KamerkringInloggen
Ruben Brekelmans

Officieel Kamerprofiel

Ruben Brekelmans

VVD →
53debatten
1.506bijdragen
19interrupties
243.084woorden in uitspraken

Partijen door de tijd: VVD (2026-02-23–heden) · VVD (2025-11-12–2026-02-22) · VVD (2021-03-31–2024-07-01) ·

Uitspraken in het geselecteerde debat

Open het volledige debat en de tijdlijn →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Uiteraard. Ik heb drie categorieën. De eerste is het veiligheidsbeeld en de voorbereidingen die wij treffen voor diverse scenario's. Ik zal nog apart stilstaan bij de capaciteiten die we op de eilanden hebben, ook de militaire capaciteiten. Tot slot zal ik het hebben over de samenwerking met de Verenigde Staten, ook op militair terrein.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Als het gaat om het veiligheidsbeeld sluit ik me uiteraard aan bij wat de minister van Buitenlandse Zaken daarover heeft gezegd, namelijk dat er geen sprake is van een acute dreiging voor het Koninkrijk, dat we nauwlettend monitoren en in de gaten houden welke militaire capaciteiten de VS naar de regio brengen en natuurlijk ook welke activiteiten zij uitvoeren, en dat we daarnaast ook een beeld proberen te hebben en te houden van de Venezolaanse capaciteiten, ook wanneer daar eventuele beweging en veranderingen in plaatsvinden. Dat doen we natuurlijk vooral in het inlichtingendomein. We kijken ook steeds aan de hand van indicatoren welke scenario's zich zouden kunnen afspelen en welke het meest waarschijnlijk zijn. Zoals de minister van Buitenlandse Zaken al zei, doen wij er alles aan om te laten zien en te communiceren dat wij niet betrokken zijn bij de nationale operaties van de Verenigde Staten en dat als de spanningen tussen de Verenigde Staten en Venezuela zouden oplopen, wij daar gaan speler in zijn. Dat is, zoals de minister eerder schetste, ook om te voorkomen dat bij Venezuela het beeld zou ontstaan dat wij onderdeel zouden zijn van de operaties die de Verenigde Staten uitvoeren. Dat is ook steeds een afweging — daar zal ik zo meteen nader op ingaan — bij de vraag welke militaire capaciteiten wij in deze fase al naar de regio brengen. Je zou namelijk kunnen zeggen "we schalen onze militaire presentie op", maar dat kan ook weer het verkeerde beeld wekken aan de Venezolaanse kant, namelijk dat wij ook bezig zouden zijn met voorbereidingen voor iets meer dan wat nodig is. Wij maken dus steeds de afweging: "Welke scenario's kunnen zich voordoen? Welke voorbereidingen zijn daarvoor nodig? Hoe kunnen we middelen daar gericht voor inzetten, zonder dat er een verkeerd beeld ontstaat bij een van de partijen, in het bijzonder bij Venezuela?" Dan de scenario's waar wij naar kijken. Dat is aan de ene kant het scenario dat de situatie blijft zoals die nu is. Zoals verschillende leden van uw Kamer natuurlijk zeiden, zouden er wanneer er sprake is van een toename van spanningen, verstoringen kunnen ontstaan, bijvoorbeeld doordat er migratiestromen ontstaan of doordat de aanvoer richting de eilanden wordt bemoeilijkt. In een ernstiger scenario — het "derde scenario", zou je het kunnen noemen — zou de logistieke aanvoer echt in grote mate beperkt kunnen worden en zouden er daardoor ook in de bevoorrading issues kunnen ontstaan. Dan heb je nog een extremere variant waarin er wel sprake zou zijn van toenemende militaire spanningen waar de eilanden toch op de een of andere manier in betrokken zouden zijn. Maar zoals ik zei is dat een scenario dat, op basis van hoe we daar nu naar kijken, zeer onwaarschijnlijk is. Daarvan zeggen we dat dat geen acute dreiging is. Op basis van met name de scenario's een, twee en drie kijken wij naar welke voorbereidingen nou passend zijn. Dan moet u er met name aan denken dat we militaire eenheden die ter ondersteuning zouden kunnen dienen op een snellere "notice to move" zetten, zoals dat heet, dus dat die, wanneer de spanningen toenemen of wanneer er problemen zouden ontstaan, binnen 48 uur in staat zijn om te worden ontplooid richting het Caribische deel van het Koninkrijk. We hebben twee schepen die standaard in het Caribisch deel van het Koninkrijk liggen. Het gaat om een stationsschip dat een patrouilleschip is, namelijk Zr.Ms. Groningen, en een ondersteuningsschip, namelijk Zr.Ms. Pelikaan. De Zr.Ms. Den Helder, een groot bevoorradingsschip, was bij toeval in de regio en we hebben besloten dat voorlopig nog niet te laten terugkeren richting Nederland, omdat het een heel belangrijke rol kan spelen als scenario twee of drie zich zou voordoen en we dus problemen met de bevoorrading krijgen. Voorlopig houden we de Den Helder dus in de regio als extra voorzorgsmaatregel. We wegen natuurlijk continu af of dat passend is en natuurlijk ook wat daar de nadelen van zijn, want ook de Den Helder heeft zijn eigen programma. Die afweging maken we dus doorlopend en continu. Voor nu moet u het vooral als een extra voorzorgsmaatregel zien; we verwachten niet dat dat schip daar op heel korte termijn voor moet worden ingezet. Verder kijken we ook naar extra hulpmiddelen, dus dat die voorradig zijn als die nodig zouden zijn en dat die ook op korte termijn richting de regio kunnen worden gebracht. In die zin hebben we een lijst van dit type voorbereidingsmaatregelen die we op dit moment al treffen. Dan gaat het vooral om maatregelen om ervoor te zorgen dat we snel klaarstaan áls de spanningen en problemen toenemen. Er wordt natuurlijk ook samen met de eilanden gewerkt aan noodplannen, want het is in eerste instantie natuurlijk ook de verantwoordelijkheid van de eilanden zelf om bepaalde zaken voor elkaar te krijgen, zeker als het meer op het civiele terrein ligt. Zij kunnen de ondersteuning van Defensie en van anderen daarbij inschakelen. Het Crisisplan Militaire Dreigingen, dat we dus ook samen met de eilanden maken, is er ook om te kijken hoe we reageren op verschillende situaties of verschillende scenario's die zich voordoen. Dat traject liep al langer en gegeven de toenemende spanning komt dat nu in een wat ander licht te staan. Maar we zijn ook bezig om het crisisplan, los van de noodplannen die we al hadden, nogmaals tegen het licht te houden en we kijken natuurlijk ook wat er, kijkende naar de actualiteit, extra nodig is langs de lijnen die ik net beschreef. Dan waren er nog een aantal specifieke opmerkingen. Over de gevangenissen heeft mijn collega, de minister van Buitenlandse Zaken, al het een en ander gezegd. Als het gaat om de communicatie en de vergelijking met het boekje dat wij in Nederland hebben, denk ik dat het vooral van belang is dat we ook specifiek kijken naar welk type communicatie nou goed werkt op elk van de eilanden. Als wij nu ineens hetzelfde boekje zouden maken als het boekje dat we voor Nederland hebben gemaakt, zou dat ook juist verkeerd kunnen worden opgevat, alsof er nu sprake zou zijn van een enorm grote dreiging voor de eilanden gegeven de actualiteit daar. De minister zei al eerder dat we heel goed bekijken met welke informatievoorziening we er nou voor kunnen zorgen dat de eilanden aan de ene kant goed worden geïnformeerd maar dat er aan de andere kant ook niet te veel paniek en te veel onrust ontstaan, zodat we daarmee niet de plank misslaan. Het was vorige week de Week van de Crisisbeheersing. Dat is een gecoördineerde en reguliere week die ieder jaar is. In die week waren ook alle departementen op de eilanden om met de eilanden te spreken over hoe de rollen en de verantwoordelijkheden zijn in het geval van een crisis en op welke ondersteuning vanuit Nederland er dan kan worden gerekend. In aanvulling op wat de minister zei, kan ik me, waar het gaat om communicatie, overigens heel goed voorstellen dat er heel veel vragen zijn op de eilanden, en dat het, zeker als je de ontwikkelingen van zo dichtbij ziet, frustrerend kan zijn als er geen antwoorden komen. Maar daarbij geldt dat ook wij een heleboel antwoorden niet hebben, bijvoorbeeld die over de intenties en over wat de Verenigde Staten precies van plan zijn. Dan is het niet zo dat we niet genoeg communiceren of dat de kanalen niet openstaan; dan zijn de antwoorden die mensen begrijpelijkerwijs heel graag zouden willen hebben gewoon niet voorhanden. Voorzitter. Dan ga ik naar de defensiecapaciteit.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Dat plan, de noodplannen en de meer structurele aanscherping daarvan worden per eiland opgesteld, want de geografische ligging is anders, de faciliteiten zijn anders en de positie van Bonaire is feitelijk gezien anders dan die van Aruba en Curaçao; dat zijn landen binnen het Koninkrijk, terwijl Bonaire een bijzondere gemeente is. Dat zijn allemaal dingen waar rekening mee wordt gehouden in de verdere uitwerking.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Dan de militaire capaciteiten waar we in investeren. In de defensiecommissie hebben we daar in eerdere debatten ook aandacht aan besteed. Voor heel veel capaciteiten geldt, zeker als het gaat om onze marine, dat wanneer we daarin investeren, dat ook ten goede komt aan het Caribisch deel van het Koninkrijk, omdat de schepen daar ook worden ingezet. De specifieke investeringen die we doen, betreffen onder andere een luchtwaarschuwingsradar en meer counterdronecapaciteiten. De ontwikkelingen rondom drones, hoewel niet in dezelfde mate, vinden natuurlijk ook in Venezuela plaats. De counterdronecapaciteiten zullen op korte termijn dus worden versterkt. Daarnaast investeren we in luchtverdediging. We investeren met name in MANPADS, dus Stingers. De levertijden daarvan zijn wat langer, maar die investeringen zijn al eerder aangekondigd en voeren we natuurlijk uit. Daarnaast zorgen we ervoor dat er meer inzet en capaciteit is voor de verkenningsvluchten van de kustwacht in het Caribisch gebied, zodat we daar ook meer gebruik van kunnen maken om de beeldopbouw scherp te houden. Tot slot de CARMIL, de Caribische Militairen. Op dit moment besteden zij behoorlijk wat tijd aan beveiligings- en bewakingstaken. Die zijn wij vanuit de Defensie Bewakings- en Beveiligingsorganisatie aan het overnemen, zodat de CARMIL meer kan worden ingezet voor de bescherming van de eilanden daar. In die zin wordt daar ook capaciteit vrijgespeeld die voor andere doeleinden kan worden ingezet. Voorzitter. Dat was het wat betreft de militaire capaciteit.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Dat gaat om de samenwerking met de Verenigde Staten. Voor de drugsbestrijding in de regio werken we al heel lang samen met de Verenigde Staten. Al 30 jaar voeren we samen activiteiten uit op dat gebied. De samenwerkingsverbanden die we daarin hebben, verlopen langs de reguliere weg, zou je kunnen zeggen. Als er verdachte boten zijn waarop drugssmokkel of een andere vorm van smokkel plaatsvindt, worden die boten aangehouden en proberen we de betrokken mensen te arresteren en te berechten. Op het moment dat er sprake is van een situatie — dat gebeurt natuurlijk wel met enige regelmaat — waarbij de mensen die we willen aanhouden gewapend zijn en dat tot een gewapende confrontatie leidt, hebben onze mensen natuurlijk de mogelijkheid om geweldsmiddelen in te zetten ter zelfverdediging. Maar langs die weg en die vormen van samenwerking werken we sinds jaar en dag met de Verenigde Staten samen. De vormen van informatie-uitwisseling die in dat kader plaatsvinden, gaan ook door. Als het gaat om Operatie Southern Spear, waar de Verenigde Staten nu mee bezig zijn en die echt een nationale actie betreft, staan wij niet toe dat faciliteiten op de eilanden daarvoor worden ingezet. Ook de luchthaven op Curaçao wordt daar dus niet voor ingezet en ook andere vormen van samenwerking vinden niet plaats in dat kader. Het is echt een nationale operatie van de Verenigde Staten. Voor het uitwisselen van inlichtingen geldt in algemene zin dat ik daar in het openbaar geen uitspraken over doe. Dat geldt ook in dit geval. Dat is niet omdat de aanleiding nu is dat de Verenigde Staten doen wat ze op dit moment aan het doen zijn, maar daar doen we nooit in het openbaar uitspraken over. Als het gaat om de parlementaire verantwoording daarover, is daar een andere commissie voor waarin we daar meer over vertellen. Dat doen we nooit in het openbaar. Er werd ook nog een vraag gesteld over de inzet van counter-drugsoperaties. Binnen onze territoriale wateren en onze exclusieve economische zone gaan wij als Nederland daarmee door. Daar vindt drugsbestrijding plaats. Gelukkig worden daar ook nog drugstransporten in onderschept. De minister heeft al iets gezegd over het verdrag met de Amerikanen en hoe het daar op dit moment mee staat. Volgens mij heb ik daarmee al veel vragen beantwoord. Wanneer de Verenigde Staten een verzoek doen om gebruik te maken van de faciliteiten, bijvoorbeeld van een luchthaven, vragen wij ook steeds, bijvoorbeeld als het gaat om luchttransport, wat het doel is waarvoor de Amerikanen dat willen inzetten. Op het moment dat dit om reguliere activiteiten gaat, dan staan wij dat toe. Hetzelfde geldt voor gebruikmaken van het luchtruim of van territoriale wateren. Op het moment dat de Amerikanen daar geen antwoord op geven of wij het sterke vermoeden hebben dat dit onderdeel uitmaakt van de nationale operatie waar wij geen ondersteuning aan bieden, geven wij die toestemming niet. Dat was hem, voorzitter.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Het simpele antwoord is nee. Dus datgene wat ik zei over de luchthaven op Curaçao geldt voor alle faciliteiten op de eilanden.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Over inlichtingen doe ik per definitie geen uitspraken. Dat is niet omdat ik over dit voorbeeld niet iets wil delen, maar dat doen we gewoon niet in de openbaarheid. Maar wij dragen niet bij aan de nationale operatie van de Verenigde Staten. Omdat wij een nauwe samenwerking hebben in de regio wordt er wel informatie uitgewisseld. Het is niet zo dat de kanalen volledig gesloten zijn op alle mogelijke manieren. Er vindt ook samenwerking plaats die helemaal niks met counterdrugsoperaties te maken heeft, omdat we partners in de regio zijn. Maar als het gaat om de nationale operaties en ook de gebieden waarin de Verenigde Staten acteren, is het niet zo dat wij daar met informatie of op wat voor manier dan ook een actieve bijdrage aan leveren.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: We bekijken het per geval. De Amerikanen zijn natuurlijk gewoon een partner van ons. Als zij gebruik willen maken van de luchthaven of van een haven in de territoriale wateren of zich in het luchtruim willen bewegen en daar toestemming voor nodig is, dan vragen wij ook van hen dat ze die aanvragen. Dan vragen wij natuurlijk ook wat daar de beweegredenen voor zijn. Wanneer het gaat om regulier transport of om gebruik om wat voor redenen dan ook die niks met die nationale operatie te maken hebben, dan staan wij dat toe. Als die antwoorden er echter niet komen of als we een heel duidelijk vermoeden hebben dat dit wel met die nationale operatie te maken heeft, dan werken wij daar niet aan mee. Dat faciliteren we niet. Het kan er dus ook toe leiden dat we voor bepaalde dingen geen toestemming geven.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: We hebben daar natuurlijk via alle mogelijke kanalen contact over met de Verenigde Staten. De minister van Buitenlandse Zaken en diplomaten proberen dat langs de diplomatieke weg. Wij proberen dat ook langs de militaire weg; dat doen we op meer operationeel, strategisch en politiek niveau. De Amerikanen zien natuurlijk de speciale positie die wij hebben met de eilanden en zien ons ook als een partner in de regio, dus zij geven daarbij soms ook aan: als er dingen zijn waar we jullie van op de hoogte dienen te brengen, dan zullen we dat doen, omdat we in die zin ook gewoon partners zijn in de regio. Het is ook maar de vraag of de Amerikanen zelf al bepaald hebben wat ze gaan doen. We kunnen allemaal niet in het hoofd van de president kijken en in de hoofden van de mensen om hem heen die dat type besluiten neemt. Het zou ook kunnen dat de Amerikanen op dit moment nog niet definitief hebben bepaald wat ze willen gaan doen en hoever ze daarin zullen gaan. Minister Van Weel noemde dat zojuist "strategische ambiguïteit". Wij kunnen het dan heel vaak vragen aan onze contacten, maar het zou kunnen dat dat nog niet is bepaald. Ik speculeer daar nu over, want misschien is dat wel het geval; dat weet ik niet. Maar het korte antwoord op uw vraag is: omdat wij die speciale positie hebben, brengen wij dat steeds via alle mogelijke kanalen onder de aandacht, zowel aan de diplomatieke kant als aan de defensiekant als via alle andere contacten die wij hebben.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: We zijn partners in de regio en werken met elkaar samen. We hebben samenwerkingsverbanden in de regio met allerlei hele mooie afkortingen, waaronder F-WHAC, een samenwerkingsverband in de regio met Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Canada. Ik vind het natuurlijk goed als informatie wordt uitgewisseld en je elkaar tijdig op de hoogte brengt wanneer er sprake is van verandering in de activiteiten die je onderneemt. Aan de andere kant heb ik ook begrip voor onze gesprekpartners. Als ook bij hen nog niet bekend is wat het precies is of als er mogelijk nog intern overleg over plaatsvindt aan de Amerikaanse kant, dan kunnen zij het ook nog niet met ons delen. Dus wat dat betreft is de samenwerking er en in die zin zijn de contacten met de Amerikanen veelvuldig. Zij begrijpen de vragen die wij stellen heel goed. Die contacten vinden doorlopend plaats.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Laat ik heel helder zijn: de ontwikkelingen in de regio, rond de eilanden, hebben onze volle aandacht. Die hebben de volle aandacht van het hele kabinet en van de minister van Buitenlandse Zaken en mijzelf in het bijzonder. Daarbij kijken wij natuurlijk heel goed welke spanningen zich voordoen door de retoriek die wordt gebruikt en analyseren wij heel scherp welke militaire capaciteit er naar de regio wordt gebracht. We kijken ook hoe daar in Venezuela op wordt gereageerd, zodat we daar een zo scherp mogelijk beeld van hebben. Op basis van die feitelijke analyse — die proberen we zo goed mogelijk te maken, ook met de capaciteiten die we daar in de regio hebben — kijken we steeds welke voorbereidingen passend zijn. Mocht zich een scenario voordoen zoals ik dat net schetste, namelijk dat de spanningen zodanig oplopen dat het leidt tot verstoringen op de eilanden — dat kan bijvoorbeeld gaan om bevoorrading, migratiestromen, toerisme of het bemoeilijken van de visserij — dan staan wij klaar om daar, bijvoorbeeld binnen 48 uur, ondersteuning te bieden. Niet voor niks houden we dat bevoorradingsschip als extra voorzorgsmaatregel in de regio, zoals ik al zei. Dat doen we in nauw overleg met de eilanden. Onze communicatie verloopt heel zorgvuldig, omdat we niet onnodig paniek willen veroorzaken. Wanneer je onnodig paniek veroorzaakt, kan dat namelijk ook weer invloed hebben op het toerisme, wat we niet willen. We proberen steeds zo goed mogelijk aan te sluiten bij de feiten die we zien en de analyses die we maken. We proberen de juiste balans te vinden, waarbij we aan de ene kant voorbereid en alert zijn en aan de andere kant voorkomen dat er onnodige onrust ontstaat.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Uiteraard. Daarom koos ik mijn woorden net natuurlijk ook zorgvuldig. Defensie is in de regio present, zowel met de capaciteit van de marine die we daar hebben als met de capaciteiten van onze landmacht en de Koninklijke Marechaussee — noem het allemaal maar op — omdat we de Koninkrijkstaak van de bescherming van het Koninkrijk heel serieus nemen. Ook de taak van het verlenen van bijstand in de regio als er sprake is van verstoring op de eilanden of als er tekorten zijn, nemen we zeer serieus. Ook het feit dat we voorbereid moeten zijn op bepaalde scenario's nemen we serieus. Dat betekent dat we al dingen moeten klaarzetten en ervoor moeten zorgen dat er dingen klaarstaan voor het moment dat de situatie verslechtert.

Bron, video en gesprek →
9 dec 2025 · Spreekbeurt

Minister Brekelmans: Jazeker. Laat ik op het punt van de communicatie zeggen dat dit ook voor onze kant geldt. Wij hebben daar langs de militaire kant contact. Onze Commandant der Zeemacht in het Caribisch deel van het Koninkrijk heeft ook heel veel contacten. We hebben afgesproken dat hij ook een wekelijkse mail daarover stuurt, ook al is er niks nieuws te melden. Dan is het bericht in ieder geval: er is geen verandering ten opzichte van wat we eerder te melden hadden. Dat gaat dan in ieder geval naar de minister van Buitenlandse Zaken en ook naar mij. De communicatie met de autoriteiten is de afgelopen maanden heel intensief geweest. Als die het bredere publiek niet bereikt, dan moeten we inderdaad bekijken of er nog andere manieren zijn om dat te doen. Ik zeg daar wel bij dat dit ook in samenwerking met de autoriteiten daar moet gebeuren. We willen ook ervoor uitkijken dat verkeerde dingen die we hier zeggen, daar tot onrust leiden. Daar zullen we steeds goed naar blijven kijken.

Bron, video en gesprek →