KamerkringInloggen

Officieel Kamerprofiel

Olger Olger van Dijk

NSC →
100debatten
971bijdragen
545interrupties
167.450woorden in uitspraken

Bijdragen bij de geselecteerde bron

Open de volledige bron →
22 okt 2024 · Spreekbeurt

De heer Olger van Dijk (NSC): Dank u wel, voorzitter. Met een grootvader die zijn carrière begon bij de Koninklijke Marechaussee en een vader die in zijn diensttijd commandant was op een Centuriontank — de grootste in de Nederlandse geschiedenis, heb ik me laten vertellen — is het een voorrecht voor mij om hier als woordvoerder Defensie deze debatten te doen. Ik ben dan ook bijzonder trots op de mannen en vrouwen van onze krijgsmacht, die zich inzetten voor vrede en veiligheid in deze wereld en van ons land. Voorzitter. Met de huidige dreiging in de wereld is het noodzaak dat we zo veel en zo snel mogelijk investeren in de veiligheid van ons eigen grondgebied en dat van de NAVO-partnerlanden, onze eerste hoofdtaak. De nadruk van de defensie-inzet ligt daarmee niet meer op hoofdtaak twee, zoals de vredesmissies van de laatste decennia. De missies die we vandaag bespreken vallen overigens in beide categorieën. Kan de minister van Defensie aangeven wat de verhouding wordt tussen hoofdtaak één en hoofdtaak twee bij de inzet van personeel? Hoe beoordelen we in de toekomst aan welke vredesmissies we nog deelnemen? Dat sluit denk ik aan bij de vraag van mevrouw Van der Wal over de visie op missies. Is daar een afwegingskader voor te ontwikkelen waarbij ook Nederlandse belangen een rol spelen? Denk bijvoorbeeld aan handelsverkeer en stabiliteit aan de randen van de EU. Voorzitter. Daar speelt de beschikbare personeelscapaciteit ook een belangrijke rol in. Met de personeelstekorten waarmee Defensie op dit moment kampt, is het de vraag of onze krijgsmacht wel in staat is om alle lopende en geplande missies te bemensen. Graag hoor ik een reflectie van minister Brekelmans op dit punt. In hoeverre beperkt personeelskrapte onze inzet bij het aantal missies dat tegelijkertijd kan worden uitgevoerd? Hoeveel ruimte is er überhaupt nog voor vredesmissies — hoofdtaak twee — in relatie tot de steeds belangrijker wordende landsverdediging en afschrikkingstaak? Voorzitter. Dan heb ik nog een aantal vragen bij de diverse missies. De Nederlandse bijdrage aan de missie EUFOR Althea dient een belangrijk doel: aan de poort van de EU de politieke en sociale stabiliteit in Bosnië en Herzegovina en de Balkanregio bevorderen. Hoe duidt de minister van Buitenlandse Zaken de politieke ontwikkelingen in Bosnië en de risico's voor de veiligheidssituatie ter plaatse? Van beide bewindspersonen wil ik graag weten hoe zij de verlenging van de missie zien ten opzichte van de politieke ontwikkelingen en risico's. En hoe zien zij de capaciteitsinzet die dit zal vergen? Voorzitter. Eerder dit jaar hebben we middels de artikel 100-briefprocedure onze goedkeuring gegeven aan een maritieme bijdrage van de Karel Doorman aan de Europees geleide missie ASPIDES, want het is belangrijk om het commerciële scheepsverkeer op deze cruciale route beschermen. Naast de inzet van het marineschip zijn twee stafofficieren voor ASPIDES werkzaam. Inmiddels zijn we een halfjaar verder. De Karel Doorman ligt weer in onze haven, maar het gevaar in het Rode Zeegebied is alleen maar geïntensiveerd door de geweldsescalatie in het Midden-Oosten. Kan de minister aangeven hoelang en in welke vorm Nederland gaat bijdragen aan ASPIDES? Is het kabinet van plan met de toename van dreigingen vanuit de Houthi's de inzet vanuit Nederland uit te breiden? Voorzitter. De oorlog op de oostflank raakt onze buitengrenzen, waardoor het samenwerken met de Baltische staten essentieel is voor onze veiligheid. In de beslisnota van de voortgangsrapportage oostflank worden lessons learned genoemd. Een daarvan is de beperkte beschikbaarheid van het oefenterrein in Rukla, waardoor de Nederlandse eenheden gehinderd worden in de mogelijkheden voor training. Kan de minister van Defensie deze inschattingsfout duiden? Welke les wordt hieruit getrokken voor andere missies? Moet de aanwezigheid van voldoende trainingsmogelijkheden bijvoorbeeld structureler in de voorbereiding van missies worden bekeken? Voorzitter. Tot slot de voorgenomen inzet in Estland voor onder andere air policing. Vanaf december 2024 zal Nederland bijdragen met een flexibele inzet van drie tot tien F-35 toestellen. Dat is belangrijk, maar het vraagt een mogelijk fors aantal van onze inzetbare F-35's. Hoe wordt die range tussen drie en tien bepaald? Wat betekent dit voor de mogelijke inzet van onze F-35's elders, om te beginnen die met een surveillancetaak boven het Nederlandse grondgebied? Dank u wel.

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Interruptie

De heer Olger van Dijk (NSC): Dank voor de uitgebreide toelichting van de minister van Buitenlandse Zaken op de situatie in Bosnië en de toelichting daarvoor op de missies. Het is natuurlijk wel een voorbeeld van een missie die stabiliteit tot doel heeft en die tegelijkertijd ook raakt aan Nederlandse belangen en aan de Europese Unie. Ik hoor de minister verder zeggen dat er nog betrokkenheid is, maar die is minder dan die was. Ook gezien de bredere context van alle missies waarin we ons vooral op hoofdtaak 1 moeten richten: in hoeverre is dit nou een missie waarvan verlenging toch welwillend zou worden beoordeeld, ook als dat weer meer inzet gaat vergen dan we nu hebben? Ik realiseer me dat het een vraag aan beide bewindspersonen is, maar dit leek me een goed moment om die vraag te stellen aan de minister van Buitenlandse Zaken.

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Interruptie

De heer Olger van Dijk (NSC): Misschien komt de minister hier nog aan toe, maar mijn vervolgvraag was als volgt. We hebben beperkte capaciteit wat betreft de inzetbaarheid van de F-35's. Wat doet dit dan voor andere plekken in de wereld? Maar om te beginnen: wat doet dit boven het Nederlandse grondgebied? Die dragen daar natuurlijk ook bij aan surveillance.

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Spreekbeurt

De heer Olger van Dijk (NSC): Dank u wel, voorzitter. Ook namens mij en mijn fractie dank voor de uitgebreide beantwoording. Er is veel beantwoord. Naar mijn idee is er ook een enkel ding blijven liggen. Ik ben in ieder geval heel blij met de visie op de samenhang van missies, waar ik in de eerste termijn zelf om had gevraagd. Ik heb de indruk — dat is nog een vervolgvraag — dat daarin ook wordt ingegaan op hoe de afweging van de verschillende belangen tot stand zou kunnen komen. Ik hoorde de minister in ieder geval zeggen dat het in eerste instantie om de landsverdediging gaan. We hebben een EU-belang, maar we hebben ook belangen in het buitenland. Dat roept bij mij de vraag op hoe, mocht dat ooit aan de orde komen, je bijvoorbeeld een stabiliserende missie in Zuid-Sudan of Darfur weegt; ik noem maar een voorbeeld. Misschien kan daar nog iets over worden gezegd. Misschien is dat ook iets voor in de brief. Er werd wel gesproken over andere veiligheidsdreigingen. Ik had nog een vraag over ASPIDES. Kan de minister aangeven in welke vorm Nederland kan blijven bijdragen? Hier is juist een duidelijk Nederlands belang aan de orde als zeevarende natie die we zijn. Vanuit NSC zien we ook het belang om daaraan te blijven bijdragen. Ook vraag ik of er onderzoek kan worden gedaan om die inzet eventueel uit te breiden. Daar zou ik graag nog een reactie op willen hebben. Ten slotte ben ik ook blij met de reactie van minister Brekelmans op de vraag hoe we omgaan met de lessons learned op de twee niveaus die er zijn. Misschien toch nog even concreet naar aanleiding van het voorbeeld in Litouwen ...

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Spreekbeurt

De heer Olger van Dijk (NSC): Mijn laatste vraag is in hoeverre we in het vervolg bij missies structureler naar juist dit element van trainingsmogelijkheden kijken. Dank u wel.

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Interruptie

De heer Olger van Dijk (NSC): Bij het laatste kan ik me natuurlijk alleen maar van harte aansluiten namens mijn fractie. Ik had toch nog een verduidelijkende vraag. Ik had in de brief inderdaad gelezen dat al wordt gekeken naar eventuele verlenging van EUFOR, maar mijn vraag was echt op ASPIDES gericht. De Houthi's houden niet op, zal ik maar zeggen, met die geweldsescalatie. Mijn vraag is om ook daarvoor specifiek te bekijken of de inzet weer kan worden uitgebreid. Graag nog een reactie op dat punt.

Bron, video en gesprek →
22 okt 2024 · Interruptie

De heer Olger van Dijk (NSC): Ik ben blij met de toezegging. ASPIDES wordt daar dus ook in meegenomen, begrijp ik? Het is goed om dat even te memoreren. Dank.

Bron, video en gesprek →