66 (2025-11-12–heden) ·
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De voorzitter: Goedemiddag, bon tardi en good afternoon. Hierbij open ik deze vergadering van de vaste commissie voor Koninkrijksrelaties. Vanwege het onderwerp, bestaanszekerheid Caribisch Nederland, zijn voor dit commissiedebat ook de leden van de commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid uitgenodigd. Wij voeren vandaag een commissiedebat met de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Van harte welkom. Welkom aan mijn collega-Kamerleden: de heer Ceder, mevrouw Dijk, de heer De Beer, de heer Tijs van den Brink en mevrouw Nanninga. Mijn naam is Anouschka Biekman. Ik ben voorzitter van deze mooie commissie. Het belangrijke onderwerp dat we vandaag met elkaar bespreken, kan op veel belangstelling rekenen, gelet op de hoeveelheid ingezonden commentaren van organisaties en inwoners van de eilanden. Hartelijk welkom ook aan alle belangstellenden op de publieke tribune en degenen die via de livestream meekijken. We beginnen met de eerste termijn van de Kamer. In de eerste termijn sta ik vier interrupties toe. Ook nog welkom aan collega Tseggai. Vier interrupties zijn dus toegestaan. Ik geef nu graag het woord aan het lid Ceder. U heeft vier minuten voor uw inbreng.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar lid Dijk voor haar inbreng.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel voor uw inbreng. Ik zie een interruptie van het lid Ceder.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. De heer De Beer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Via de voorzitter.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Ceder. Ik wil u erop wijzen dat dit uw derde interruptie is.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Dan nodig ik de heer Van den Brink uit voor zijn inbreng.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik wil u erop wijzen dat we via de voorzitter praten in de commissiezaal. Ik geef de heer Ceder wel nog even het woord, want het was een beetje uitlokking.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja, u stelde een vraag. Dus vandaar.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ja, meneer Van den Brink, heeft u nog een vraag?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja, precies. Ik moet er even inkomen. Ik hoorde net nog dat het wel een beetje gevaarlijk is.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat doen we dan buiten deze commissie om of in de tweede termijn. Mevrouw Nanninga, ik nodig u uit voor uw inbreng.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Tseggai.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Mevrouw Tseggai, ik wil vragen of u aan het einde van uw betoog bent.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U bent door uw tijd heen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Heel kort.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een interruptie van mevrouw Nanninga.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat is fijn. Dat is heel collegiaal. Wilt u hier antwoord op geven, mevrouw Tseggai?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Dat was heel collegiaal. Ik kijk even naar de bewindspersonen om te kijken hoeveel tijd ze nodig hebben. Twintig minuten, hoor ik. Ik schors de eerste termijn van de Kamer. We komen straks terug met de beantwoording van het kabinet. De vergadering wordt dus voor twintig minuten geschorst.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Hierbij hervat ik de vergadering. Welkom terug. We gaan verder met dit commissiedebat. In de eerste termijn van de beantwoording van het kabinet sta ik de commissieleden weer vier interrupties toe. Ik geef nu graag het woord aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt verder met uw beantwoording.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Van den Brink heeft een interruptie.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja. Dat zou ook mijn voorstel zijn geweest.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ook de bewindspersonen wil ik eraan herinneren dat we in deze zaal via de voorzitter praten. Staatssecretaris, u wordt uitgenodigd voor de beantwoording.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja, ik zat te wachten op een punt, want mevrouw Nanninga heeft een interruptie.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. De heer Ceder heeft een vraag.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Er is een interruptie van de heer Van den Brink, maar ik geef eerst het woord aan de heer Ceder.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u door met uw beantwoording. U zit bij het blokje sociaal of nuts.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja, bij het blokje nuts.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Sorry, meneer Ceder, u heeft geen interrupties meer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: In de tweede termijn weer. Ik zou …
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ja, sorry, maar u heeft wel nog een tweede termijn. Staatssecretaris, gaat u door met de beantwoording.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel voor deze beantwoording. Daarmee zijn we ook aan het einde gekomen van de beantwoording in de eerste termijn van het kabinet. Ik wil even inventariseren of er behoefte is aan een tweede termijn. Dat is het geval. Ik zie in ieder geval de heer Ceder, de heer Van den Brink en de heer De Beer. Oké, dan gaan we gewoon het rijtje af. De heer Ceder.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik kijk even naar de minister.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie toch nog een interruptie van mevrouw Tseggai.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we nu echt aangekomen bij de tweede termijn. Bij de inventarisatie is gebleken dat er ook behoefte is aan tweede termijn. Ik wil de commissieleden meegeven dat u voor uw inbreng 1 minuut en 20 seconden heeft. Ik geef het woord aan de heer Ceder.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer De Beer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Brink.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Tseggai.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De minister kan wel gewoon gelijk door? Nou, dank u wel. Dan ga ik over tot de beantwoording in deze tweede termijn. Ik geef het woord aan de minister.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Staatssecretaris, u wenst ook nog te reageren?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Sorry, staatssecretaris, ik geef eerst nog even het woord aan de heer Ceder, zodat hij kan reageren.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Sorry, staatssecretaris, de heer Van den Brink heeft nu zelf een interruptie naar aanleiding van uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u door met uw beantwoording.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik geef even het woord aan de minister. Hij wilde nog wat toevoegen. O, toch niet.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Invoerrechten.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik geef nu eerst het woord aan de minister.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. De staatssecretaris is bij het einde van zijn beantwoording. Dat is mooi. Daarmee zijn we ook aan het einde gekomen van dit debat. Er is behoefte aan een tweeminutendebat, dus de griffier zal dit inplannen met als eerste spreker het lid Ceder. Ik lees ook nog even de toezeggingen van de bewindspersonen op. Ik zie een vraag van de heer De Beer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Die staat ook genoteerd. Dank u wel. Dan wil ik de bewindspersonen, de Kamerleden en de belangstellenden die dit debat hebben gevolgd van harte bedanken. Ik wens u een fijne dag. Hierbij sluit ik de vergadering.
Bron, video en gesprek →