Kinderopvang (CD d.d. 03/07)
Bron, video en gesprek →Bijdragen bij de geselecteerde bron
Open de volledige bron →Staatssecretaris Nobel: Voorzitter, dank u wel. Mooi dat ik hier zo kort voor de verkiezingen kan schetsen waar we staan op het gebied van het nieuwe financieringsstelsel van de kinderopvang. Ondanks de dubbele demissionaire status van het kabinet werken we onverminderd door aan de realisatie van het nieuwe stelsel. Daarom ben ik ook blij, durf ik vanaf deze plek te zeggen, dat mevrouw Palmen terugkeert als staatssecretaris, want wij zijn daar samen ontzettend hard voor aan het lopen. Het is nodig dat we een nieuw financieringsstelsel krijgen. Het is nodig om een einde te maken aan de huidige kinderopvangtoeslag en we bieden met het nieuwe stelsel veel ouders eenvoud, zekerheid en ook betaalbare kinderopvang. Twee belangrijke mijlpalen komen eraan. In oktober publiceren we het wetsvoorstel voor de internetconsultatie. Daarmee is het nieuwe stelsel dan ook echt een stap dichterbij. Daarnaast gaan we er ook aan werken om de toegankelijkheid en doelmatigheid in het nieuwe stelsel goed te borgen. Daarover ontvangt de Kamer nog deze maand een brief. Voorzitter. Dan de moties. Ik begin met de motie op stuk nr. 565 van mevrouw Haage van GroenLinks-Partij van de Arbeid. Ik voel heel erg mee met het verhaal van mevrouw Haage, die schetste dat het voor zieke ouders, met name met long covid, heel vervelend is dat er voor hen door die arbeidseis nog steeds geen bijna gratis kinderopvang is. Maar ik wil toch ook even heel goed kijken naar wat mevrouw Haage in die motie vraagt. Zij vraagt om de hele arbeidseis los te laten, en dat is iets anders dan voor die specifieke groep alleen. De motie gaat echt over alle Nederlanders en moeten in één keer gebruik kunnen maken van bijna gratis kinderopvang. Dit kabinet kiest ervoor om de kinderopvang bijna gratis te maken voor werkende ouders. Dat doen we niet voor niets, want we weten dat de toename die gaat plaatsvinden op het moment dat de kinderopvang bijna gratis wordt, heel groot zal zijn. Als we dat voor alle ouders doen, dan weten we ook dat de wachtlijsten, die er nu soms ook al zijn, alleen maar verder zullen toenemen. Dit kabinet wil niet dat uiteindelijk werkende ouders daar de dupe van worden en nog langer moeten wachten. Ik moet deze motie dus echt ontraden, ondanks de hartenkreet die ik ook heb gehoord van de Partij van de Arbeid-GroenLinks. Maar deze motie roept toch echt op tot iets anders. Ze vraagt om de hele arbeidseis te schrappen en dat is heel onverstandig. Daar gaan werkende ouders echt ontzettend veel last van krijgen en dat kan ik namens dit kabinet niet toestaan. De tweede motie van mevrouw Haage, de motie op stuk nr. 566, verzoekt de regering om voor de volgende ontwerpbesluiten prioriteit te geven aan de middeninkomens. Ook deze motie moet ik ontraden. Ik ben me er heel erg van bewust dat gratis kinderopvang met name voor de middeninkomens ontzettend belangrijk is. Maar als we ons alleen op een of twee inkomensgroepen richten, betekent dat dat we niet goed kunnen monitoren wat er gebeurt. We willen uiteindelijk een betrouwbaar stelsel hebben. Als we pas helemaal aan het einde bijvoorbeeld de hoge inkomens ook gaan compenseren, dan kunnen we dat niet goed volgen, en dat kan ertoe leiden dat de gedachte die we nu hadden — bijna gratis kinderopvang voor alle werkende ouders — in het gedrang komt. Dat moeten we niet willen. Ik begrijp dus de oproep. In die zin steun voor dat pleidooi. Maar uiteindelijk moeten we er ook voor zorgen dat het stelsel toegankelijk is voor alle werkende ouders. Om die reden moet ik de motie ontraden. Voorzitter. De motie op stuk nr. 567 van de heer De Beer vraagt of ik wil onderzoeken of ik de vierde en vijfde dag voor voltijd werkenden volledig gratis kan maken in het nieuwe stelsel. Ik wil deze motie oordeel Kamer geven. Ik kan het doel van de motie goed volgen, want gezien de krapte op de arbeidsmarkt hebben we gewoon iedereen ontzettend hard nodig. Het helpt dan ook als we mensen gaan stimuleren om fulltime te werken. Wel moeten wijzigingen in het ontwerp er niet toe leiden dat het stelsel heel ingewikkeld gaat worden. Daar wil ik de heer De Beer op wijzen. Dat moeten we in ogenschouw houden, want eenvoud, zekerheid en betaalbaarheid blijven bij het nieuwe stelsel het belangrijkste. Als uw Kamer deze motie aanneemt, dan wil ik daar goed naar kijken. Maar ik ga wel kijken of het ook past in het stelselontwerp. Tot slot de motie op stuk nr. 568 van mevrouw Welzijn, van de fractie van NSC. Die motie zou ik als ontijdig willen beoordelen, ook omdat ik nog kom met een brief waar zij zelf ook aan refereerde. In die brief zal ik ook ingaan op de tariefregulering. Tariefregulering is complex. Het is ingrijpend en de overheid gaat dan sterk interveniëren. Ik denk dat het echt belangrijk is om dat met elkaar zorgvuldig af te wegen. Ik begrijp dus uw verzoek, maar de Kamer krijgt nog deze maand een brief waarin u de toegankelijkheid en de doelmatigheid kunt wegen. Ik ga in die brief ook in op zaken waar u eerder om verzocht, zoals staatssteun. Daarom zou ik deze motie als ontijdig willen appreciëren.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Nobel: Ja, voorzitter. Deze maand kom ik met een brief, waarin ik ook op andere aspecten uitvoerig inga, bijvoorbeeld op de staatssteun en de effecten die deze met zich meebrengt. Daar heeft u zelf in een debat om gevraagd. De tariefregulering is gewoon ontzettend complex. Dat zal ik verder uiteenzetten in de brief die u deze maand nog van mij ontvangt. Om die reden wil ik de motie ontijdig verklaren. Als de Kamer de brief heeft kunnen lezen, zal zij beter begrijpen waarom ik nu dit oordeel geef.
Bron, video en gesprek →