Implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1203 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht en tot vervanging van de Richtlijnen 2008/99/EG en 2009/123/EG (Implementatiewet herziene Europese richtlijn milieucriminaliteit) (36876)
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Teunissen (PvdD): Dank u wel, voorzitter. Vandaag spreken we over het strafbaar stellen van zeer ernstige milieucriminaliteit, oftewel ecocide: het op grote schaal beschadigen van ecosystemen. Ecocide betekent letterlijk "het doden van ons huis". Ecocide: de moedwillige verwoesting van ons leefmilieu. Het woord bestaat al sinds 1970, en 50 jaar later is er eindelijk een juridische definitie. Een panel van topjuristen legde in 2021 vast wat ecocide precies inhoudt: onwettige of moedwillige daden, gepleegd met de wetenschap dat ernstige en wijdverspreide of langdurige schade aan de natuur zeer waarschijnlijk is. In 2024 dienden de eilandstaten Vanuatu, Fiji en Samoa een officieel voorstel in om ecocide toe te voegen aan het Statuut van Rome. Landen die het water letterlijk voelen stijgen, wachten niet langer af. Rusland, Oekraïne, Frankrijk en België hebben ecocide al eerder in hun eigen wetboeken opgenomen. De Europese Unie voerde in 2024 zwaardere straffen in voor ernstige milieumisdrijven, en de implementatie van die wet ligt vandaag voor. Eindelijk, zou ik willen zeggen, want na jarenlange strijd wordt grootschalige beschadiging van ecosystemen als eigenstandige strafverzwaringsgrond toegevoegd aan het Wetboek van Strafrecht. Het milieustrafrecht krijgt hiermee een meer ecocentrisch karakter, en dat is een overwinning voor al de mensen die ecocide jarenlang op de agenda hebben gezet. Strafbaarstelling van ecocide is voor een betere bescherming van mens, dier en natuur hard nodig. Vervuiling door de industrie veroorzaakt bijvoorbeeld in Nederland alleen al jaarlijks zo'n 7 miljard euro aan maatschappelijke schade. De grote vervuilers houden ondanks deze wet nog een te sterke rechtspositie ten opzichte van de kwetsbare waarden. De herziene richtlijn biedt een kans om de bescherming van de leefomgeving centraler te stellen in het strafrecht. We zien dat er nog wel wat verbetering plaats kan vinden, en daarom willen we vandaag een aantal verbetervoorstellen doen. Niet voor niks kwam ons voormalig Partij voor de Dieren-Kamerlid Lammert van Raan in 2023 met een initiatiefwet om ecocide strafbaar te stellen. Daar zat wel wat meer in dan wat de minister nu in deze vertaling naar Nederland zet. Wij kiezen ervoor om nu een aantal verbeteringen voor te stellen op basis van de initiatiefwet van Van Raan. Voorzitter. Bij de voorgestelde implementatie moet de aanzienlijke schade wijdverbreid en onomkeerbaar of langdurig zijn. Daarmee worden verschillende voorwaarden tegelijkertijd gesteld. Het internationale panel van juridische experts dat de definitie van ecocide heeft opgesteld, hanteert een andere benadering. Volgens hun definitie kan er sprake zijn van ecocide wanneer de schade aanzienlijk is en daarnaast wijdverbreid, onomkeerbaar of langdurig. Mijn vraag is: waarom heeft de minister er niet voor gekozen om de definitie van de experts te volgen, maar heeft hij voor een minimalistische benadering gekozen? Voorzitter. Dan kom ik tot de toelichting van onze amendementen. We vinden dat de strafbaarstelling van milieucriminaliteit zoals die nu in de wet staat, niet herkenbaar maakt dat het ook om ecocide gaat. Daarom zouden wij willen voorstellen om in de citeertitel ook expliciet te verwijzen naar de strafbaarstelling van ecocide. Zo begrijpen mensen beter waar het over gaat, en wordt ook het historische moment gemarkeerd dat er een strafverzwaringsgrond komt voor ecocide. Dan ons amendement. De voorgestelde wet voorziet in een strafverzwaring wanneer aanzienlijke schade wordt berokkend aan een Natura 2000-gebied, maar we hebben daarnaast ook andere gebieden die van groot belang zijn voor de bescherming van de natuur in onze omgeving. Denk bijvoorbeeld aan grondwaterbeschermingsgebieden. Deze gebieden dragen in belangrijke mate bij aan het natuurherstel van Nederland, maar staan ook onder druk door bijvoorbeeld de grootschalige verspreiding van pfas.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ja, voorzitter. Dat kost wel een beetje extra tijd, want die heb ik niet bij de hand.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Even kijken, hoor. Het opnemen van ecocide in de citeertitel gaat om het amendement op stuk nr. 11. Dan hebben we nog het oppervlaktewater, waar ik nu over begonnen ben; dat gaat om het amendement op stuk nr. 10. Zoals ik zei: de grondwaterbeschermingsgebieden dragen ook in belangrijke mate bij aan het natuurherstel van Nederland. We zien dus dat ook die gebieden onder druk staan, onder andere door de verspreiding van pfas. Het kan niet zo zijn dat het niet strafbaar zou zijn om deze gebieden in ernstige mate te vervuilen. Hetzelfde geldt als we kijken naar het Natuurnetwerk Nederland. Dat is ook beschermde natuur, die we zouden moeten koesteren en beschermen tegen grootschalige milieuschade. Daarover gaat ons amendement: we willen dat de straf wordt uitgebreid richting deze gebieden. Voorzitter. Ook vragen we aandacht voor de implementatie van de richtlijn in Caribisch Nederland. De EU-richtlijn is logischerwijs geïmplementeerd in de wetgeving van Europees Nederland, maar we hebben niet voor niets het "comply or explain"-principe voor het Caribisch gebied. Wetgeving moet zo veel mogelijk gelijkgetrokken worden. Een milieudelict is niet minder ernstig omdat het op Bonaire, Sint-Eustatius of Saba wordt gepleegd. Denkt de minister daar ook zo over? Op de BES-eilanden zijn geen Natura 2000-gebieden, maar er zijn wel andere beschermde natuurgebieden. Daarom is het van belang dat de definitie van beschermde habitat aansluit bij de natuur die daar daadwerkelijk bescherming nodig heeft. Dit gaat trouwens om een motie, niet om een amendement. Mijn vraag is wel of de minister bereid is om te kijken naar de implementatie van de wet op de BES-eilanden. Zoals ik zei, overweeg ik een motie op dit punt. Voorzitter. Ik heb nog één amendement niet toegelicht, het amendement op stuk nr. 12. Dat heb ik aan het begin van mijn bijdrage genoemd. Het gaat over de definitie van ecocide. De experts op het gebied van ecocide hebben een bredere definitie van milieucriminaliteit. Mijn amendement voorziet erin om aan te sluiten bij die definitie. Voorzitter. Dan heb ik nog een aantal opmerkingen over de handhaving. Betere wetgeving heeft alleen effect als er ook gehandhaafd kan worden. Zoals de Onderzoeksraad voor Veiligheid al concludeerde in het rapport Industrie en omwonenden, kampen overheden en omgevingsdiensten met een kwetsbare informatiepositie en een tekort aan onafhankelijke meet- en handhavingscapaciteit. Er zijn structurele middelen nodig voor het substantieel versterken van de capaciteit, expertise en onafhankelijke meet- en handhavingstaken binnen de gehele keten. Op welke manier heeft de minister hier aandacht voor? Op welke manier gaat hij de handhaving versterken? Voorzitter. Georganiseerde criminaliteit stopt niet bij de grens. Dat geldt ook voor de handel en activiteiten die ernstige milieuschade veroorzaken. Van 19 tot en met 23 oktober vindt er een conferentie plaats van UNTOC, waar het ook weer over milieucriminaliteit gaat. Daar ligt een kans om de internationale samenwerking verder te versterken. De Partij voor de Dieren zou graag willen zien dat Nederland zich tijdens die conferentie uitspreekt voor een vierde aanvullend protocol over milieucriminaliteit en dat Nederland zich actief inzet voor een besluit om onderhandelingen daarover te starten. Wil de minister dit overwegen? Zolang landen afzonderlijk proberen om grensoverschrijdende milieucriminaliteit aan te pakken, blijven er mogelijkheden om onder die verantwoordelijkheid uit te komen. Internationale samenwerking is noodzakelijk om te voorkomen dat ernstige milieuschade steeds opnieuw kan plaatsvinden en om de daders te kunnen opsporen. Tot slot, voorzitter. Deze herziene Europese richtlijn is echt een enorme stap vooruit en biedt daarnaast een uitgelezen kans om nog een stap te zetten richting een systeem waarin mens, dier en milieu echt beter beschermd worden. We roepen het kabinet daarom op om deze kans ook ten volle te benutten. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Mijn vraag gaat over de aanzienlijke schade. Die wordt natuurlijk ook toegebracht aan grondwaterbeschermingsgebieden en aan Natuurnetwerk Nederland. Zoals het nu in de implementatiewet staat, vallen alleen Natura 2000-gebieden onder dit punt. Hoe ziet de minister dat? Waarom wordt dat niet uitgebreid?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Dat is helemaal goed. Dan heb ik nog wel een andere vraag. Die gaat over de definitie. De minister zegt dat we de lat ook weer niet te laag moeten leggen. Dat is eigenlijk zijn argumentatie om te zeggen dat het én onomkeerbaar én langdurig én nog een criterium moet zijn. Even kijken, hoor. Wat was het derde criterium ook alweer? Wijdverbreid, dat was het. Wijdverbreid betekent op zichzelf toch al aanzienlijke schade? Dat is op zichzelf toch al een reden? Wat is nou precies de onderbouwing waarom hij afwijkt van de experts die zeggen dat je het of-of moet maken?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ik heb nog één vraag. Dat is een argument om aan te sluiten bij de richtlijn, maar Nederland kan natuurlijk ook zelf het initiatief nemen als iets wijdverbreid is. Denk aan de pfas-schade; die is wijdverbreid. Zou Nederland zich er niet beter voor kunnen inzetten om daadwerkelijk de experts te volgen en daadwerkelijk daarbij aan te sluiten? Heeft Nederland daar extra inzet op gepleegd?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Tot slot: volgens mij is vooral het criterium of er aanzienlijke schade aan een ecosysteem wordt toegebracht. Misschien is pfas dan niet het goede voorbeeld, want aan die drie criteria voldoet pfas wel. Maar bijvoorbeeld schade aan het drinkwater of uitstoot van CO2 hoeven niet per se onomkeerbaar te zijn, maar kunnen wel wijdverbreid zijn. Het hoeft ook niet langdurig te zijn. Dus op welke manier weegt de minister nou dat het gaat om aanzienlijke schade aan een ecosysteem? Hoe zwaar weegt dan het ecosysteem in dezen?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ja, voorzitter, dat klopt. Het gaat over de bescherming. Het kabinet zegt eigenlijk: we sluiten aan bij de richtlijn als het gaat om de definitie van een beschermde habitat. Nou is het wel zo dat Nederland zelf Natura 2000 tussen haakjes eraan heeft toegevoegd terwijl dat niet in de Europese richtlijn staat. Dat is wat mijn fractie betreft best onduidelijk. Bij de grondwaterbeschermingsgebieden en de Natuurnetwerken Nederland is namelijk ook sprake van schade aan ecosystemen. De minister zegt "het kan zijn dat het eronder valt", maar is het dan niet juist fijn om meer duidelijkheid te geven, van: deze gebieden vallen er ook onder? Ik heb dus twee punten. Nederland wijkt volgens mij sowieso af van de richtlijn. Zou je dan ook niet meer duidelijkheid moeten bieden door uitbreiding naar andere gebieden?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ja, ik had nog één ander punt. Dat gaat over de strafbaarstelling van praktijken van Nederlandse bedrijven in het buitenland die aanzienlijke schade veroorzaken. De minister zegt: dit amendement is overbodig. Ik snap dat het gebruik is om dit per besluit te regelen, maar mijn amendement stelt echt voor om dit bij wet te regelen, zodat wij als Kamer meer sturingsmogelijkheden hebben. Als de minister het zo beziet, oordeelt hij dan nog steeds "overbodig", of is het dan daadwerkelijk een extra sturingsinstrument van de Kamer om grootschalige milieuverontreiniging in het buitenland aan te pakken?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Dank u wel, voorzitter. Laat ik even vooropstellen dat de Partij voor de Dieren het goed vindt dat er in het milieurecht nu een verschuiving plaatsvindt van antropocentrisme naar ecocentrisme; zo zeggen we dat. Die stap moedigen wij aan. Daarom ook steun voor deze implementatiewet. Ik vind het wel jammer dat de regering echt alleen maar het minimale doet om die richtlijn ook daadwerkelijk te vertalen. Ik hoop dus wel dat de Kamer een aantal van onze voorstellen om dat te verbeteren gaat steunen. Ik heb nog een motie over het Caribisch gebied. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we de koraalriffen en andere kwetsbare ecosystemen in het Caribisch gebied de volwaardige bescherming geven en minimaal de bescherming die we hier ook hebben. Ik juich toe dat de minister heeft gezegd dat het kabinet dat gaat onderzoeken. Ik heb daarop de volgende motie.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Voorzitter. Ik zou de minister toch willen aanmoedigen om flink stelling te nemen tijdens die conferentie van partijen bij het VN-verdrag UNTOC. Het is heel goed dat hij in gesprek gaat met zijn collega's. Ik zou dit graag met een motie toch nog ietsje verder willen brengen, zodat we ook echt aan de slag gaan voor die conferentie.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Voorzitter, tot slot. Zoals ik al memoreerde in mijn bijdrage in eerste termijn, heeft de Partij voor de Dieren in 2023 een initiatiefwet ingediend over ecocide. Dat heeft ermee te maken dat wij zien dat het slecht gesteld is met het milieustrafrecht en dat er echt meer nodig is. Daarom sturen wij aan op een herziening van het milieustrafrecht, om niet alleen de ecosystemen, maar ook de rechtspositie van slachtoffers van milieucriminaliteit centraal te stellen. Daarom heb ik de volgende motie.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Tot slot dank ik de minister. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ik heb er ook nog even goed naar gekeken. Het is inderdaad onduidelijk of dit nou alleen maar reikt tot Natura 2000-gebieden of dat het verder gaat. Het heeft een voordeel om de grondwaterbeschermingsgebieden en het Natuurnetwerk Nederland expliciet te benoemen. In de omgeving van de 200 drinkwatergebieden die we hebben, vindt op dit moment heel veel verontreiniging plaats, ook van ecosystemen. Het punt is: als je het niet expliciteert, is er de kans dat de grondwaterbeschermingsgebieden, die juist zo belangrijk zijn, buiten de reikwijdte van deze wet vallen. Dat wil je volgens mij voorkomen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Het punt is dat grondwaterbeschermingsgebieden en Natuurnetwerk Nederland ook beschermde gebieden zijn, alleen via de provincie en niet via het Rijk. In die zin biedt de richtlijn natuurlijk wel degelijk ruimte om ook deze gebieden aan te merken. Kan de minister in ieder geval beamen dat dat zo is, maar dat hij daar niet voor kiest en dat hij dus eigenlijk voor een nauwe definitie van "beschermde habitat" kiest als hij zich alleen maar beperkt tot Natura 2000-gebieden?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Ik heb een korte vraag over die conferentie. Ik ben blij dat de minister in ieder geval met zijn collega's in gesprek wil gaan. Die conferentie is natuurlijk wel al bijna aan de orde. Ik vroeg me dus af of hij kan toezeggen dat hij de Kamer over de inzet informeert voordat de conferentie plaatsvindt. Dan overweeg ik namelijk om de motie aan te houden.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Oké.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Die begint op de 19de.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Teunissen (PvdD): Dat is heel fijn. Dan houd ik de motie voor nu even aan. Ik hoop eigenlijk dat er voor de stemmingen nog wel iets van een bericht komt, zodat we dan opnieuw een afweging kunnen maken. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →